is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1947, no 41, 12-07-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de souvereiniteit van de kleine staten in gevaar zou brengen; alsof de verhouding van de Sowjet-Unie tot Hongarije, Bulgarije of Polen er een was van eerbied voor de nationale souvereiniteit; en alsof niet alle kleine volken in Europa reeds lang beseffen, dat zij zozeer afhankelijk zijn van één of meer der grote Drie, dat zij deze onwerkelijke souvereiniteit der eigen staten, met graagte voor een beetje werkelijke souvereiniteit van geheel Europa al was het maar alleen op economisch gebied zouden willen verruilen!

Zo bleek in Parijs duidelijker dan ooit, hoe de meelopers van het communisme in Europa zich vergissen als zij in de Sowjet-Unie nog steeds de meest radicale socialistische staat of de vernieuwende en verfrissende kracht van de Toekomst zien, die zij twintig, vijf en twintig jaar geleden misschien inderdaad was, ondanks alle fouten en gruwelen, waarmede haar geboorte gepaard was gegaan. Want nu toonde Molotow toch wel, dat in de leidende kringen van Rusland zozeer alle idealisme is verdwenen, dat zelfs het begrip voor het gebruik daarvan als propagandawapen scheen te ontbreken.

Vanwaar dit verschil met een kwart eeuw geleden? Heeft de demonie van de macht, die alle dictatoriale heersers gegrepen heeft van Saul en Macbeth af tot Napoleon en Hitler toe onverschillig welk doel zij meenden dat hun middelen heiligde nu ook het Politbureau der communistische partij in Rusland te pakken en zijn zij werkelijk de „beangste mannen van het Kremlin” geworden, waarvoor een der belangrijkste ex-correspondenten uit Moskou hen blijkens zijn achteraf geschreven

boek houdt? Beangst voor het afbrokkelen van hun in Rusland en de satelliet-staten nog enorm grote macht, nu de wervende kracht der communistische idee tot een geraffineerde techniek met versleten leuzen is afgezakt? Beangst voor de weerstanden, die zij in eigen land en daarbuiten hebben gewekt? Een verstarring, zich verzettend tegen alle verandering, die op vermindering van de overspannen macht der Sowjet-Unie en de communistische partijen zou kunnen uitlopen, zou inderdaad de achtergrond kunnen zijn van het beroep op het meest reactionnaire begrip in de internationale politiek: de souvereiniteit der staten tegenover welke internationale orde of belangen-regeling ook. Als deze verklaring voor Ruslands houding de juiste is en welke andere zou er te geven zijn? zal dan het oordeel van de geschiedenis over de buitenlandse politiek der Sowjet-Unie in 1947 veel gunstiger zijn dan dat over Napoleon na 1810? Een revolutionnaire idee, verworden tot een instru' ment voor machtspolitiek voor eigen gevestigde belangen, voor machtspolitiek zonder idealen, in beide gevallen? En kan het dan anders dan dat de geestdrift, die in andere landen voor de „eerste socialistische staat ter wereld” oorspronkelijk leefde, misschien langzaam, maar in ieder geval zeker, afbrokkelt?

Dan blijft alleen over de vraag ,of deze teleurgestelde liefde haat, dan wel een doffe nihilistische wrok zal brengen onder de brede massa’s, die in dit ideaal hebben geloofd! Of zal Europa nog weer eens in staat blijken, een nieuw bezielend ideaal voort te brengen, waarom zich al wat jong en fris van geest is gebleven opnieuw kan scharen? W. VERKADE.

Blijdschap in de onderwereld

Achter me ging de deur open en weer dicht, met een klap, een stem schreeuwde na een voorafgaande krachtterm ter inleiding: „Het publieke leven in Nederland begint onderwereld-allures te krijgen!”, en de ontdekker van dit inzicht sloeg, tweede klap, een stapel papieren op de tafel naast mij. Het stof wolkte op en ik legde mijn pen neer, wetend dat het werk nu even diende te wachten, aangezién er een klein stuk zielszorg moest worden bedreven aan een mens die het weer eens te bar was geworden. Zo gaat dat tegenwoordig. Het is niet gemakkelijk. En men moet elkaar wat helpen in zulke momenten; juist dan moet immers de verbondenheid blijken tussen hen die het andere, dat alom is, hebben onderkend en welhaast machteloos moeten toezien hoe het groot wordt in de mensen.

„Apropos”, zei ik tegen mijn kennis die thans heftig nabrommend, maar eigenlijk toch wat zielig, in een stoel hing, „ken je dat verhaal van Butch, de inbreker, en z’n baby? Niet? Moet je lezen, het is een schoon verhaal. Butch gaat inbreken, maar omdat hij van z’n vrouw op de baby moet passen en dienaangaande zeer strikte orders heeft, neemt hij de baby maar mee en legt die naast de brandkast, terwijl hij bezig is met het slot, en z’n vrienden op de uitkijk staan. Nu, het gepeuter lukt niet erg hard en dus besluit Bujch om het maar wat gewelddadiger te doen. Maar alvorens hij het dynamietpatroontje tegen het slot legt, brengt hij natuurlijk de baby eerst liefdevol naar het aangrenzende vertrek.

Hij heeft de lading echter wat erg sterk gemaakt, zodat een ogenblik later niet alleen het slot bezwijkt, maar het ganse huis dreunt op z’n grondvesten, en alom in de omtrek de politiefluitjes beginnen te gillen. Alzo haastige aftocht, nadat de baby zorgzaam is opgeraapt. Butch wandelt een straathoek verder de Hermandad in de armen, het is nacht en dan loop je natuurlijk als eenzame wandelaar toch al erg in de kieren. Maar desgevraagd is hij op weg met de baby naar de dokter, want het wurm schreeuwde zo en Butch en z’n vrouw weten niet waar het aan ligt en dus maar naar de dokter. De politie-sergeant buigt zich over het witte pakketje, kijkt eens, en zegt superieur, dat hü er alles van weet, omdat ze dat in zijn gezin al allemaal hebben meegemaakt: het zijn de tandjes, man, de tandjes! Ach, dat zal het zijn. En ziedaar dan hoe Butch wegwandelt met zijn baby door de morgenlijk glorende straten van Broadway, terwijl om alle hoeken de politie komt aansnorren op weg naar de bezweken brandkast.” —•

Nu, ik vertelde het mijn kennis natuurlijk wat uitgebreider en sierlijker dan het hier staat, zodat na korte tijd hem de tranen over de wangen liepen, en hij meer zulke geschiedenissen begeerde te horen. Dus vertelde ik hem van Harry the Horse, Joe the Joker, mrs. Pimp en al die andere toffe jongens en leuke grieten van Broadway, die de schrijver Damon Runyon voor ons levend heeft gemaakt en die ieder thans gemakkelijk en niet duur kan ontmoeten in die drie kostelijke deeltjes van de

Pocket-Books. Mijn kennis lachte thans niet meer, maar weende schokkend, zich krommend in zijn stoel. Tenslotte stond hij op en vroeg plotseling argwanend: „Waarom vertel je me dat eigenlijk allemaal?” Ik zeide onschuldig: „Nu, je had het immers over onderwereld en zo. Dit Broadway van de Amerikaanse schrijver Runyon is de meest onvervalste onderwereld die er bestaat, nietwaar?” Maar mijn kennis keek nog argwanender en zeide: „Maar het zijn allemaal mensen met een hart, prettige lui, hoe zonderling hun gewoonten ook mogen zijn en hoe openbaar menigerlei zonde die zij bedrijven. Wat bedoel je eigenlijk?” En ik weer;

„Wel, je hebt gelijk. Het zijn zeker zondaren. Maar er is veel vreemde blijdschap in die duistere straatjes en spelonken; je hebt het zelf gemerkt, want je hart ging open en je wist niet wat je het eerst zou doen, lachen of huilen, en toen deed je ze maar allebei tegelijk. Er is iets van God in, zou ik zo zeggen. lets van een vreemd kindschap en van een vreemde maar werkelijke troost. 'Vandaar dat alles zo menselijk is, in de lichte als in de duistere kanten die dit Broadway heeft. Vandaar de biijdschap.”

Mijn bezoeker ging naar de deur en ik boog me weer over mijn werk. Ik hoorde hoe de deur openging, en het even duurde

De komende oorlog

„Wanneer gesproken wordt over de ver- i i woestende kracht'van een atoomoorlog, : i hoort men in ingelichte militaire krin- i j gen wel eens de opmerking maken, dat : de biologische oorlog, die het komende geslacht zal meemaken, nog dodelijker i zal blijken te zijn”, aldus merkt een | j medewerker aan het Amerikaanse weeki blad „The Christian Century” op. En i hij vervolgt: ~Het grote publiek schijnt ! i dit een nogal vage bedreiging toe. We j I weten immers zo weinig van deze nieuw- j i ste manier van oorlogvoeren af. Maar i I nu heeft kort geleden de American As- 1 i sociation of Scientific Werkers een rap- i I port gepubliceerd, dat enigszins ant- 1 I woord geeft op alle vragen. Natuurlijk i i wordt er in dit rapport niet alles ver- i i teld. Over de laatste ontdekkingen | I wordt een volkomen stilzwijgen bewaard. | I Maar wel wordt ons verteld wat Ame-I rikaanse geleerden zes jaar geleden \ \ hebben bereikt om op de meest effec- | i tieve (dit wil dus zeggen op de afschu- j j welijkste) wijze een bacteriën-oorlog te | j voeren. ;

! Uit dit opwekkende bericht vernemen I we dan, dat de volgende middelen reeds j I voorradig zijn: een toxine om water te I vergiftigen; een bacterie, waardoor de- i I genen, die zich in het daarmee besmette i j water wassen, de ziekte van Weil kriji gen; voorts verschillende vergiften, die i j miltvuur, longpest, gewrichtsontsteking, i i nekkramp en nog veel andere ziekten | ! kunnen veroorzaken. Dan beschikt men j j over bacteriën, waardoor koeien, paar- i i den, pluimvee, varkens, schapen, geiten ! I en andere dieren verdelgd worden. Wor- i den deze bacillen boven legers en steden 1 verspreid, of in andere gevallen eenvou- i i dig op gras of prikkeldraad aangebracht, I i dan kunnen zij een gehele bevolking i I doden of ongeschikt maken voor enig i I werk. Zes jaar geleden kenden de ge- ! I . leerden dit alles nog slechts in theorie. | j Thans, zo lezen wij in het rapport, zijn i I de methoden uitgewerkt, waardoor deze \ I theorie in practijk kan worden ge- | I bracht. I (Persburo N.H.K.)