Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE METAALBEWERKER.

nu dat alles niet lukt, en wij daartegenover stellen, een onpartijdig onderzoek dat uitmaakt, al de vuile beschuldigingen waar te maken of te bewijzen .... Nu dat is nonsens. Dat is niet ernstig, zouden we zeggen .... maar we zijn huiverig dat te doen, want na afloop dezer kwestie zeide v. Erkel; ik heb niets willen zeggen in dezen, maar als het voorstel van den Metaalbewerkersbond was aangenomen, was ik geen secretaris meer gebleven. Dat was dus nog al hoog opgenomen nietwaar? Dat hij heelemaal niets in dezen wilde zeggen was een heel, heel klein abuisje. Hij had immers gezegd dat een commissie van onderzoek niets afdeed, aan wat hij gezegd had. En wat heeft hij gezegd? Wel Elferink is een lijmpot. Hij heeft de overige leden van Â’t hoofdbestuur opgezet tegen Â’t N. A. S., terwijl anderen eveneens liefelijke dingen aan ons adres hebben gebezigd, waarvan alleen de afgevaardigde van de Sigarenmakersfederatie zijn beschuldiging introk op ons verzoek. Deze was zoo vriendelijk geweest ons te verdenken, dat we het rondschrijven van Â’t N. A. S. en bestemd voor de afdeelingen, niet zonden verzenden, zulks grondde hij alleen op Â’t feit dat zooiets ook gebeurd is in den Sigarenmakersbond. + ♦ * De Havenarbeider bespreekt kortelijk deze vergadering en concludeert, dat het van het N A. S. glad verkeerd is zoo op te treden, en alleen tengevolge heeft dat de verhouding nog meer gespannen wordt tusschen het N. A. S. en Â’t hoofdbestuur. * * * In het Weekblad van de Diamantbewerkers schrijft Henri Polak een serie artikelen over: het soezen, de middelen en de grenzen der vakbeweging. In het laatste verschenen artikel, zegt hij onder meer: «Zoolang de heer Elferink scheen te staan aan den kant «van Â’t N. A. S. was hij de beste vent van de wereld, in der «vrijen* oogen: nu hij van richting schijnt te veranderen, «wordt hij in het N. A. S. een «broeier« een «knoeier« en «een «lijmpot* genoemd en worden de fiolen van den anar«chistischen toorn over zijn hoofd uitgestort.* Dit is volmaakt waar, maar nu is het onbegrijpelijk hoe of Polak er dan toe komt om wederkeerig zijn toorn over anderen uitte gieten, b.v. als hij over Cornelissen (van anderen zullen we maar niet overschrijven) schrijft; «Hij is de grootmeester der directe actie. Hij is de spitsvon«dige muggenzifter, de dubbel-gebakken en daardoor broos «geworden theoreticus, de exegeet van lik-me-vestje.« Laat Polak het zich voor gezegd houden, dat hij zichzelf daarmee blameert. Wij zijnde eenigsten niet die hierover struikelden; ook de Kleermakersbode schreef er reeds over en het . Volksdagblad nam dat met gulzigen eetlust over. We hopen terug te komen op deze serie artikelen, zoodra deze voleindigd zijn. Ze zijn inderdaad leerzaam. MaarscbuwinG. Nog altijd wordt menigeen de dupe van oplichters. Geregeld hebben we al zulke dingen in ons blad en andere bladen bekend gemaakt en toch blijft het maar doorgaan. Zoo is de Vereeniging van Brandersknechts te Schiedam weer beetgenomen dooreen metaalbewerker, zich noemende W. G. Dekkers, van Amsterdam. Hij gaf op ornamenteerder te zijn, wonende Rustenburgerstraat 168 A. Als secretaris der afdeeling Amsterdam gaf hij op v.d. Oever, Overtoom. Bij informatie bleek daar die naam niet bekend te zijn, terwijl Rustenburgerstraat 108 A niet bestaat. Opvallend is, dat die man zich toevallig zoo noemt als onze afdeelings-secretaris van V. Z. O. S., alleen de voorletters verschillen. Waarschijnlijk hebben we hier met een sluwen man te doen. Bedoeld persoon is van middelmatige lengte, eenigszins donker uiterlijk, donkere knevel, was als heer gekleed en maakt den indruk een net werkman te zijn. Wie kan hem nader aanduiden ? Nog een. Onze afdeelings-penningmeester van Den Haag gaf onlangs geld aan een zich voorgevend vakgenoot, die zich Van Veen noemde. Hij gaf een adres op te Haarlem, dat niet bestaat, terwijl de man hier geheel onbekend is. Deze persoon is ongeveer 50 jaar, heeft een bijna witten knevel en haar en is in Â’t zwart gekleed. Nog eens raden we allen die dit lezen, niets af te geven aan metaalbewerkers die niet kunnen toonen de bewijzen daarvan in Â’t bezit -te hebben. Onze leden worden er op attent gemaakt, dat indien ze op reis gaan een bewijs mee te nemen hunner afdeeling. BOEK- en TIJDSCHRIFT. Verschenen bij H. A. Wakker & Co., Gedempte Botersloot 52, Rotterdam; <De Arbeiders en het Onderwijst, door J. Joosse, onderwijzer te Amsterdam, mede-redacteur, van «De Bode«, orgaan van den Bond van Ned. Onderwijzers. De prijs is io cent. Op ons congres is de onderwijskwestie aan de orde geweest, en meenen wij goed te doen dit boekje ter lezing aan te bevelen. De prijs, 10 cent, is geen bezwaar. De 25 stuks a f 1.75, 50 st. a -3.25, ioo st. a f 6, DRANKBESTRIJDING. Gebruik geen alcohol, als ge een goed criketter wilt worden, zei Grace, de kampioen van Engeland, Gebruik geen alkohol, als ge goed voetreiziger wilt worden, zei Weston, die de halve wereld te voet heeft afgelegd. Gebruik geen alkohol, als ge een goed roeier wilt zijn, zei Hanlan, die alle roeiers achter zich liet. Gebruik geen alkohol, als gij een goed zwemmer wilt zijn, zei kapitein Webb, die het kanaal overzwom. Gebruik geen alkohol, was de conclusie, welke met algemeene stemmen op het internationaal alpinistencongres dat

ongeveer 12000 bergbewoners vertegenwoordigde aangenomen werd, want alkoholische dranken zijn niet slechts nutteloos, maar zelfs schadelijk voor den bergbestijger. Gebruik geen alkohol, als gij bestand wilt zijn tegen de ruwheden van het klimaat inde Noordelijke Ijszee, zei dr. Nansen, die bijna de Pool bereikte. Gebruik geen alkohol, als ge een goed fietser wilt worden, zeggen allen, die op ’t gebied van wielrijden naam hebben gemaakt! Gebruik geen alcohol zeggen Barnum en Bailley tot hun personeel, dat op de voorstellingen het publiek door hun kracht en vlugheid verbaast. Goede en geregelde voeding is de eerste voorwaarde om veel en vlug arbeid te verrichten. Sterke drank, wijn en bier zijn daarbij contrabande. Uit De Geheelonthouder. De Alcohol is de groote bondgenoot der Prostitutie. Leo Tolstoy Waarheid zij het doel slechts van ons streven, Zoekt gij ze ook langs anderen weg, dan wij Goed! Te beter vruchten draagt ons leven, Want wat wij niet vinden, dat vindt gij. De Genestet. INGEZONDEN. Geachte Mijnheer de Redacteur. Woensdagmorgen 31 Mei werden de werklieden van de werf ’t Kromhout hoogte Koedijk verrast door het volgende pamflet: «Hiermede wordt aan de werklieden van de werf ’t Krom«hout bekend gemaakt, dat vanaf 1 Juni voor Zondagsarbeid «5° °/0 zal worden uitbetaald. «Wij worden door dezen maatregel getroffen door ’t feit «dat onze collega’s vroeger alreeds een dergelijken maatregel «troffen. «Naar aanleiding van bovenstaanden maatregel zullen wij «in het vervolg zooveel mogelijk Zondagsarbeid vermijden.* Men zou waarlijk denken dat de firma den goeden weg op ging, dooreen voorbeeld te nemen aan andere fabrieken, die het wel goed met hun werklieden voor hebben, maar helaas het is den anderen kant uit. Waarom nu niet eens een verandering inde goede richting, zooals bijvoorbeeld aan de Nederlandsche fabriek, zooals verleden jaar een flinke som geld te verdeden aan de werklieden, hun Zondagen uitte betalen, ze inde gelegenheid te stellen een of tweemaal per jaar een goedkoop uitstapje te bezorgen. Nu zullen wij het ziekenfonds nog daar laten en ook het pensioenfonds. Je hebt fabrieken waar ze per jaar vrije dagen met behoud van loon krijgen en goed ingerichte fondsen hebben. Er zijn zooveel fabrieken waar voor den arbeider wat gedaan wordt, dat inde goede richting is, wat werkelijk den patroon en werkman ten goede komt. Waarom mijnheer Goedkoop nu altijd aan de arbeiders hun centen, die zij verdiend hebben te bezuinigen. En wat zullen die zoete jongens die het een poos geleden zoo voor hun ernstigen patroon hebben opgenomen, wel zeggen? Zij zullen niet veel zeggen, maar zij zullen toch in hun zelven denken, nou dat is ook weer mooi. Maar gaat zoo door mijnheer Goedkoop. Heersch als een Czaar in uw omgeving. Wellicht gaat het u evenzoo als deze in Rusland. Delft, 20 Mei 1905. Aan de afd. Amsterdam. Naar aanleiding van de circulaire: Een ernstig woord tot alle Metaalbewerkers hebben wij als bestuur besloten om deze dingen niet uitte geven, wat ons hiervan terughoudt is dit, dat wij als bestuur al onze krachten inspannen om onze afd. zoo sterk mogelijk te maken en ingezien hebben, dat wanneer wij deze onjuistheden aan onze leden overhandigen wijdoor dit te doen onze afd. zien verzwakken. Groetend {w.g.) Het Bestuur J. Bakker, Secretaris. Bovenstaand schrijven gewerd ons uit Delft toen dit in de h.h verg. voorgelezen werd, weerklonk er uit de vergadering een gelach, en welk Metaalbew. die dit leest moet niet lachen! Tenminste als hij weet wat organisatie is. Zij, het bestuur van de afd. Delft wil hun afb. groot maken, nu dat is te begrijpen, welk organisatieman zou dat niet willen ? Maar moet dat grootmaken met zulke middelen geschieden ? Moeten de leden overal van verstoken blijven als het bestuur denkt, «dat is niet goed voor jelui kindertjes. Hoe is het mogelijk, dat mannen, die voor een betere maatschappij strijden er zoo’n ergerlijke domperstaktiek op na houden. Op welk een,peil van organisatie staat gij bestuur van de afd. Delft? Dit vragen de leden van de afd. Amsterdam, die volgens den leider van den Bond ook geen organisatie begrip hebben. Wij houden het er voor, dat de leden van de afd. Delft dat niet weten, het lijkt ons tenminste onmogelijk toe, dat zulke mannen dan gehandhaafd blijven, wij weten wel, dat zoo ons bestuur zulks deed, zij direkt zouden zeggen (de leden dan), zoolang gij bestuur er zoo’n organisatie begrip opnahoudt is je plaats niet inde organisatie maar in een christelijke Zondagschool.* Wij hopen dan ook, dat door dit stukje de Delftenaars hunne bestuurders eens op hun plaats zetten, anders zullen zij u spoedig alles onthouden wat zij meenen dat niet goed voor je is, en er is niet veel wat goed voor je is volgens hunne meening. Wij zitten en willen niet zitten onder den druk van gees-

telijke adviseurs, dus ook niet onder den druk van dat soort bestuurders. Namens de afd. A’dam, K. de Vries, Secretaris. Het stukje voorkomende in het nummer van 3 Juni, uit Krommenie, draagt, volgens genomen besluit op de gecombineerde besturenvergadering van den 23 Mei, ten zeerste de afkeuring weg. Namens de afdeeling. Het Bestuur. [Wij handhaven onze meening en kunnen dat aantoonen. Laat de heer Verwer zelf eens tegenschnjven. Red ] Onze Verraadplegers. Kameraden! Voor ge in samenwerking gaat met katholieke metaalbewerkers, informeert dan eerst eens bij de Ned. Timmerliedenbond, hoe de katholieken zich gedragen hebben ineen strijd te Hilversum, waarin zij een groot verraad hebben gepleegd, tegenover hun medekameraden, waarmede zij eerst den strijd hebben aanvaard en dan later hun kameraden in den rug aanvallen, om de staking op te heffen, waarmede zij ongeveer 3 weken in strijd waren. Dus metaalbewerkers, zoo ge met katholieken in samenwerking zijt, trekt u zoo spoedig mogelijk van hen terug, want ge kunt ze niet vertoruwen, zij hebben ze achter hun elboog zitten. Hunne vereenigingen, die den naam dragen van St.-Eloy of St.-Jozef, mogen wel overgedoopt worden met den naam van St.-Judas, die haar beter toekomt dan die andere heilige namen, want het zijn verraders eerste klas. Een Metaalbewerker uit Hilversum. [Wegens plaatsgebrek eerst heden geplaatst Red.] Geachte Redactie! Veroorloof mij voor den laatsten keer een weinig plaatsruimte als antwoord aan den heer Paasse. Ik had van elk eerlijk man een zakelijk antwoord op mijn zakelijk schrijven verwacht maarde heer Paasse schijnt met de waarheid op zeer gespannen voet te staan, omdat hij bij gebrek aan argumenten zijn toevlucht tot scheeve voorstellingen, leugen en laster neemt. Een leugenaar moet een goed geheugen hebben en bij gebrek aan feiten leutert hij wat, want alle kwesties, die de heer P. bij de haren er bij sleept zouden ineen heel ander licht komen, als ik alle particuliere gesprekken waarbij alles en nog wat bij de haren erbij gesleept werd wilde blootlegen, want ook in het contract met Reidel ben ik niet teruggekropen maar tot het laatst toe heeft R. voor den laatsten afdruk mij nog eens de gekorrigeerde drukproef geleverd, en daarover (over de zetfouten) liep bij mij de kwestie en dat ik natuurlijk, toen R. getrouw deze verplichting vervulde, geen verdere klachten meer uitte, zal ieder begrijpen. Welk standpunt ik ingenomen heb ten opzichte van arbeiderspolitiek weten de vakgenooten al lang, juist de uitspraak van het referendum in 1902 was aanleiding tot mijn eerste bedanken (en toen het tweede besluit ten opzichte van verwerping der arbeiderspolitiek herriep bleef ik weder) dus elk wist wat hij aan mij had, lang te voren en zoo is dat tot het laatst gébleven (natuurlijk dat de ervaringen met de Aprilstaking mij nog meerden parlementairen weg op dreven) maar beslist sociaal-demokraat ben ik eerst na het internationaal congres te Amsterdam (1904) geworden, hoeveel de macht der feiten mij, al tegenstribbelende, en met geweld weer inde rijen dier «partij* dreven. Paasse spreekt dus daarin de onwaarheid. Wat de kwalificatie «schaar-techniek-redacteur< aangaat geef ik aan de andere lezers in overweging na te gaan, of ik alleen schaarproducten (cliché inch) geleverd heb, wellicht willen IV. de Vries, Mej. A. Spoel en Reidel constateeren welke technische copie inde vier jaren het grootste kwantuur representeerde de zelfgeschreven met zelfgeteekende diché’s of de schaarcopie (bij de laatste stond trouwens altijd onder «Vraag en Aanbod* of in ’t algemeen de bron). Toch zou ik op het pamflet van den heer Paasse niet geantwoord hebben, zoo hij er niet een infame leugen bijvoegde, namelijk dat ik met een lijst voor een cadeau bij ons op de fabriek zou geloopen hebben, dit nu is infame laster en ik vraag aan mijn medearbeiders (ook W. de Haan) of dat waarheid of leugen is, integendeel bij het laatste cadeau heb ik de laatste weken geweigerd bij te dragen, omdat er een kwestie met dien baas was. Hier wordt niemand geprest aan een cadeau bij te dragen maar ook allen zonder uitzondering dragen daartoe bij (evengoed voor werkman als baas) en de oudste medearbeider heeft de lijst (die is er al over de 30 jasr hier). Maar het schijnt bij sommigen even niet zonder laster te kunnen. Juist deze soortgelijke lastercampagne van den heer Paasse tegen W. A. heeft mij uit de «Vrije Soc. Ver.« te Dordt gedreven, maarde heer P. behoeft niet te gelooven, dat het hem met den bond zal lukken. De tijd zal ook hier leeren. Maar ieder eerlijk medearbeider verzoek ik den laster en leugen van den heer Paasse te ontmaskeren. Voor de plaatsruimte dankende. A. Jantzen. Dat men bij bestrijding van personen in vele gevallen zijn toevlucht neemt tot leugen, inde stille hoop er blijft allicht wat van bestaan, is ook weder het geval met het antwoord van Paasse aan Jantzen. Die cadeaubeschuldiging is totaal ongegrond daar Jantzen zich niet op den voorgrond geplaatst heeft, is in deze dan zoo een beschuldiging niet af te keuren ? De verdere inhoud is. voor elk vakgenoot, welke den toestand der organisatie kent naar waarde te schatten. Vult in ’t vervolg Redakteur de ruimte van ’t blad met meer opbouwende gegevens, dat is voor de verkoop van het blad op fabriek en werkplaats bevorderlijk. Dordt, Juni. Uw Bondgenoot P. Harmans.

52

Sluiten