is toegevoegd aan je favorieten.

De baanbreker; volksblad voor de provincie Utrecht, 1894, no 8, 20-01-1894

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

No. 8.

Zaterdag 20 Januari.

1894.

DE IIINBIEKER.

Volksblad voor de Provincie Utrecht.

Vnnr 15 et. Tier maand of 45 et. per

nii.n .1 n,n huis bezora-d op plaatsen

gevestigd. Postabonné's 45 ct. per kwartaal

Alles bij vooruitbetaling.

KLACHTEN

over 't niet-ontvangen van dit blad kwamen deze week bij ons in. e ichijnt, dat er enkele bladen op de j)ost verongelukken en daarom zullen ye voortaan voor liet postkantoor menige bladen gratis beschikbaar stellen — er behoeven dan geene Ex. meer te verongelukken.

kwartaal wordt dit blad

waar agenten zijn

Eedacteur: Mr. P. J. TROELSTRA. Uitgever: H. KENTHER.

Bureau: I>eldstclie Straatweg 17c, Utrecht.

Verschijnt eiken Zaterdag.

Prijs der Advertentiën: 5 regels 25 ct., elke regel meer 4 Voor abonnementen en advertentiën wende men zich tot Agenten of den Uitgever.

Zij en

He Vrijheid tem mar mi Brood.

Den 19 Jannari werden drie arbeiders te Appelscha ontboden bij den Burgemeester, die hen in een logement wenschte te spreken, 't Waren mannen, die altijd op de bres stonden, waar het gold, de belangen van hun gezin en die hunner lotgenooten te verdedigen, het waren Timmer, de Jong en Bruinsma.

Vol moed voldeden zii aan het bevel. Im¬

mers zij waren zich niets kwaads bewust; gewerkt hadden zij, als er werk was, en geen vlekje lag op hun verleden. Arm waren ze alle drie, en wat de twee laatste betreft, was de armoede gestegen tot namelooze ellende.

hadden een groot gezin, viuuwcu

ook kinderen, die krank waren. In den

zomer hadden zij met turtgravei m ue veenderij ongeveer 100 gulden verdiend; daarna bedroeg de verdienste tot November, 60 & /O ct. per dag en in November kon slechts een enkelen dag 50 ct. worden thuis gebracht.

Het eenige, wat zij nog hadden, was: aardappelen in den kelder. Toen de verdienste ophield, hadden zij niets anders, 's Morgens aardappelen met zout; 's middags aardappelen met zout en 's avonds aardappelen met zout — zietdaar het eentoonige slappe voedsel! Is liet wonder, dat daar in huis klachten wei den vernomen V dat de man er tegen op zag, thuis te komen, als hij weer een dag tevergeefs om werk bad gezocht ? O die blik der zieke vrouw die vragende blik: of hij brood had —

dein die treiv vtvu omax

TVT~

op haar geiaaii uug

i J ^Urnfül/iin rlia trfofcon flor

troffen hem, als uoma^—, ^

kinderen- of vader nu nog geen brood had meegenomen? en dan, als hij neen moest zeggen, die bittere tranen en klachten der kleinen.

Er ware vele zulke mannen, cue ~ i.n daar in de noordelijke streken van ons land de arbeiders reeds hebben begrepen, niet geboren te zijn om te hongeren en te vergaan van kommer en angst voor de hunnen daar zij reeds hebben ingezien, alleen ve>eenigd iets van de lieerschers te kunnen verkrijgen, kwamen al die vertrapten, onder wier kiel mannenharten kloppen flink tn vrij, dikwijls te samen, om eischen te doen hooren om werk en brood.

En toen nu op 19 Januari 1893 de drie genoemde mannen bij den Burgemeester werden geroepen, dachten zij, dat deze hun zou mededeelen, op welke wijze hij aan de herhaalde eischen om werk en brood zou voldoen.

Eerst kwam Timmer binnen, die kranige figuur, het type van een Afrikaanschen boer. De burgemeester vraagt hem zijn naam en op hetzelfde oogenblik komen 5 è, 6 maréchaussees binnen. „Visiteer dien kerel," zegt de

burgemeester. Timmer wordt gevisiteerd, tot

en

ling

gebracht. Datzelfde lot trof de beide anderen. Zij ontmoetten elkaar weer, in een dicht rijtuig, door veldwachters bewaakt, dat hen uit het dorp voerde.

Na uren en uren rijden kwamen zij in den avond te Heereveen aan, waar de deur deigevangenis zich achter hen sloot. De sterke Timmer had in het rijtuig de ijzeren handboeien stuk gescheurd en liet de verbaasde mannen der wet „zijn vrije handen zien."

Een woedende verontwaardiging over deze oplichting hunner vrienden en voorgangers bleef bij de Appelschaster hongerlijdende arbeiders achter. Niemand begreep, wat de reden dezer arrestatie was.

Eindelijk kwam deze aan het licht.

Den 18 Januari hadden dezelfde mannen, met nog een veertigtal anderen, zich bevonden vóór de woning van den gehaten armvoogdwinkelier Van Rozen. Ze hadden brood gevraagd, de Jong was in den winkel hartstochtelijk geworden, toen hij geen brood voor zijn arm gezin jkon krijgen. Hij wilde, dat Van Rozen met hem mee zou gaan, om zich

te overtuigen, dat hij niets liad dan aardap¬

pels. Toen deze weigerde, sloeg hij zich op de borst, en riep: „Hoe denk je er over, Van Rozen? Heb je geen gevoel meer, klopt er niets bij je van binnen? Moeten we eerst verrekken? dat doe ik niet, dan vecht ik me liever dood!"

Bruinsma kreeg het te kwaad met den veldwachter, die het volk met zoete woorden wilde paaien, om geen brood meer te vragen. Hij hield den veldwachter de vuist vóór, noemde hem „smiecht" en zei, dat ze het volk steeds lood voor brood geven.

Timmer, dit hoorende, sprak: „dat als er lood moest zijn, hij ook zijn geweer wel zou kunnen halen." En intusschen eischten de hongerende werkloozen brood, brood ...

Eindelijk werd aan hun eisch voldaan; 21 van de annsten kregen elk een half brood en allen gingen zonder eenige verstoring der orde naar huis...

* *

Ve

Dat wa» nu de reden, waarom de drie mannen werden gevangen genomen. De Rechtbank te Heereveen „strafte" hen wegens afpersing met 15 maanden celstraf! In hoogei beroep werd door het Hof te Leeuwarden die tijd op 1 jaar bepaald, het voorloopig arrest meegerekend.

In dien tusschentijd moesten hunne gezinnen worden bedeeld en geholpen door de medearbeiders, die dit op loffelijke wijze „echtsociaal" -—- hebben gedaan. Ioch moest 1 immer in de gevangenis vernemen, dat zijne vrouw in 't veen liep achter den kruiwagen, niettegenstaande zij soms bloed opgaf. Ook heerschte de ziekte meer dan vroeger in de gezinnen van Bruinsma en de Jong.

De Officier van Justitie te Heerenveen sloot zijn barbaarsch rekwisitoir o. a. met de volgende woorden:

„Het zal goed zijn, deze mannen geruimen t;;,i ,iP cel te onttrekken aan de maat¬

schappij ; de uitwerking daarvan zal nuttig zijn; zij zullen dan begrijpen, dat ze dwalen, als ze meenen dat de heilstaat, die hun wordt voorgespiegeld, bereikbaar is, om daarna gelouterd als ordelijke burgers in de maatschappij

terug te keeren."

Welnu, één jaar hebben deze mannen geleo-Piihfiid e-ehad. over hun toestand, het socia-

® o , _ ••

UU

braafheid der bezittende klasse enz. na te danken.

Heden Vrijdag treden zij de maatschappij weer in. Hun eerste gang is naar „de Toekomst" te Groningen, waar een sociali»tisclie vergadering is en ze door Van Emmenes zullen worden welkom geheeten. En des daags daarop zullen ze door de jubelende scharen hunner bloedverwanten en vrienden in hun dorp worden ingehaald, waar hun verdediger Troelstra

liun het welkom! zal toeroepen.

* *

*

Vrij zijn ze dus weer en als we nog verkeerden in dien dollen ideënroes, waarin we ziju opgevoed, zouden we over die vrijheid jubelen, als het kostbaarste goed der menscliheid. Maar één van die mannen, Timmer, heeft ons iets geleerd, dat we nimmer weer vergeten.

Het was de eerste maal, dat we hem in zijne cel opzochten:

Over zijn eigen lot was deze stoere man spoedig uitgepraat; maar toen op eens stond

hii op en zei:

A oh liad(IAn rlift arme stum-

_ _ J

pers te Appelscha 't allen maar zoo &uou, «i» \k het hier heb! Wij hebben ten minste genoeg te eten!" — en daarbij schreide die sterke groote man als een kind.

Hoe vreeselijk laag gezonken is eene maatschappij, waarin de „vrije" mensclien nog reden hebben, afgunstig te zijn op de gevangenen!

En toch zoo is het! Vóór de poorten

der gevangenis ziet men bijna overal eiken dag havelooze mensclien staan, die zich laven aan de overgeschoten brokken der tuchtelingen... En toch: zij zijn vrij!

.Nu komen onze vrienden weer „los. Het monster „klassejustitie" geeft zijn prooi weerom. Maar wat vinden zij in Appelscha ? Een vriend antwoordde ons het volgende:

„ Werkloosheid op groote schaal; er zijn velen, die al 10 ia 12 weken werkloos zijn (precies als verleden jaar.,)

„De bedeeling door de armvoogden is zóó schaarscli, dat ik 't nooit zoo treurig heb ge¬

hoord : oude ziekelijke vrouwen worden bedeeld met 50 è, 75 ct. per week! De groote gezinnen van de Jong en Bruinsma krijgen per week één gulden bedeeling."

De vrijheid hebben zij dus terug; maar het brood ontbreekt. Misschien zullen ze menigen dag terugverlangen naar hun eenzame, maar toch verwarmde cel, waar ze geregeld op tijd hun voedsel ontvingen en nooit behoefden te hongeren en niet van nabij den honger, de ellende, de wanhoop der hunnen behoefden te aanschouwen...

Vloek over u, onmenschelijke maatschappij; den oorlog aan u, lieerschende klasse, wier weelde en genot op zóóveel barbaarschheid en ellende is gegrondvest.

En gij, werkers, treedt haastig in de gelederen van het strijdende proletariaat, van het socialisme, dat niet rusten zal, voordat dit samenstel van bedrog en vernedering is ineengestort en een nieuwe maatschappij voor mensclien is verrezen!

buitenland.

zwaar verwond lag en alleen de derde, graaf Chasca, werd gevangen genomen. — Veelbelovende knapen. Drie jongens van de burgerschool te Fiinfkirchcn zijn gevangen genomen, daar ze 't plan hadden een kapelaan te vermoorden, om met zijn geld naar Amerika te vluchten. Er werd ook dynamiet in hun bezit gevonden. — De beul van Victoria zag er zóó togen op, aan een vrouw die 15 Januari moest worden opgehangen wegens engelenmakerij, het vonnis te voltrekken, dat hij zich 5 Jan. heeft van kant gemaakt. — Vier dooden voor 24 gulden. Vóór twee maanden werd een schip op de Wolga gevonden, waarin slechts één vierjarig kind was. Het blijkt nu dat 8 personen de vier volwassen opvarenden hebben gedood, om in 't bezit te komen van f 24. — Een gevaarlijke non. Bij Pest kwam verleden Vrijdag bij den dorpsrechter een non, die verzocht, den nacht bij hem te mogen logeeren. De medelijdende man zette haar een goed avondmaal voor en liet haar daarop een kamer wijzen. De jonge knecht van den rechter, vrij nieuwsgierig uitgevallen, had zich in die kamer verstopt en keek door een reet, toen de vrome zuster zich begon te ontkleeden. Maar wie beschrijft zijne ontsteltenis toen hij zag, dat de non een man was, die een paar revolvers en een mes op de tafel lag. Op eens kruipt hij uit zijn schuilhoek te voorschijn, neemt een revolver en schiet hem af op ken vreemden man, die doodelijk getroffen ter aarde zonk. De knecht gaf nog eenige schoten

door t venster en bemerkte, dat verscheidene kerels over het hek vlogen. — Een roover gedood. In het Rijnland bij Brühl werd een schoorsteenveger, toen hij een boschje voorbijging, door een roover aangevallen, die uit het boschje op hem aankwam eu zijn geld van hem eischte. De aangevallene haalde zijn beurs te voorschijn en liet die op den grond vallen. Toen echter de roover zich bukte om de beurs op te krijgen, gaf de schoorsteenveger hem met zijn krabijzer zulk een slag op het hoofd, dat Lij zwaar getroffen neerviel. Daarop haalde de ander de politie van Brühl, die zoowel het geld als den inmiddels overleden roover vond. In diens zak vond men o. a. twee dolken en een fluitje. Toen de politie hierop blies, kwamen spoedig twee andere roovers opdagen, die direct in bewaring werden genomen.

Wat dunkt u, lezers, gebeuren er geen vreemde dingen in het rijk van den geldvorst Mammon? Is het niet noodig, dat die alles-bedervende koning zoo spoedig mogelijk wordt onttroond? Welnu, dat kan alleen door 't socialisme geschieden!

Geen Tabakbelasting.

Toen in den Duitschen rijksdag de militaire wetten werden behandeld, zei de ïtegeeriug, dat men, om de kosten voor de legeruitbreiding te vinden, de nieuwe lasten alleen op de sterke schouders zou leggen. En toen nu de wet was aangenomen, ging men niet de hoogst aangeslagenen verhoogen in d# inkomstenbelasting; neen, men wilde den tabak belasten, waardoor minstens 50.000 arbeiders op straat zouden worden geworpen, daar de belasting de kleine fabrikanten zou ruineeren en de fabrikage van tabak sterk zou doen verminderen.

Gelukkig schijnt de Rijksdag niets van de nieuwe belasting te willen weten, zoodat minister Mit-iuel iets anders moet zoeken.

Socialistische Gemeenteraden.

In St. Dénis (Frankrijk) was gelegenheid, een zestal socialistische gemeenteraadsleden kwijt te worden. Mag men de burgerbladen gelooven, dan oefent de socialistische gemeenteraad aldaar een onduldbaren druk op de gemeente uit. Alle partijen verbonden zich dan ook bij deze verkiezing tegen de socialisten. Maar de bevolking schijnt van den „onduldbaren druk" heel weinig te bemerken, want wel 5000 kiezers bleven thuis en lieten den socialisten vrij sPe'i zoodat dezen 't wonnen.

binnenland.

Troelstra «liet

zijn groote verbazing geboeid en uit de zaaliU^*' „ordelijkheid dot waatschapp J

Uit het Rijk van Mammon.

Bedrog en zelfmoord. De chefs van het failliete bankiershuis Poeti, Bessy en Co. in Saluzzo zouden wegens be-driegelijke bankbreuk worden gevangen genomen. Bessy had zich reeds vóór t faillissement een kogel door 't hoofd gejaagd. Poeti deed dit bij de gevangenneming, zoodat hy

Een nieuwe brochure.

De nieuwe brochure van

Kiesrecht en de Sociaaldemokratie" is verschenen.

Het boekje beslaat 64 bladzijden en bestaat uit 4 hoofdstukken. In het eerste „ Wijze van behandeling" zet de schrijver zijn standpunt uiteen omtrent de vraag, of de sociaaldemokratische partij al dan niet aan de verkiezingen en aan de wetgeving moet meedoen. Hij meent, dat een blik op de natuurlijke ontwikkeling der sociaaldemokratie over de geheele wereld ons leert, dat het noodzakelijk is. Voordat hij dit verder uitwerkt, bespreekt hij eerst de twee stelsels der Duitscliers-. de soc. dem. partij, die zegt, dat de staatsmacht moet veroverd worden, om tot de verovering