Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waaruit te lezen was, blijf uit de kou, waarde collega, want u waart niet op de conferentie, en hebt het dus maar van hooren zeggen. Bovendien geeft v.d. H. dan nog als waarschuwing weer, het groote verschil dat er reeds, bleek te bestaan tusschen de delegatie van den Christ. bond en die van de drie andere organisaties over m.g. conferentie ten opzichte van de afspraak. De Christelijke bond stond dus met zijn meening alleen, tegen drie. In zoo’n geval komt het mij verstandiger voor, je maar van geschiedschrijverij te onthouden. Intusschen zou ik mij niet in deze zaak hebben gemengd, (het is onzen redacteur wel toevertrouwd) ware het niet, dat de heer H. W. het noodig oordeelde mijn naam te noemen. In het artikel „Wat de Waarheid is”, orgaan Chr. bond van 22 Juli, geeft W. een lezing van het verhandelde ter conferentie op 26 April en voert, behalve Oesterhoorn, ook mij ten tóoneele. Hij doet dit zelfs op een wijze, als zou v.d. Houven voornemens zijn geweest, ons beiden eventjes te verdonkeremanen. De heer W. beweert in m.g. artikel, dat ik gepoogd heb de 15 pCt. loonsverlaging op 10 pCt. terug te brengen, waarmede hij natuurlijk bedoelt te bewijzen, dat wij 10 pCt. wel zouden hebben aanvaard. Voorshands, tenzij het tegendeel mócht blijken, wil ik aanneraen, dat de heer W. te goeder trouw is, en dus niet opzettelijk een valsche getuigenis spreekt. Inderdaad heb ik over 10 pCt. gesproken, maar ineen gansch ander verband. De zaak droeg zich ongeveer als volgt toe. „In verband met de toezegging, dat de „werktijdverlenging als overuren beschouwd zou worden, maakte de heer ,'Triebels een omrekening en noemde o.a. – „10 pCt. verlaging. „De heer Goedkoop verbeterde dit en „zei direct 12 pCt, hetgeen de heer Trie„bels toen overnam.” Daarop is door mij tot den heer Tricbels gezegd: „W a ar o m maakt U er nu „weer 12 p C t. van, t er w ij 1 „U zoo even ze i d e met 10 „pCt. te kunnen volstaan.” Waarop de heer Triebels weer antwoordde : „Neen, dat kan niet, het blijkt mij, dat „het 12 pCt. moet zijn, we zullen toch al „voldoenden last hebben, de Rcttcrdam„sche werkgevers voor deze voorstellen te „winnen.” Zoo en niet anders, waarde heer W„ is ’t gegaan. Het wil mij voorkomen, dat uw geheugen U in deze wat inden steek laat. En door nu veel te willen bewijzen, bewijst U niets, -want, laat ik maar aannemen, ongewild, komt U tot overtreding van „Het negende gebod.” v. E. Opzettelijke misleiding. In ons vorig nummer gaf ik een relaas van de actie-Bekkers te Dordt, om aan te toonen, dat de redacteur van ~De (Christelijke) Metaalbewerker" in zijn exposé van de zaak in zijn orgaan er geheel naast was. Toch houdt deze brave dienaar van de waarheid (lees: Mammon) in zijn nummer van deze week zijn lezing vol. Ik zal nu dan even in het kort aantoonen, ten opzichte waarvan deze redacteur zich schuldig maakt aan opzettelijke misleiding es dus ia Ilagraatea strijd met de waar* heid is. In zijn exposé staat: „Besprekingen werden met den Metaalbond gehouden, met het resultaat, dat aan de firma zou worden voorgesteld, dat 52J uur zou worden gewerkt en dat de goede tarieven met pCt. zouden worden verlaagd. Telefonisch werd aan v. Hinte, districtsbestuurder van den modernen bond, afdeeling Dordrecht, medegedeèld, dat de firma hiermede accoord ging.” Deze voorstelling van zaken is beslist onjuist en, wat meer zegt, deze redacteur kon nu weten, dat het onjuist is en dat hij dus opzettelijke leugens gebruikt en het daarvan is misleiding. Ten eerste is het onjuist, dat na besprekingen met den Metaalbond het bovenstaande aan de firma Bekkers zou worden voorgesteld. Ineen bespreking ipet den Metaalbond

werd een conferentie met de firma aangevraagd over de tarieven, en in die conferentie deed Wetselaar, zonder overleg of zonder dat er te voren over gesproken was, het bovenstaande voorstel. Hierbij waren twee leden van onzen bond en één van den Christelijken bond aanwezig- Toen wist de firma dus reeds, dat de Christelijke bond daarmede genoegen zou nemen. Bij die besprekingen was dus de firma Bekkers aanwezig. Ik heb mij toen niet vast willen leggen, doch me alleen bereid ver- . klaard de menschen er zelf over te laten beslissen. Uw voorstelling dus, dat na bespreking met den Metaalbond, aan de firma een voorstel zou worden gedaan, haalt ge vermoedelijk uit uw redactioneelen duim, die den laatsten tijd nog wel eens vaker dienst moet doen. Onjuist en dus ook leugenachtig en misleidend is uw voorstelling, als zou v. Hinte na telefonische mededeeling, dat de firma er mede accoord ging, het advies aan den directeur-generaal hebben geschreven, De bespreking, hierboven bedoeld, had plaats op I Juni en de telefonische medsdeeling slóeg op de bespreking van 20 Juni. Daar tusschen in was met de leden verga-1 derd. Tenminste dit deden wij. Of de Christelijke bond het ook deed, is mij niet bekend. En op de tweede bespreking, o .waarheidlievende redacteur, legden èn Wetselaar èn v. Abbevé zich direct vast met de mededeeling, dat zij en ook hun leden het voorstel hadden aanvaard. Onzerzijds deelde ik mede, na nog een poging gedaan te hebben, zonder overwerken er af te komen, vrelke echter natuurlijk door de houding der beide andere bonden moest mislukken, dat ook wij het aan- . vaarden zouden, als ook de menschen, welke na de staking nog buiten stonden, werden aangenomen. Dit zou de heer Schouten aan Bekkers voorstellen, die dit aanvaardde. Dit wérd mij telefonisch medegedeeld door v. Abbevé, die den heer Schouten,nog had gesproken. Deze antwoordde toen op mijn opmerking, dat de zaak nu in orde was: „Ja, dat is zöo, als jullie je er nu bij aansluiten.” Toen béide ik echter eerst nog den Metaalbond op en de heer Schouten bevestigde volkomen de mededeeling van Van Abbevé. Schriftélijk bevestigde ik teen dat teler fonisch , gesprek en schreef het advies aan den directeur-generaal. Waarover moest ik toen nog overleg plegen met de andere bonden ? Deze hadl den zich volkomen vastgelegd aan het begin der bespreking op 20 juni; er was dus \ geen twijfel meer aanwezig. Aanvankelijk mocht ik aanneraen, dat deze redacteur niet goed op de hoogte was, .doch nu hij het na mijn uiteenzetting toch volhoudt, is zijn houding niet anders dan opzettelijk misleidend te noemen en dus, in volstrekten strijd met de waarheid, Waarheid is het, als men een uiteenzetting geeft die een juisten indruk naar buiten geeft. Leugen e» misleiding is het, ' als men opzettelijk de zaken zóó voorstelt, dat een verkeerde conclusie onvermijdelijk is en hieraan, waarheidlievende redacteur, maakt gij u schuldig. Wel heb ik geen overleg gepleegd over de redactie van den brief, doch jk tart èn Wetselaar èn v. Abbevé orn aan te toonen, dat de brief aan den directeur-generaal niet juist de conclusie van de besprekingen weergaf en zoo lang ik secretaris combinatie ben, zal ik de redactie van brieven bepalen. Alleen als er onjuistheden in voorkomen, zou de zaak kunnen veranderen. Ik herhaal, een redactie, zooais Wetselaar en V. Abbevé wilden, is van mij nooit ts verwachten, daar ik mij er voor zou moeten schamen. De verhoudingen waren hier niet zoe, dat aHes geslikt moest worden. Verzet was mogelijk, doch door het voorstel van WTtselaar was de kans er op verkeken. Ik heb Wetselaar dan ook té verstaan gegeven, in presentie van v. Abbevé, dat, als hij nog meer op een soortgelijke wijze in een conferentie een dergelijk voorstel zou I doen, zonder dat er vooraf overlegwas ge| pleêgd, ik niet meer met hem zou confereeren en in zöö’n geval de bespreking zou eindigen. De heeren hadden zich -hier echter een weinig inde situatie vergist en dat speelt hen nu parten. v. pp Uit de Afdeelingen. KRIMPEN a. d. IJSSSL. Zooais bekend kan zijn, heerscht in onze gemeente sinds langen tijd werkloosheid, doordat inden scheepsbouw bij Vander Gïessen bijna geen werk is en dit toch het bedrijf is, waarin

-5 hier verreweg de meeste arbeiders hun brood ; moéten verdienen, | De Raad dezer gemeente besloot dan ook I in October j.l. op een adres van onze afdee- i ling en die der Ned. Ver. van Fabrieksarbei- j ders, een steunregeling in het leven te roe- j pen,welke alleszins beter was dan die van de Regeering uitging. Â’t Ging echter voor onze gemeente met zulke zware financiëele offers gepaard, dat besloten werd den steun van de Regeering in te roepen. De Minister wilde wel helpen, maar dan moest de gemeente zijn regeling aanvaarden. Dit gebeurde en de uitkeering werd gebracht op ƒ 10.— voor man en vrouw en ƒ 1.05 voor elk kind tot een maximum van 60% van het loon. Dezer dagen is échter door den betrokken Minister dc uitkeering -weder verlaagd tot ƒ 9.- voor man en vrouw en ƒ 0.50 voor elk kind. Men kan zich dus wel voorstellen, hoe in gezinnen, waar reeds langen tijd werkloosheid heerscht en waar de uitkeering nu verlaagd wordt, de armoede ten top is gestegen. Bovendien komen er steeds nog meer werklcozcn bij. Heden zijn bij v, d. Giessén opnieuw capige arbeiders ontslagen en als er geen werk bij komt, is er overeen paar maanden niets meer en moeten dc arbeiders, tegen dat het winter wordt, maar zien, dat zij van die kleine uitkeering rondkomen. Onze afdeeling is met die van de Ncderl. Ver. van. Fabrieksarbeiders van plan, hiertegen een actie op touw te zetten. Wij zijn daarmee al begonnen met een adres aan den betrokken Minister te zenden en een gecombineerde ledenvergadering te beleggen. Zoodoende zullen wij trachten den Minister, op zijn besluit terug te doen komen. CORR, ROTTERDAM. Onze leden werden er op attent gemaakt, dat de boden van 6 tot en met 12 Augustus met vacantie gaan. In deze week wordt derhalve geen contributie opgehaald. Evenmin wordt de krant van 12 Augustus op dezen datum bezorgd, doch inde daarop volgende week af gegeven, gelijk met de contributie-inning. De gelegenheid om op het kantoor contributie te betalen blijft open. Het kantoor is de eerste 5 dagen der week geopend van 9—12 en van 2—5 uur, des Zaterdags van 9--1 uur en Dinsdagsavonds van 7—9 uur. Wij geven onzen leden in overweging | om, zoo mogelijk, één week contributie vooruit te betalen. HET BESTUUR. —■ Gemeentelijke Arbeidsbeurs, Overzicht der werkzaamheden van de vakafdeeling Metaalbedrijven der Gemeentelijke Arbeids- | beurs over de maand Juni 1922 : | Aanvragen .van werkgevers 75 volwassen i mannen, 17 jeugdige. Aanbiedingen van ; werkzoekenden 1377 volwassen mannen» I 131 jeugdige. Plaatsingen van werkzoekenden 73 volwassen mannen, {4 jeugdige, j Voldane aanvragen van werkgevers 68 vol- • wassen mannen, 13 jeugdige. SCHIEDAM. Loonsverlaging aaa da I Sokeepsbonw*Mi|. „Nieuwe Waterweg”. Nadat even bekend was, dat de R.-K, en Christelijke bonden naast de Rotterdamscbe werkgevers waren gaan staan en besloten hadden hen te helpen de loonsverlaging in onze industrie door te voeren, is zoo ongeveer een zondvloed van loonsverlaging gekomen . Uit alle oorden van het land komen booze j geruchten van aanslagen op het levenspeil j van de werkers in onze industrie. Men be- I roept zich op de verlaging, door de religieuze organisaties aanvaard. Zoo ook de directie van bovengenoemde onderneming. Zaterdag 1 Juli berichtte de directie van de „Nieuwe WaterwegÂ’*Â’ aan de gamenwerkenae organisaties, dat zij de loonen, ingaande 13 Juli, met 6 en ingaande 28 September nogmaals met- 6 pCt. zal verlagen. .Met deze mededeeling was vrijwel de zaak af. Wij rpoesten maar aan de leden zeggen, dat het noodig was. Zij zou het wel aan de arbeiders bekend maken, hetgeen is geschied. Namens onzen bond noodigden wijde 3 betrokken bestuurders van de andere bonden, te weten de heeren Hoogenboóm, Wetselaar en Van Abbevé, te onzen kantore te. Schiedam uit, om met hen te bespreken wat er gedaan moest worden tegen dezen aanslag. Door ons werd voorgesteld het personeel bijeen te roepen en dat tot vérzet te adviseeren. De consequenties,'daaraan verbonden, voor onze rekening nemend. De anderen stelden voor, eerst te gaan j confereeren met de directie. Zoo noodig en mogelijk, wilden zij dan tot verzet overgaan . Gelet nu op het bovenstaande en er rekening mee houdende, dat wij te doen hebben met een serieuze Directie vaneen onderneming, waar wij; de belangen van ongeveer 2000 menschen hebben te behartigen, hadden wij hier te kiezen tusschen twee dingen, n.l. of met hen ter conferentie te gaan en te gaan praten overeen ,

wat voordeeliger doorvoering der aangekondigds verlaging, of klaar te blijven staan ais strijdorganisatie voor het personeel, dat zich dan, als het werd verlangd, met ons tegen dezen aanslag kon verzetten. De keus was hier voor ons niet moeilijk, en het lijkt mij haast overbodig te vermeiden dat wij het laatste kozen. De anderen vergaten in al hun onderdanigheid aan de werkgevers, dat, door ons voorstel in deie te aanvaarden, zij tegenover deze Directie nóg eenige beteckenis konden krijgen. Hiermede was voor onze organisatie de kous af. Met deze menschen is geen loonsverlaging meer tegen te gaan en al wilden zij dan hier met ons schijnbaar ernstig gaan confereèren, als wij tegenóver de werkgevers ons prestige willen bewaren, kunnen wij daar niet aan beginnen. Als vertegenwoordiger vaneen strijdorganisatie kan men niet rnet 3 piassen naar de werkgevers gaan. Onmiddellijk na het onderhoud te onzen kantore op Maandagmiddag, zijn zij naar de Directie gestapt en hebben één maand uitstel van verlaging bepleit – Ik hoop nooit in zooÂ’n positie te komen. Zij werden onmiddellijk op hun inconsequente houding gewezen, en het belang van hun standje bracht mee om te zorgen, dat ook wij geen concessies kregen. Het verdere deel van deze bespreking hebben zij besteed orn te zorgen, dat als er nog iets in bet belang van de menschen gebeurde, dat dit dan niet met ons alléén afgehandeld zou worden. Deze boodschap beteekent natuurlijk niets anders als; „Mijnheer de Directeur, u moet den bestuurders van den Alg. Bond ook niets toezeggen in het belang van uw werklieden.” Armzaliger gedoe is ai niet denkbaar! Dinsdagmorgen 11 Juli is Oosterhoorn iin o n d erg et e e k en d e ter conferentie geweest . Gesteund door de R. K. en Chr, bestuurders en hun houding in het algemeen, hield de Directie voet bij stuk. Vrijdag 14 Julf hebben de anderen nogmaals een poging gedaan en volgens het „Orgaan” hebben zij toen met des tak I n g gedreigd. Dat hadden zij tegen de Rotterdamse; ■ I werkgevers moeten doen. Dan hadden | eenigen ernst kunnen bewerkstellingc' I Als het op die besprekingen is gebeur' is het de bevestiging van de piasserij van deze heeren en tegelijk de bevestiging van bun stommiteit, om niet op ons voorste5 in te gaan. | Op 17 juli vermeldden de Kranten', dat i de Neutrale bond ónder protest ook deze ■ verlaging had geslikt, terwijl wij Dinsdag : 18 Juli vernamen, dat de R.-K. bond had besloten om een gunstiger gelegenheid af i te wachten en dan een „ultimatum” te stel-S lep. Redactie vs.n St. El©y” helpt nu oeir | rep® bijken! I * Die zoo iets uitvinden kan, is rijp voor i hofnarS _ In eik geval wisten wij tóch uit deze berichten, dat achter gesloten deuren, {torreen zeer gering dee! van liet personeel, onder leiding van enkele door vrees bever gen menschen van verzet was af gezien. Dat dit tegen de meening van de aldaar werkzame menschen was, stond voor ons vast. | Dat wij op wijze ons niet vaneen i loonsverlaging ei maken, is eveneens be| kend en wij hebben ons daarom onmiddel\ lijk met het geheele personeel O verbinding gesteld. Zonder eenig verzet van de zijde van anders georganisesrden, droeg het pér.-, neel ons op nog. een laatste poging te doen Dit geschiedde op een vergadering var, het gansche personeel op een grasveld vóór den ingang van de fabriek. Als van zelf hadden wij geen gsmakkel.ijke taak. Dan vooral niet, als er bonden zijn, die zelf berichten inde kranten brengen, dat zij niets anders kunnen doen dan slikken. De directie was niet geneigd ook maar iets te doen in het belang van dé menêehsn. Deze conferentie had plaats op Vrijdagmiddag 21 Juli. Zaterdag 22 Juli hebben wij met de arbeiders vergaderd. Wij hebben een uiteenzetting van onze houding gegeven en hun medegedeeld, dat, als het personeel dit wenscht, wij dan, zoo. noodig, bereid zijn tegen den aanslag te vechten. i Nu echter gebleken is, dat, als de arbeiders zich verzetten, de bestuurders van de R.-K. en christelijke bonden zulk verzet in elkander trappen, zullen wij dubbel voor • zichtig moeten zijn. Dat de menschen aan onze zijde staan, blijkt echter overduidelijk uit onderstaande motie, die op deze vergadering is gesteld en met twee stemmen tegen aangenomen is ; „Het personeel, ter vergadering bijeen enz., kennis krijgend van de laffe wijze van optreden door de bestuurders der organi-

Sluiten