Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

28STE JAARGANG ZATERDAG 7 MEI 1921 No 19

De nktoalbetoerfcer MullMden jnaenemn lttetaalbeuwkmbdiul.

Arbeiders aller Landen Vereanigt U. «m MeMaewßiewwweiaßaMWMMßi kmo»x »•

REDACTEUR: G. VAN DER HOUVEN Adres van Redactie en Administratie: Hemonylaan 24, Amsterdam —— Telefoon Z 6175 ■■

«M II■» UIIBMIII IIWTimiHWir—HHTTIII ||| il Kennis ts macnti Eenheid kracht. *i +

ABONNEMENT: Bij vooruitbetaling per jaar. . ... . . f 1.50 Voor Buitenland verhoogd met port© Losse nummers ........... . 0.03

Stukken van algemeenen aard moeten ui terlijk Maandags, Bondsnleuws en Advertentiën Woensdagmorgens zijn ingekomen.

AD VERTENTIEN: étewono aavertentiön . , .„. ... per regel f 0.30 Aanvragen voor personeel • *, , . »0.20 Afdeeüngsadvertentiön . « . * , , ,0.20

ÖFJLAAG 33.000 OfMëele Mededeelingen. Deze y/eek wordt hst coptributiezegel op de 19 S ¥/28k in het Bondsboekje geplakt. » * * Wij maken de leden van ds afdeetingen DEN HAAG, BOTTERDAM en UTRECHT attent op dein dit nummer voorkomende advertenties Met den Meiboom naar huis. Dc Rotterdamsche groot-ondexnemers, zijn sedert jaar en dag gewoon geweest met hun „werkvolk” te handelen zooals hun dat goed dacht, en zooals dit met hun ondex• nemersbelang overeenkwam, Menschkundig is het volkomen verklaarbaar, dat hen een illusie ontnomen is, nu langzamerhand blijkt, dat de glorie van weleer niet alleen is gaan tanen, maar bovendien blijkt te hebben afgedaan. De ingetreden onverschilligheid, die het overgroote deel van de Rotterdamsche metaalbewerkers aan den dag legde, had de onderneinetH met nieuwe hoop vervuild om, nu het ,kwaad” nog niet al te tot bleek te zijn doorgedrongen, een nieuwe poging te ondernemen, die hun de oude glorie yan weleer zou teruggeven. De eerste door de ondernemers gedane stormloop ging tegen den 8-urendag. Zouden de pogingen slagen, om voor geruimen tijd in staat te worden gesteld van den wetteiijken werktijd af te wijken, dan kon geacht worden het hek van den dam te zijn en zou verder wel alles tere dit komen, overeenkomstig de belangen van de ondernemers. Overleg met de vakorganisatie achtten de heeren niet noodig. De beide groote ondernemingen, de „Droogdokmaatschappij” en „Wilton”, hebben het instituut vaneen persóneelvereeniging in ’t leven geroepen en in ’t allernoodzakelijkste geval kon met „de bestuurders” daarvan nog wel „overleg” gepleegd worden. De heeren hebben zich evenwel misrekend; weliswaar hielden zij geen rekening met de vakorganisaties, maar dat hield daarom nog niet in, dat de vakorganisaties op haar beurt ook geen rekening zouden houden met deze ondernemingen. •Misrekend hebben de heeren zich ook inzake de houding van den Minister van Arbeid. Want deze openbare bewindsman had wèl rekening te houden met de vakorganisaties en nam als gevolg daarvan het verstandige besluit, om, alvorens een vergunning van overwerk te verjeenen voor den duur als door de ondernemers gevraagd, ee.st de besturen van de organisaties te hooren. Weliswaar werd een voorloopige vergunning voor overwerk verleend, maar dat was toch niet de bedoeling. Het was noodig voor laógeren duur en moest worden benut, om de loonen te verlagen. En nu is dit hel eigenaardige, dat reeds bij de allereerste voorloopige vergunning voor overwerk, de heeren het -spoor van bun practischen zin zijn bijster geraakt. De eerst verkregen vergunning werd al direct èn door „Droogdokmaatschappij” èn door „Wilton” .benut, om de loonen te verlagen, Dbt is wel de meest doorzichtig-onprac-

tische daad geweest, die de heeren ondernemers konden uithalen en waarmede zij zich onsterfelijk geblameerd hebben. Intusschen mogen wij hen voor deze stommiteit danken. Deze aanslag op de loonen was olie op het vuur en heeft, zooals nu is gebleken,. de Rotterdamsche metaalbewerkers uit den dommel wakker geschud. Alle negatie van de vakorganisaties ten spijt, hebben de heeren niet kunnen slagen in hun poging, van den minister een vergunning voor overwerk op langen termijn los te krijgen. De Rotterdamsche Droogdokmaatschappij is daarom uiteen ander vaatje gaan tappen. Die besturen van de vakorganisaties, zoo heeft de directie dezer onderneming blijkbaar overwogen, leuteren er maar op los, moeten voor belioudi vaar hun eigen standje vechten, maar, in wezen hebben zij de arbeiders toch niet achter zich. Men ( overwoog nu een middel om den minister te kunnen overdonderen. Het personeel zelf zou men laten spreken en dam zou den minister eens getoond worden, hoe de arbeiders maling hebben aan den 8-urendag. Dc heele zaak werd in orde gebracht voor een nog nooit aanschouwde vertooning, met als slot een schitterende apotheose. Aan. alle arbeiders werd dezer dagen, namens de ~Personeelver eeniging”, een biljet aangeboden. Een stembiljet , moet ge weten, voorzien vaneen gedocumenteerde toelichting, De arbeiders moesten zich dan door invulling van dit biljet uitspreken, vóór of tegen een werktijdverlenging voor den duur van 6 maanden, tot 9, of, zoo noodig, tot 11 uur per dag. Als toelichting bevatte dit biljet de navolgende mededceling; „Aangezien dit verzoek (een nieuwe overwerkvergunning) Is afgewezen op grond van bezwaren der vakorganisaties, wenschen wij, dat ieder lid zich vóór of tegen arbeidstijdverlenging zal uitspreken. De directeur deelde ons mede, dat de 2 oent per uur, die van het loon werden afgehouden, met ingang van 25 April weder zullen worden uitbetaald. Brengt dus allen uw stem uit, opdat niet alleen het spook der werkloosheid wordt geweerd, maar dat tevens tegenover den minister uitkomt, hoe de meaning van het personeel is. Tenslotte heeft de directie nog beloofd er voor te zullen zorgen, dat door de werkmeesters geen ongepaste dwang zal worden uitgeoefend of misbruik zal worden gemaakt. Ook heeft de directie gezegd, dat zij, indien dc vergunning wordt verleend, beslist de laatste ’ zal zijn, die het loon zal verlagen en dat er in geen geval sprake zal zijn, dat het verkenen van de vergunning zal geschieden ten koste van het loon. Het Bestuur. Men ziet, aan inslaande mededeelingen ontbrak het niet; de ingehouden 2 cent per uur, zullen er weer bijkomen en de „Drcogdokmaatschappij”, die inde voorste gelederen had gestaan om de arbeidswet te saboteeren, zou inde achterste gelederen plaatsnemen, waar het betreft een toekomstige loonsverlaging. Maar, de werklieden zouden dan met het oog op ai deze schoone toezeggingen goed doen, vóór te stemmen. ' Vrienden inden lande, de Directie' moet heel, heel zeker van haar zaak geweest zijn,

nadat zij tegenover „het Bestuur” van de personeel(vereeniging) deze toezegging gedaan had. Deze actie (met cadeau) moést slagen, dat kon niet missen; de directie had een spel kaarten inde hand om „er onder door te gaan, alle troeven, benevens een vijfde van klaveraas.” Want dit staat vast: als de directie had kunnen voorzien, dat zij zoo’n nederlaag zou lijden, als zij na afloop van de stemming inderdaad geleden heeft, dan was deze geheele opzet achterwege gebleven. De debacle van de directie is nog grooter geweest dan die van den Vrijheidsbond en de R.-K. Staatspartij, bij gelegenheid van de Amsferdamsche Raadsverkiezingen. Van de ruim 2000 werklieden stemden er T456 tegen en slechts 555 vóór, terwijl er nog 108 stemmen van onwaarde uitgebracht zijn. Wég illusie van de directie; wêg gunstige gelegenheid om de vakorganisatie-besturan j een trap te geven en wèg hoopvolle conferentie met den minister van arbeid! Da belofte, dat de ingehouden 2 cent loonsverlaging d’r weer bij zouden komen en dat de onderneming de laatste zou zijn om in 't algemeen de loonen te verlagen, is niet in staat geweest de arbeiders tot prijsgave van den 8-urendag te vermurwen. De directie wilde koopen, zcoals bijna alles in deze maatschappij te koop is en zij hoopte koopers te vinden in massa. Van de 555 vóór-stemmers zal het gros nog wei aangelokt zijn geworden door'de mededceling, dat ds inhouding van 2 cent per uur zou eindigen. Er zijn nu eenmaal menschen op een persoinee! van ruim 2000 man, die of in buitengewone moeilijke omstandigheden ren èn daardoor alles aangrijpen wat tot vermeerdering van hun inkomsten kan leiden, of die zoodanig gedemoraliseerd zijn, dat zij liever 12 dan 8 uren per dag werken. Wij, de arbeiders in heel ons land, mogen . de directie van de Rotterdamsche Droogdok™ agtschappij wel zeer erkentelijk zijn voor de krachtproef, die zij met deze stemming heeft ondernomen. Met het resultaat dier stemming behoeft zij niet naar den minister te gaan. Komt het echter zoo allernet te pas, dan is er voor ons alle' aanleiding Wet resultaat van deze stemming ter kennis Van den minister te brengen. Onze actie voor handhaving van den inde arbeidswet omsohreven 8-urendag is niet weinig versterkt geworden door de frissche houding, die van ’t personeel van de Droogdokmaatschappij in dit geval is uitgegaan. Er moet nu nog een stemming plaats vinden onder het personeel van „Wilton”. Wat zal dat geven ? Dit personeel is wel het allerslechtst georganiseerd en de uitkomst van de onder die werklieden te houden stemming zien we, —■ waarom zouden we het verzwijgen met eenige zorg tegemoet. Een ding is echter van belang; de collega’s van de Droogdokmaatsohappij gaven een schitterend voorbeeld en de ervaring- is, dat goede voorbeelden heel dikwijls navolging vinden. Maar, dok al zou de uitslag van de stemming onder Wilton’s-personeel, minder gunstig zijn

dan die, welke gehouden is onder het personeel van de Droogdokmaatschappij, dan nog is het resultaat van de houding van het personeel van laatstgenoemde onderneming voldoende, om den minister te tconen, dat inderdaad een groote massa van de arbeiders prijststelt op behoud van den 8-urendag, Inde burgerpers is het den laatstcn tijd tot inden treure verkondigd, dat het gros van de arbeiders wel langer wil werken en dat het uitsluitend de bestuurders van de vaKvereenigingen zijn, die zich tegen een langexen werkdag verzetten. Met het voorbeeld van de Dioogdokmaa-t-schappij kan nu aan deze legende een einde worden gemaakt. Hopen we, dat onze Rotterdamsche leden de uitspraak van de kameraden van „het dok” naar Waarde zullen leeren schatten en niet zullen nalaten, daarmede een krachtige propaganda te voeren. Want de reactie is er nog en zal voorloopig nog niet verdwijnen, zoolang de ongunstige economische verhoudingen geen andere wending nemen. Lukt het den ondernemers niet, door middel van verlenging van den werkdag het loon te drukken, dan zullen ze allicht zinnen op andere middelen ter bereiking van hun doel. Verzwakking van onze Rotterdamsche afdeeling dient plaatste maken voor versterking. Daarvoor gewerkt, daarvoor uw krachten gegeven en het succes is tevoren verzekerd! Een onoplosbaar probleem. Ons Hjforgaan „De Metaalarbeider” van 30 April gelezen. Dat is altijd een geliefkoosde afleiding, meestal op den Zaterdagmorgen. Heel weinig gelezen, ditmaal, over de communistische cellenbouwerij. Slechts één artikeltje van zekeren A. B. uit Haarlem, die nog wat nakauwt over de door de Federatie te Utrecht gehouden vergadering, waar het besluit werd genomen: tegen het zenden vaneen delegatie naar Rusland. Verder een pennevrucht van Doomebosch, wien dat gezanik over „Moskou” blijkbaar de keel begint uitte hangen en die „ronduit erkent”, dat het blad door al de polemieken daarover, (wij bedoelen polemieken over Moskou, niet over het blad) ongenietbaar, wordt, een oordeel, dat wij willen eerbiedigen maar waarmee wij het in ’t algemeen niet eens zijn. Meer aandacht besteed aan de artikelen, gewijd aan den i Mei-dag. Een hoofdartikel van Hooze, een ander van Doomebosch, en aan beiden onze welwillende aandacht geschonken. Tegen een 1 Mei-artikel polemiseeren we niet, dat is een, voor ons zelf, vastgenomen gesluit. Maar aandachtig lezen doen we ’t wel, óók al, omdat we, alle meeningsverschil daargelaten, in die Mei-artikelen zien, vleesch van ons vleesch .en bloed van ons bloed. Omdat we er in terug vinden het opstandige woord, dat aanvuurt tot den strijd voor een andere samenleving. We gaan verder; beiden, Hooze ,en Doomebosch, wijden in hun artikel uit over „de algemeenê werkstaking” en gaan daar-' bij als volgt te werk:

Sluiten