is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 50, 1952, no 58, 15-11-1952

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij een deel van het publiek nog een zekere hang naar breedsprakigheid; de triiogieënrage is er een symptoom van. Maar het valt te verwachten, dat de eeuwig zwijgende bossen eerlang gejaagd zullen worden door de wind van de tijdgeest.

Gezien onze waardering voor deze literatuur in zakformaat zou het alleszins de moeite waard zijn voor de theoretici onder de letterkundigen, eens meer aandacht te wijden aan de herwaardering van dit genre. Wat de schrijvers betreft, die hebben al gekozen. Een laatste verwijzing naar de vele acteurs in Nederland, die op dit gebied kleine kimstwerken hebben geschapen, bewijst dit van Beets (de Camera is ten slotte óók een bundel korte verhalen) tot Vestdijk.

Net als bij de schilders zijn echter velen van hen slecht in theorie, maar geweldig in de practijk. Vandaar deze ongevraagde oratie.

O. MILOT

BENTVELD-NIEUWS

Weekendconferentie „Mens en God” op 6 en 7 December a.s.

In het dagboek dat de Duitse predikant van de bekennende Kerk Dietrich Bonhoeffer van uit zijn cel schreef, merkt hij op dat we een volledig godsdienstloze tijd tegemoet gaan, dat de mensen niet meer religieus kunnen zijn. En hij vraagt zich af of het bouwen op een vooronderstelde religieusiteit bij de mens niet tijdgebonden is. Wat zou het betekenen, wanneer die religieusiteit niét iets eigens was, aan het mens-zijn gebonden, wanneer de mensen radicaal godsdienstloos werden? Is dan christendom onmogelijk geworden en het bestaan van de Kerk zinloos?

Het is belangrijk, dat we ons deze vragen laten stellen. En zelfs, wanneer we deze religieusiteit toch in de moderne mens menen te kunnen ontdekken, dan nog blijft de vraag over of de bijbelse boodschap aansluit op dit religieuze gevoel en erop kan bouwen. Dit zijn de vragen waarover gedacht en gesproken wordt bij het weekend dat de A.G. der Woodbrookers projecteren op 6 en 7 December a.s. De A.G. nodigt u uit hier aanwezig te zijn.

Opgave zo spoedig mogelijk aan onze administratie Bentveldsweg 3, Bentveld. Tel. K 2500-26728.

Programma. Leiding: dr A. van Biemen en mej. ds W. H. Buijs.

„De Mens en God.”

Opening Zaterdag 6 Dec. 17.00 uur. „Religieus verlangen en de moderne mens.” Dr A. van Biemen Zaterdag 6 Dec. 19.30 uur. Ochtendwijding Zondag 7 Dec. 9.45 uur. „De onverstaanbaarheid van de Bijbelse Boodschap.” Mej. ds W. H. Buijs Zondag 7 Dec. 10.15 uur. „Het antwoord van de mens.” Prof. dr W. Banning Zondag 7 Dec. 15.00 uur.

LEESTAPELNIEUWS

Jan Mens: „Het Goede Inzicht”. Uitg.: „Kosmos”, A’dam, geb. ƒ 5,90.

Dit derde deel van de trilogie over Griet Manshande zal evenals de beide vorige zijn weg wel vinden. Jan Mens verstaat de kunst van vertellen, zijn figuren leven en hij schildert ons ook hier weer een brok echt Amsterdams volksleven, ditmaal om en bij de oude Montelbaanstoren, waar we Griet terugvinden in een schafthuis. Prachtig tekent Jan Mens hoe deze verbitterde vrouw, die in opstand is tegen God en de mensen, zich verzet tegen de liefde in al haar vormen, tot ten slotte toch „het goede inzicht” bij haar doorbreekt.

Het boek vormt een op zich zelf staand geheel en men kan er dus van genieten zonder de eerste twee delen: „De Gouden Reael” en „De Blinde Weerelt” te hebben gelezen. Een mooi Sint-Nicolaascadeau!

L. W.-S.

Dr J. L. Klink: De Bijbel vandaag. Uiig. „De Tijdstroom”, Lochem, 1951. Geb. ƒ4,50.

Het wordt tijd in ons blad eens te wijzen op deze uitnemende uitgave. Dr J. L. Klink, Remonstrants predikante te ’s-Gravenhage, heeft ons in dit boek duidelijk gemaakt, dat het heden ten dage essentieel gaat over wat ds Petter in zijn begeleidend woord formuleert aïs de grote vragen: „Wat is de boodschap van de bijbel voor de mensheid?” „Is de

mensheid bereid, daarnaar te luisteren”. Tal van vragen, door de leek gesteld, door de schrijfster herhaald of opgeworpen, rijgen zich daaraan vast. De klare, bondige, instructieve wijze, waarop de schrijver formuleert, zonder dor en onpersoonlijk te worden, maakt, dat dit boek voor de gewone mens en zeker voor hen, die men buitenkerkelijken noemt, buitengewoon belangwekkend, verhelderend, soms overrompelend is geworden. Het verhaalt de lotgevallen van de bijbel, het spreekt over de activiteit van het 0.T., het vraagt of de bijbel een soort sprookjesboek is, wat in onze wereld de zichtbare resultaten van de bijbel zijn, of de bijbel weer een centrale plaats in het moderne leven kan innemen, hoe we de weg in de bijbel moeten vinden, in hoeverre de bijbel Gods woord is, enz. En dr Klink houdt ons voor, dat de wezenlijke betekenis van de bijbel moet zijn: een gesprek met God.

Dit boek, dat ook door predikanten, naar me bleek, zeer gewaardeerd wordt, verdient ruime verspreiding.

De uitgever heeft de goede gedachte gehad, om de drie delen, waaruit het boek bestaat, als afzonderlijke afleveringen, met spiraal-binding, verkrijgbaar te stellen. Deze drie afleveringen heten: 1. Wat is de Bijbel?; 2. In den beginne; 3. Als vrome Christen leven. De prijs per aflevering is ƒ 1,25; bij 20

exemplaren per afl. ƒ 1,—. J. T.

C. Lammers: De vakbeweging en haar problemen”, Arbeiderspers, 1951, ƒ6,90, 332 bladzijden.

In 1935 verscheen de eerste druk van dit boek. Het is begrijpelijk, dat de schrijver enkele hoofdstukken uit de eerste druk in deze nieuwe uitgave heeft weggelaten en in de plaats daarvan enkele nieuwe hoofdstukken heeft geschreven. Ik ben voor dit boek zeer dankbaar. Juist voor hen, die niet direct bij het werk van de vakbeweging zijn betrokken en toch overtuigd zijn van de grote betekenis van het werk der vakbeweging, is dit boek van belang. Het geeft een uitvoerige beschrijving van de geschiedenis der vakbeweging en een overzicht van haar problemen. Ook het buitenland wordt niet vergeten: Rusland, Amerika, Duitsland en Oostenrijk. Waarom Engeland en Frankrijk ontbreken, begrijp ik niet. Dit is bepaald een leemte in dit boek. Dat het verre Oosten ontbreekt, is begrijpelijk. De schrijver beschikte niet over de nodige gegevens, hetgeen overigens te betreuren valt, daar wij juist over India, China en Japan graag een en ander hadden willen horen. Het hoofdstuk over solidarisme en klassenstrijd zal velen zeer welkom zijn, vooral vanwege de discussie met de christelijke vakbeweging. De problemen van vandaag en morgen komen weinig aan de orde. Het boek is meer gericht op het verleden dan op het heden en de toekomst. De Arbeiderspers heeft het voortreffelijk uitgegeven. En de prijs is niet hoog voor een boek van deze oinvang. Ik zou dit boek van harte willen aanbevelen, omdat het op overtuigende wijze laat zien, wat de vakbeweging tot stand heeft gebracht, veel en veel meer dan de meesten weten. J. J. B. Jr.

Erich Neumann: Dieptepsychologie en nieuwe ethiek, vertaling C. L. de Ligt—van Rossem, uitgave Van Loghum Slaterus, Arnhem 1952; 159 blz. ƒ 6,50.

Naar het oordeel van de schr. heeft de oude ethiek (waaronder hij ook de Joods-Christelijke zedenleer verstaat) afgedaan en moet er op grond van de inzichten der diepte-psychologie, speciaal van die van Jung, een nieuwe ethiek ontworpen worden, waarvan hij in de moderne wereld reeds verspreide aanwijzingen aantreft. Kenmerkend voor deze nieuwe ethiek is de verantwoordelijkheid voor ons gehele wezen, ook voor ons onderbewustzijn, de eis ook het kwade in ons zelf te aanvaarden, de eis ten slotte om te voorkomen, dat er geen psychische besmetting van ons uitga. De schr. wekt de indruk de begrippen psychisch-gezond en zedelijk-goed te verwarren, een verwarring die veel in deze schooi van Jung voorkomt, waar psychiaters zich met ethiek gaan bemoeien; dat de zedelijke normen relatief moeten zijn, wordt wel gesteld, niet bewezen. De problemen van vrije wil, verantwoordelijkheid en verplichting, worden zo grandioos verwaarloosd, dat men uit dit boekje veel dieptepsychologie kan leren, maar geen inzicht omtrent de ethiek, noch de oude, noch de nieuwe. Over historische simplificaties als op blz. 51 zwijg ik nog maar, alsmede over de slordige terminologie.

Ritchie Calder: Gevecht met de woestijn, vertaling Helena C. Pos, met foto’s van Raymond S. 1951, 208 blz.

In opdracht van de Unesco bezocht de schr. de woestijnen van N.-Afrika en van het Middenoosten. Dit boek vertelt van deze reis. Het doel was een indruk te krijgen van de mogelijkheden die bestaan om onvruchtbare vlakten te veranderen in bewoonbare cultuurstreken. Veel van deze landschappen waren eertijds dicht bevolkt. Calder is een ideaal reporter: hij heeft een levende belangstelling en weet zijn enthousiasme vaardig over te brengen. Dit boek is een tonicum voor pessimisten van deze sombere tijd. Want Calder vertelt van de reusachtige plannen, de geweldige inspanningen, maar ook van de meeslepende perspectieven van wat daar in de woestijn gepresteerd wordt. Telkens betrekt

hij ook de geschiedenis in zijn verslag en zo is dit boek, dat vrijwel iedereen boeien kan, een goed geschenk voor een weetgierige jongen; zeer geschikt ook, om eens een lezing aan te ontlenen.

J. G. B.

JEUGDLECTUUR

Als u binnenkort als Sinterklaasgeschenk een kinderboek gaat kopen, kijkt u dan eens uit naar:

Laura Fitinghoff: De kinderen van de grote fjeld, uitgave Ploegsma, Amsterdam, 6e druk 1952. Uit het Zweeds vertaald door N. Basenau-Goemans. Met illustraties van Nans van Leeuwen, ƒ4,50 geb.

De 6e herziene druk (de taal werd op vele plaatsen gemoderniseerd) komt met twaalf tweekleurenplaten, die bijzonder mooi aansluiten bij de tekst. Wat is dit toch een prachtig verhaal met de vele spannende avonturen en met het sterke vertrouwen in mens en dier. Het is nu wel heel mooi uitgegeven. Zeer aanbevolen voor ± 10 jaar en ouder. R. 8.-v. R.

A. Rutgers van der Loeff-Basenau: De Kinderkaravaan, uitgave Ploegsma, Amsterdam, 2e druk 1952. Illustraties in offsetdruk van Rein van Looy, ƒ4,50 geb.

De 2e druk van dit in korte tijd bü de jeugd zeer bekend geworden boek heeft vele mooie platen gekregen, die de sfeer van het verhaal goed weergeven en die dikwijls ontroerend mooi zjjn. Wie dit boek leest, moet wel medelijden krijgen met de kinderen, die zo’n moeilijke reis maken, maar nog groter indruk zal maken de wijze waarop zij de moeilijkheden o ver winnen en hun tocht volbrengen; verantwoordelijkheid, vertrouwen, geloof wordt ons in dit verhaal voorgeleefd. Een pracht boek voor ± 12 jaar en ouder. R. 8.-V.R.

Lisa Tetzner: De kinderen op het eiland, uitgeverij Ploegsma, Amsterdam, 2e druk 1952, geautoriseerde vertaling van Bep Otten. Illustraties van H. Prahl, ƒ 3,90 gen.

Dit is een herdruk van het 5e deel uit de reeks „De kinderen van no 67”. Het is evenwel een verhaal apart.

Een troepje kinderen van een emigrantenboot komt na schipbreuk terecht op een eiland. Ten slotte worden ze opgepikt en veilig naar Amerika gebracht, maar vóór ze ontdekt worden moeten ze samen in het leven zien te blijven. De een blijkt heel wat socialer ingesteld dan de ander, maar na veel strubbelingen leren ze als kameraden te leven. Een waardevol boek voor ± 11 jaar en ouder. R. 8.-v. R.

D. li. Daalder: De ridders van de tafelronde, uitgave Cantecleer, Utrecht, z. j. (1952), serie „Haneboeken”, ƒ 2,95.

De oude bekende verhalen over koning Arthur bewerkte de schrijver voor jonge mensen van deze tijd. In de Inleiding zegt hij: „Erger je niet aan de fantastische verzinsels en evenmin aan de wilde vechtpartijen belangrijker dan deze zijn de menselijke deugden en ondeugden, die in al de figuren uit deze vertellingen krachtig leven en oorzaak zjjn van innige vriendschap en hevige strijd.” Ik heb deze bundel met vreugde gelezen. Ik bewonder de schrijver, die zijn woorden zo wist te kiezen dat de jongere voelen zal, dat hem hier niet zo maar spannende avonturen worden geboden, maar dat deze verhalen de eeuwen door bewaard zijn gebleven, omdat er zo’n intens leven uit spreekt en dat ze nu in eerbied doorgegeven worden aan het opgroeiend geslacht. In frisse stijve kaft, met veel aardige tekeningen. Een mooi geschenk voor 11—15 j. R- 8.-v. R.

Jouk Terpstra: Een voorjaarsvacantie van Doeke en zijn kameraden, uitgave Van Goor, Den Haag. Plaatjes van Tjeerd Bottema, ƒ2,95.

Een boek over eierenzoeken en andere jongensvreugden op het Friese platteland. Aardig van sfeer, heel eenvoudig van woordkeus, met veel plaatjes, elk hoofdstuk onderverdeeld in veel korte stukken. De woordkeus en zinsbouw is voor niet-Friese kinderen wel eens vreemd. Het is het Nederlands zoals het in Friesland gesproken wordt. Een gezellig verhaal voor 8 en 9 j., een geschikt voorleesboek! 8.-v. R.

Jouk Terpstra: De kinderen van de Achterweg, uitgave Van Goor, Den Haag, 4e druk, plaatjes van Tjeerd Bottema, ƒ2,50.

Jouk Terpstra: Zomer aan de Achterweg, uitgave Van Goor, Den Haag, ƒ 2,95.

Twee heel aardige boeken over het leven op een Friese boerderij, niet ver van Drachten. Eenvoudige woorden, veel plaatjes, die goed aansluiten bij de tekst, spannend en gezellig. Door en door gezonde kinderlectuur. Wel vind ik het jammer, dat in een enkel hoofdstukje dieren pratend worden voorgesteld. Ook is de taal wel eens vreemd voor niet-Priese kinderen. Aanbevolen voor s—B5—8 j. als voorleesboek en om zelf te lezen. R. 8.-v. R.

Druk N.V. De Arbeiderspers Amsterdam