is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 38, 1939, no 8, 18-11-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nieuws van overal

Neutraliteit

Het begrip en de houding, die het in onze voorstelling oproept, blijft de geesten boeien. Wij citeren uit een opstel van Heinz A. Ludwig in het Octobernummer der „Gemeenschap”:

„Wie in de neutraliteit van Nederland, Zwitserland etc. niets anders weet te waarderen dan een politiek ontduiken van de wereldstorm of een lafhartige gehoorzaamheid aan eigen oeconomisch belang, die begrijpt niets van de diepe en levensmachtige zin der hogere afzijdigheid.” De schrijver spreekt vervolgens over „de bezielende d.w.z. geestelijk, historisch en humaan veredelende taak, die bestaat in afzijdigheid van „deelneming” terwille van het geheel, onpartijdigheid, terwille van het bovenpartijdige goed, de vrede, die de belangen der volkeren te boven gaat”.

De aandachtige lezer vreest hier een ogenblik rhetoriek en woordspeling. Maar als toelichting citeren we nu:

„Terwijl de politieke mogendheden elkaar op leven en dood bestrijden en haar Inwoners zich noodgedwongen vervreemden van de Europese geest en de daardoor veronderstelde vredesgedachte, schakelen zij zich uit de gelederen uit, die datgene, waarvoor zij eigenlijk strijden, kunnen behoeden, redden en vernieuwen. Zij doen dit zo hopen en geloven ■wij niet voor altijd, omdat zij immers menen te strijden ter verzekering van de wereldvrede. Maar ondertussen zijn zij toch de werktuigen van hun eigen doel geworden.

Hiertegenover is het de taak van de neutrale staten de waarden te cultiveren, die de andere volken, zonder ze voorgoed prijs te geven, nu toch tijdelijk hebben opgeofferd. Neutraliteit is dus een geestelijke en Europese taak. De neutralen en zij alleen zijn Europa.

De vernieuwing van de broederschap, de herleving van de persoonlijkheid, de verzoening van klassen en standen, beantwoorden niet aan een programma, maar aan de gesteldheid van de geest. In vrede moet de vrede worden vernieuwd, te midden van het krijgsrumoer.”

Verscheurde families en financiële politiek

De verhuizing uit de Baltische staten van alle Duitse bewoners veroorzaakt velerlei ellende, ook op huwelijksgebied. Veel Duitsers hebben Baltische vrouwen en vele van hen willen niet gescheiden worden van hun vaderland en van hun vrijheid, temeer, omdat de toekomst in Polen hun niet aanlokkelijk schijnt. Gevolg van deze houding is een vloed van echtscheidingen. In Letland en Estland heeft men aparte rechtbanken moeten inrichten om deze echtscheidingsprocessen snel te beslechten, want de transportschepen liggen al onder stoom: huwelijken worden stukgescheurd, kinderen worden verdeeld, mensen, die bij elkaar horen, zeggen elkander voor eeuwig vaarwel. Waarom al dit onnodig leed? Een heeft het gezegd. Een Duits minderhedenblad in Hongarije „Die Donau” motiveert de maatregelen met financieel-politieke beschouwingen.

Deze verhuizingen scheppen voor Duitsland deviezen of minstens credieten tot levering van materialen, die niet door industrie-producten hoeft gecompenseerd te worden.

Immers de emigranten mogen geen voorwerpen van waarde meenemen. De verrekening van hun vermogens geschiedt van regering tot regering. Daarvoor krijgen de verhuisde Duitsers credieten in binnenlandse marken.

Bolsjewisme in Duitsland

Onder voorbehoud wensen we onze lezers mee te delen, wat „L’Aube” van 22 October bevatte als samenvatting van hoofdzakelijk Zwitserse reportages uit Duitsland:

Er zou grote ongerustheid in de Aristocratische, Katholieke en Protestantse kringen van Duitsland, ja bij officieren en vrouwen van

alle sociale klassen heersen over het feit, dat het derde Rijk in razend tempo gebolsjewiseerd staat te worden. Volgens hen is de verklaring van Rudolf Hess, dat de Führer eerder van Duitsland een Sowjetrepubliek maakt, dan aftreden zal, geen rhetorische wending en geen leeg dreigement, maar ze heeft een diepe zin en laat ernstige gevolgen vrezen. Men herinnert daarbij aan verklaringen van Dr. Ley van het arbeidsfront, die hierop neer kwamen, dat alle middelen goed waren om het succes van den Führer op economisch gebied veilig te stellen. Vele invloedrijke nazi’s verklaren, dat men, om de oorlog te kunnen winnen, Russisch-bolsjewistische organisatiemethoden moet hanteren. En van haar kant verklaart de omgeving van Göring, Hess en Funk, dat men de overwinning slechts kan bereiken door een aangepaste arbeiderspolitiek, die de communisten naar het hart is.

Sedert kort verklaren de Nazi-autoriteiten, die belast zijn met de bewerking van de openbare mening in de richting van deze radicale omzetting, aan de massa’s, dat de Duitse oorlogseconomie, die binnen twee of drie maanden moet gelijkgeschakeld zijn met de Russische organisatie in allersnelst tempo elke kapitalistische invloed zal onderdrukken. Men spreekt nog niet van Communisme het woord schrikt een weinig af maar van volksgemeenschap. Deze Nazi-agenten voegen hieraan toe, dat men, om dit doel te bereiken, een organisatie op Russisch voorbeeld moet scheppen, dat Duitsland economisch onafhankelijk heeft te zijn, dat het derhalve vruchtbare koloniën en de Elzas met zijn ertsen moet hebben. Deze rijkdommen moet Duitsland veroveren op de kapitalistische democratieën en zodoende wordt de oorlog gevoerd in het teken der revolutie en van het communisme.

We tekenen onzerzijds bij deze beschouwingingen aan, dat ze ontleend zijn aan een rechts Frans blad, dat begrijpelijk klaar staat den nationalen vijand (Duitsland) te identificeren met den politieken; dat de collectivering ook verklaard kan worden uit de poging om geheel de Duitse volksgemeenschap om te bouwen tot een nationaal oorlogscollectief. Dat anderzijds echter deze visie merkwaardig klopt met de houding der communisten en van Rusland; dat ze een aannemelijke verklaring geeft van de vlucht van een man als Thyssen; dat het een feit is, dat Duitse kranten tegenwoordig wemelen van vraag- en aanbod-advertenties over het leren van Russisch.

Staat van Dienst

In „r Europe nouvelle” vonden we deze staat van dienst op naam van Franz von Papen. Den belangstellenden lezer verwijzen we voor de eerste helft van deze biographie naar het interessante boek van kapitein von Rintelen over Duitse geheime dienst onder de vorige wereldoorlog: The dark Invader (verschenen in The Penguin edition).

Men kan von Papen vergelijken met een generaal, wiens roem en glorie stijgt van nederlaag tot nederlaag.

Gedurende de vorige wereldoorlog was hij militaire attaché te Washington en wist toen de aandacht der autoriteiten op zich te vestigen door een geheime depêche (die ontcijferd werd) en waarin hij sprak over „idiote Yankees”. Hij werd de Verenigde Staten uitgezet, omdat hij de sabotage der munitie-fabrieken organiseerde. Bezwarende documenten liet hij op een hotelkamer slingeren. In 1932 wordt hij door de tegenstanders van het Nazisme tot Rijkskanselier gepromoveerd met als taak Hitler de voet dwars te zetten en slaagt er binnen enkele maanden in Hitler de hoogste macht te bezorgen. Als zaakgelastigde van Hitler dient hij zijn Roomse vrienden door de onderhandelingen met het Vatikaan, welke tot een Concordaat voeren, dat een bron van durende verbittering van beide partijen is. In 1934 is hij gezant te Wenen om daar een vriendelijke Anschluss te organiseren: heel Oostenrijk zou in een golf van enthousiasme zich aansluiten bij het grote vaderland. Dol-

fuss en Schusnigg kunnen van de aangename resultaten meespraken.

Na dit succes reist von Papen naar Ankara om Turkije ios te weken van een Engels-Frans verbond. ledereen weet nu, hoe schitterend hij hier gesiaagd is. Voortaan kan men alles van von Papen verwachten: gezant te Washington of te Moscou?

De krant in de oorlog

Een belangrijk stuk gaat door de Franse pers. De „Epoque” ontving kortgeleden een ingezonden stuk. Het was opgesteld door frontsoldaten. We citeren er enkele fragmenten uit:

Als gemobiliseerde officieren en onderofficieren, die tot alle offers bereid zijn om de christelijke beschaving te redden, zijn we diep teleurgesteld door de geestelijke leegheid van de Fransepers.Wij begrijpenheel goed, dat men niet vier bladzijden kan vullen met een leger-; order van vier regels. Maar waarom kan men in deze zo ernstige uren niet eens de oorzaken nagaan, die ons tot aan de rand van de afgrond hebben gebracht. In 1914 heeft zich de oude generatie opgeofferd en nu na 25 jaar begint alles weer van voren aan. Wellicht hebben zij zich toen vergist in de oorzaken van hun dwaling. Ze waren in het stellige vertrouwen, dat alles van de politieke orde afhing, terwijl wij tegenwoordig wel weten, dat het om een morele orde gaat. Wij komen uit alle streken van Frankrijk en zijn verbaasd over de gelijkheid onzer inzichten. Het is onmogelijk de vrede in de wereld te bewaren, zonder een terugkeer in het openbare leven van de eerbied voor zedelijkheid en godsdienst. Alleen de godsdienst maakt het mogelijk voor de volkeren om hun innerlijk evenwicht te hervinden, zo goed als een basis tot onderling wederzijds begrip. Het is deze groep van vraagstukken, die van het hoogste belang is niet alleen voor ons vaderland, maar voor de gehele beschaving. Waarom vormen zij niet de hoofdinhoud van de grote artikelen in uw krant? De censuur zal u er niet bij lastig vallen en de gehele beschaafde wereld zal u met aandacht volgen ”

Eenheid van Europa Nu

De naar aanleiding van het boek van Clarence Streit „Union Now” ruim een jaar geleden gevormde Engelse organisatie „Federal Union]’ ontwikkelt sinds het uitbreken van de oorlog een verdubbelde activiteit aldus de Londense correspondent van de Chr. Sc. Mon. van 28 Sept. Wekelijks wordt een nieuwsbericht uitgegeven, en tal van afdelingen worden opgericht. Bij de propaganda wordt de klemtoon gelegd op de noodzakelijkheid, dat de nationale souvereiniteit ondergeschikt moet worden gemaakt aan de gemeenschappelijke belangen van de wereld. Onder hen die deze beweging steunen kunnen genoemd worden de Aartsbisschop van York, de vakbondsleider Ernest Bevin, Wickham Steed, Gapt. Liddell Hart, J. B. Priestly en miss Storm Jameson.

Hardnekkige mieren

Enige weken voor de oorlog zei een buitenlands diplomaat tot mij: „Men moet er zich op voorbereiden, dat de kleine landen geleidelijk wel zullen verdwijnen.” Ik heb daar maar niet op geantwoord, want men zou daar heel veel op moeten zeggen. Deze man nam met een zekere berusting een soort biologische noodzakelijkheid aan, die ik juist als een aanslag op het leven beschouw. Het is niet waar, dat de kleinere en zwakkere staten tot ondergang gedoemd zijn. Ze hebben slechts te verdwijnen, als zij geen weerstand bieden, als ze slecht bewapend zijn, als ze instemmen in hun eigen ondergang.

Het zijn integendeel de monsters, die verdwijnen moeten; hun ruggegraat kan hun gewicht niet meer dragen. Aanschouw slechts in de musea de voorhistorische dieren, de Ichthyosauriër en andere reusachtige reptielen, maar de hardnekkige mieren zijn nog steeds in Gods vrije natuur ijverig bezig, terwijl God zij dank de vogels door de luchten reizen.

„Le Figaro”, Guermantes, 14 October.