is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 32, 1933, no 2, 14-10-1933

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE OVERWONNENE

Duizendmaal moogt gij mij hoonen. Stapelen kunt gij op mij uw smaad

Stil en gelaten, zal ik u toonen. Waartoe is in staat.

Gesnoerd is mij mijn mond. Maar uit mijns harten

Allerdiepsten grond

Wellen, gepuurd uit smarten. Nauw verstaanb’re klanken Om stil en zachtkens aan

U diep te danken

Voor al ’t leed, mij aangedaan. Want zaak is ’t te snoeien

Den rozestruik onzacht Om te doen ontbloeien

Een schooner bloemenpracht.

A. SIGIT.

*) Bhdkti = dienende liefde.

Emil Fuchs

Men schrijft ons:

De vele vrienden, die dr. Emil Fuchs, vroeger predikant in Eisenach, later hoogleeraar in de godsdienstwetenschap in Kiel, in Holland heeft, zullen met vreugde vernemen, dat hij enkele weken geleden zijn vrijheid heeft herkregen.

Af gezet als zoovelen zijner collega’s, werd hij gevangen gezet. Hij had namelijk in een particulier gesprek uitdrukkingen gebruikt, die door de regeering als een taeleediging voor de nationale symbolen werden gezien.

I In het proces werden deze woorden echter als achteloos gekenmerkt, hij werd tot 4 weken gevangenisstraf veroordeeld, die echter werden opgeheven door zijn voorloopige vrijheidsberooving van vijf weken.

Waarmede de beproevingen van hem en zijn gezin intusschen niet ten einde zijn. Van zijn vier kinderen kunnen twee afstudeeren in Engeland en in Zwitserland, dank zij den steun van Zwitsersche en Hollandsche vrienden. Maar zijn oudste dochter Elizabeth, een zeer begaafde schilderes en overtuigd communiste, is gevangen genomen en zit nog steeds in de gevangenis te Kiel. Daar wij overtuigd zijn, dat zij uit de zuiverste motieven communiste is en niet in staat tot misdrijven van welken aard ook, hopen wij dat zij spoedig in vrijheid zal worden gesteld en dat dan het grootste leed geleden zal zijn voor onzen vriend.

Het aanbod van Woodbrooke om eenige maanden aldaar cursussen te geven, kan hij echter in geen geval aannemen zoolang zijn dochter gevangen zit.

staande de conclusie te trekken, door sommige socialisten tegenwoordig getrokken, dat de leer van den klassenstrijd heeft afgedaan. Klassenstrijd is m. i. evenzeer noodig als in Marx’ tijd, maar dient ten allen tijde te zijn een heilige strijd, d. i. een strijd met een heilig doel, gestreden met heilige middelen, in het, vaak ontbrekend, besef, dat boven de klassenkloof en de vele andere wereldsche afgronden, die menschen scheiden, een brug bestaat, die mensch tot mensch in makkerschap bindt.

Socialisme, bereid zich zelf zoo te verliezen, zal behouden blijven.

W. MIDDENDORP.

Boekbespreking

H. Dubreuil: Nieuwe Normen, uit het frans vertaald door E. Stoffel. Uitg. 25,. E. Kluwer, Deventer 1933. 282 bladz.

Dit is zonder twijfel een belangrijk boek: om de wijze waarop de stof wordt behandeld als ook om de inzichten waarvoor de schrijver opkomt. Deze inzichten krijgen een eigenaardig gewicht, omdat Dubreuil met het gezag van de ervaring spreekt. Hij aanvaardt dat in de moderne maatschappij met haar dichte bevolking rationalisatie en mechanisatie absoluut nodig zijn; hij aanvaardt ook de rechtsstrijd der arbeidersbeweging al staat hij skepties tegenover allerlei toekomstleuzen; het vraagstuk is voor hem het scheppen van een arbeidsorganisatie, waarin harmonie heerst in plaats van onenigheid; wat naar de menselike kant ook betekent hoe de arbeider zich weer tuis kan leren voelen in de onderneming, zoals de gezel uit de Middeleeuwen zich tuis voelde in de werkplaats van de meester, als deze een broederlike geest had (194). Het boek bevat een merkwaardige verdediging van bepaalde beginselen van Taylor, een verdediging die men zeker lezen moei; als men Van Ginnekens bestrijding kent. Immers voor Dubreuil gaat het erom, „die vormen van samenwerking te vinden, waarbij het recht van de arbeiders om eindehk beschouwd te worden als mensen, dat is te zeggen als denkende wezens, erkend wordt” (147). Men kan tegen bepaalde opvattingen van de schrijver bezwaar hebben, het boek ook te lang vinden, het blijft een belangrijk getuigenis, waarover wij ons mogen verheugen. De vertaling laat zich vlot lezen. W. B.

De Wijsbegeerte in haar verhouding tot ons hooger Onderwijs. Verschillende redevoeringen van hoogleraren. Uitg. F Bohn, Haarlem 1933. Prijs ƒ 1.90 geb.

Einde 1931 hield de Nederlandse Afd. van de Kant Gesellschaft een kongres over de plaats van de wijsbegeerte in ons Hoger onderwijs de verhandelingen hggen nu in boekvorm voor ons. Merkwaardig dokument! Merkwaardig, omdat de Nederlandse docenten in de wijsbegeerte het voor een groot deel eens waren geworden merkwaardig, omdat de tijd waarin deze plannen openbaar worden gemaakt (krisis, bezuiniging, kultuurafbraak) ze volkomen utopies maakt nieuwe leerstoelen! merkwaardig omdat deze dragers der geestelike waarden nochtans uitspreken wat behoorde te gebeuren wil de filosofie tot haar recht komen. Er ontbreekt één verhandeling: een onderzoek naar de vraag, waarom onze maatschappij en haar leiders zich aan geestelike waarden zo weinig gelegen laten liggen. W. B.

Vereenigings-

iiniiiiiiiiiiiii[ii| S

Rel, Soc. Bijeenkomsten Zondag 15 October

R.S.V. Amsterdam: half elf; Odd Pellowhuis, Keizrsgracht 428. Spreker: J. H. Scheps. Onderwerp: „Het Godsgericht in de Duitsche Contra-Revolutie”. Niet leden 20 ct.; werkloozen vrij.

R.V.S. Utrecht; 7 uur; „Harmonia”, Ambachtsstraat 12. Jeugdavond. Spreker: mr. H. Willemse. Onderwerp: „De les van het oogenblik”. Toegang 10 cent; werkloozen vrij.

Rel.-Soc.-Verbond Hoofdbestuur

De berichten van de meeste afdeelingen wijzen op een goede werklust voor de komende winter.

Rotterdam en Utrecht hebben reeds een ledenwinst kunnen berichten.

uit verschillende plaatsen waar nog geen afdeellng Is zijn verzoeken binnengekomen om bemiddeling bij het vinden van sprekers. Vanzelfsprekend Is deze hulp verleend.

Voor elk overleg en voor elke gewenschte hulp zijn wij, voor zoover mogelijk, bereid. Adres Corn. Krusemanstraat 39, Amsterdam (Z.).

ABR. GERHARDT

R.S.V. Groningen

Vrijdag 6 October werd In het V.C.J.8.-Centrum een huishoudelijke vergadering gehouden ter bespreking van ons winterwerk ’33-’34. Er zullen 4 cursusvergaderingen worden gehouden over „Het geweldvraagstuk” door personen van diverse richtingen. Nadere bijzonderheden volgen nog. Opgev'ekt werd tot het zich abonneeren op „Tijd en Taak” en het aanbrengen van leden voor het R.S.V. Tevens werd verslag uitgebracht betreffende onze bemoeiingen betreffende het uitzenden van werkloozen naar Bentveld. Verslag werd tevens uitgebracht van onze poging tot samenwerking met diverse vrijzinnige kringen In de stad, om gezamenlijk het werkloozenwerk ter hand te nemen. Dit Is helaas mislukt.

Pogingen worden ondernomen om nu zelf dit werk ter hand te nemen. Van de V.C.J.B. krijgen wij de beschikking over een zaaltje dat 4 dagen per week van 2—5 uur voor de jeugdige werkloozen is opengesteld. Binnenkort volgt hierover een uitvoerige circulaire aan de leden en lezers van T. en T. Giro van den secretaris is nr. 173682 (J. Start, Vischmarkt 28a, Groningen). Giften voor dit belangrijke werk worden gaarne verwacht. J. S.

Rel. Soc. Bijeenkomst te Santpoort

Onze samenkomst op Zondag 8 October was wel zeer druk bezicht, „De Toorts” kon maar amper alle deelnemers opnemen. Mr. Moltzer hield een inleiding over „den geestelijken nood van dezen tijd”.

De oorzaak achtte hij voornamelijk gelegen in het optimisme, gevolg van een In het persoonlijk en maatschappelijk leven domlneerende eenzijdige levensrichting, een optimisme, dat door de oorlog ten deel gebroken, door de krach van 1929 In zijn tegendeel omsloeg en alle zelfvertrouwen brak. Hoe zullen wij nu weer uit dezen grooten nood komen, speciaal het geestlooze type massamensch, ook In de arbeidersbeweging welbekend, die met het eene been in het rationalisme, met het andere In het rijk der absolute waarden staat en zoo licht slachtoffer wordt van communisme of fascisme. En dan vooral: hoe zullen we de mlllloenen werkloozen thans nog crlsls-werkloozen, straks wellicht goeddeels structuur-werkloozen hulp bieden? De menschwaarde Is aangetast. Welke bestemming heeft het leven voor de permanent werkloozen, welke Is voor hen de zin van het leven? Daar heeft onze maatschappij thans geen antwoord op. Bij den thans geldende maatstaf beoordeelt men den mensch slechts naar zijn waarde In het productieproces. Maar dit is een miskenning van het wezen van den mensch. De mensch moet zich ontwikkelen tot een persoonlijkheid en elk mensch heeft In zich verschillende mogelijkheden die hij moet trachten en ook anderen helpen trachten, dus Individueel en In gemeenschap met anderen, te verwerkelijken. Daarop moet de samenleving worden Ingesteld, daarnaar, en niet slechts op politiek terrein, moet de democratie In de toekomst, zal zij een toekomst hebben, streven, en zoo slechts ook zal het deze mogelijk zijn aan de den mensch als geestelijk wezen neerhalende strekkingen In fascisme en communisme het hoofd te bieden.

We zijn verzekerd, dat allen huiswaarts zijn gegaan na de zeer ultgebrelde gedachtenwisseling kan daaromtrent geen twijfel bestaan diep doordrongen van den ernst van het probleem, zooals het door den inleider werd gesteld en ontwikkeld, mogelijk onder den druk van • eigen tekort. Individueel en In gemeenschap, en nochthans verlicht, In de overtuiging, dat hier door onze zwakke krachten, geleld door hooger macht, uitredding toch mogelijk moet zijn en bij alle verschil van meenlng een eenswlllende bereidheid hierin naar vermogen mede te werken.

Voor het heengaan beloofden wij elkaar nog eens weer op gelijke wijze samen te komen.

JEUGD 1933

Zij gaan het leven in nog vóór hun tijd. In hen is worsteling om hen de nijd.

Om hen bedwelming: snelheid, rumoer; om hen de terging grimas en bravour.

Om hen verwikkeling niemand is trouw —; om hen de prikkeling drank en een vrouw.

Om hen verzadiging winst en genot;

in hen beschadiging armoede, spot.

In hen onterving, in hen een kerving, die niemand weet,

nergens bescherming, nergens ontferming enkel een kreet:

Wij moesten het leven in Zochten de weg alleen

Vader, het is loochening Er is er geen!

ANTON POLET.