Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I inn IÏÏI jfü ifü Ukti<2k

LUCHTCOMPRESSOREN

111. Toepassingen van roterende compressoren In bijna alle industriële bedrijven is heden ten dage druklucht nodig en speelt de roterende compressor een belangrijke rol voor zandstraal-, klink-, boor-, hak- en slljpdoeleinden. Ook voor verfspulttoestellen, vormmachines, fllterpersen, ontij zeringsapparaten, voor gastransport, vloeistofverplaatsing door middel van luchtdruk, bergingsbedrijven, in autogarages enz., wordt deze compressor met succes toegepast. Bijzonder geschikt is de roterende compressor om met een direct gekoppelde electro-, benzine- of dieselmotor op een verrijdbaar wagenstel te worden uitgevoerd. Inde laatste tijd vooral is de snellopende dieselmotor in combinatie met de roterende compressor wel sterk naar voren gekomen. Deze transportabele luchtcompressór wordt veelal gebruikt bij de bouw en montage van bruggen en andere constructiewerken, waar o.m. gebsord, gehakt en geklonken moet worden en bij beton- en wegenbouw voor stamp-, hak-, breek-, zaag- en boorwerk. Dergelijke verplaatsbare aggregaten worden vervaardigd in capaciteiten tot 10 m.‘‘ en meer aangezogen lucht per minuut bij eendruk van 2 tot 4 ato in één trap en 6 a 8 ato in tweetraps-uitvoerlng. Figuur 4a is een afbeelding vaneen roterende dieselcompressor in twee trappen. Door de aanzuigfilter merk 1 wordt de van stofdelen gezuiverde lucht via de L.D.-compressor (eerste trap) merk 2 naar de opgebouwde tussenkoeler 3 gevoerd, hier. afgekoeld tot ongeveer de oorspronkelijke aanzuigtemperatuur, om vervolgens inden H.D.-compressor (tweede trap) merk 4 tot de gevraagde einddruk te worden samengedrukt en naar de pers windketel afgevoerd. Tussen compressor en ketel bevindt zich een terugslagklep, welke een terugstromen van gecomprimeerde lucht naar de machine belet. De ketel dient tevens voor olie-afscheider en is voorzien vaneen manometer, veiligheidsklep en aftapkraan. Door middel van deze kraan kan men af en toe de overtollige smeerolie en de waterdelen, welke met de lucht worden meegevoerd, aftappen. Ook is de ketel nog voorzien vaneen .ultlaatflens, waarop een verzamelstuk met meerdere kranen en slangaansluitingen voor de diverse hierna te noemen drukluchtwerktuigen, kan worden aangebracht. De smering wordt ook hier verzorgd dooreen roterende oliepomp. In het algemeen wordt bij transportabele compressoren de radiateurkoellng toegepast, wat wil zeggen, dat het voor compressor en tussenkoeler benodigde koelwater dooreen lamellenkoeler (radiateur) wordt gepompt en hier afgekoeld. Deze koeling geschiedt door middel vaneen schroefventilator, merk 11 van figuur 4, welke direct door de verlengde compressoras wordt aangedreven en die atmosferische lucht langs de radiator 10 blaast. Het koelwater, dat steeds rohdcirculeert, wordt dooreen centrifugaalpompje onder uit de radiateur gezogen, passeert vervolgens tussenkoeler en compressor, om hierna boven inde radiateur te worden gevoerd, waar het wordt afgekoeld. Het pompje krijgt de aandrijving door middel vaneen V-snaar vanaf de elastische koppeling van de compressor.

De aandrijf-dieselmotor heeft een afzonderlijke radiatorkoeling merk 13. De hier afgebeelde wagen heeft o.a. een draaibaar . voorstel, volgummibanden, geperst stalen wielen en veerend bevestigde wielstellen. Inde meeste gevallen wordt een wegneembare zijbeplating aangebracht. De verrijdbare luchtcompressor brengt men zo dicht mogelijk bij het uitte voeren werk; de drukluchtslangen dienen n.l. kort te worden gehouden, ook al met het oog op het leidingverlies, dat op deze wijze -tot een minimum wordt beperkt. De afmetingen van genoemde drukluchtslangen zijn inwending f” of -J”, al naar gelang de grootte van het drukluchtwerktuig en het luchtverbruik ervan. Hieronder volgén enige figuren en een tabel van de meest voorkomende drukluchtwerktuigen. Drukluchtstamper figuur 4 wordt veelvuldig toegepast bij wegenaanleg, n.l. voor het stampen van zand en beton en in het gieterijbedrijf. Breekhamers volgens figuur 5 kunnen dienst doen voor het wegbreken van betonnen wegdekken, muren, enz. De boorhamer, figuur 6, gebruikt men voornamelijk voor het boren van gaten in zandsteen, graniet, beton, marmer, ertslagen e.d., zelfs tot diepten van enkele meters, voor het aanbrengen van springpatronen. De cirkelzaag volgens schets 7 is vooral een nuttig stuk gereedschap voor waterbouwkundige doeleinden, terwijl het terrein, waar de klinkhamer 8, de hak- en kookhamer 9, het boorwerktuig 10 en de slijpmachine 11 worden gebruikt, voldoende bekend is. Het luchtverbruik van zandstraalspuiten loopt nogal uiteen en varieert van 2 tot 4mms.s per minuut, afhangende van de middellijn van het mondstuk en van de werkdruk, welke laatste gewoonlijk 2 a 3 ato bedraagt. De" aandacht wordt er op gevestigd, dat het luchtverbruik van genoemde werktuigen oploopt, als de inwendige organen beginnen te slijten, terwijl bovendien van diverse fabrikaten de cijfers betreffende het verbruik een weinig uiteen liggen. Wat de regeling der opbrengst van de

dieselluehtcompressoraggregaten be – treft, kan worden opgemerkt, dat bijna alle verplaatsbare machines voorzien zijn vaneen leegloopinrichting als hierboven reeds omschreven. Tussen uit- en Inschakelen lopen motor én compressor door en is het krachtverbruik aanmerkelijk geringer dan bij vollast. Een verrijdbare dieselluchtcompressor

met een werkelijk aanzuigvolume van b.v. 270 m.° per uur en een tegendruk van 6 ato, heeft een krachtverbruik van ca. 35.7 pk. aan de as gemeten, terwijl het totale krachtverbruik van het aggregaat met inbegrip van koelwaterpomp en ventilator 38 pk. bedraagt bij 1000 omw. per min. Het vermogen van de dieselmotor moet hierbij 43 pk. zijn. Tenslotte zij nog vermeld, dat het brandstofverbruik vaneen dieselmotor van genoemde grootte ongeveer 180 a 190 gram per pk. en per uur bedraagt. G. A. F. *) Boven het vorige artikel stond ook 111. Het was echter het tweede artikel. Red.

Luchtverbruik in m.° Benaming per min. bij: Fig. * 5 ato 6 ato 7 ato no. Beton- en zandstampers (licht) 0.40 0.50 0.61 Idem (middel) 0.55 0.69 0.84 4 Idem (zwaar) 0.70 0.87 1.07 Sloop- of breekhamers (licht) 0.80 . 1.00 1.22 5 Idem (zwaar) 1.40 1.75 2.13 Boorhamers voor steen, beton enz. (licht) 1,40 1.75 2.13 6 Idem (zwaar) 1.70 2.13 2.60 Klinkhamers (voor i”—f” nagels) 0.35 0.44 0.53 Idem (voor 1” nagels) 0.50 0.63 0.76 8 Idem (voor 1|”—li” nagels) 0.75 0.94 1.14 Hak- en kookhamers (licht) . 0.40 0.50 0.61 Idem (middel) .') 0.50 0.63 0.76 9 Idem (zwaar) 0.60 0.75 0.91 Rotorboormachines voor staal (gaten tot 22) 1.00 1.25 1.53 Idem (gaten tot 32) 1.20 1.50 1.83 10 Idem (gaten tot 50) 1.40 1.75 2.13 Rotorslijpmachlnes (licht) 0.80 1.00 1.22 Idem (middel) i,lO 1.38 1.68 11 Idem (zwaar) 1.40 1.75 2.13 Cirkelzaag voor hout (zaagdiameter 250 mm.) 0.90 1.12 1.37 7 Luchtdrukspaden (licht) 0.40 0.50 0.61 Idem (zwaar) 0.60 0.75 0.91

VRACE NB U S Vraag 163. Hoe moeten vanadium stalen beitels worden uitgesmeed? Antwoord: Vanadium stalen 'beitels en gereedschappen worden door verschillende fabrieken gemaakt. Daardoor kan de samenstelling van de legering verschillend zijn. In ieder geval behoort het bij de gelegeerde staalsoorten. Dat wil zeggen, dat het door de bijmengingen een grote natuurlijke hardheid bezit en men zeker niet door de warmtebehandeling, zoals bij koolstofstaal gebruikelijk is, in die mate een verandering in hardheid kan afdwingen. Het kan nog een weinig wolfram of cobalt bevatten en hierdoor kan weer de tempe-

ratuur voor smeden en harden veranderen. Laten we veronderstellen dat alleen vanadium is toegevoegd. Het smeden moet tussen de 1200° en 900° C. geschieden, dus tot helgeel verhitten. Dit verhitten mag niet te snel gaan, dus het vuur langzaam heter maken. Vooral niet smeden blijven, als de temperatuur beneden 900° C. komt, daar het staal stukgeslagen wordt of scheuren gaat vertonen. Nadat de beitel bijgeslepen is, kan men proberen of hij nog te zacht is voor het gebruik. Is dit zo, dan brengt men weer langzaam op tot 900° C. en dan wat sneller tot ongeveer 1300° C. (witheet). Is dit bereikt, dan dompelt men het voorste deel

van de beitel in olie, onder voortdurend roeren. Is de beitel van onder afgekoeld, dan houdt men hem geheel inde olie, totdat hij geheel is afgekoeld. Is hij nog niet hard genoeg, dan kan men hem afkoelen ineen windstroom, waarbij er op gelet moet worden dat de snede van de beitel tegen de windstroom gehouden . moet worden. Let vooral op de hoge smeedtemperatuur en de hoge hardtemperatuur en verhit tot 900° C. niet te snel. J. V. Vraag 164. Kunt u een tabel plaatsen van Whitworth-draad van 2’: tot 6”, in dezelfde vorm als in ons blad dd. 24 April 1941 tot 2” werd geplaatst? Vervolg op pag. 4 bovenaan.

Sluiten