is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 52, 1955, no 39, 08-10-1955

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weid laten komen. En terwijl het aantal Nederlandse kolonisten in Indonesië toch altijd nog hetrekkelijk klein was, is er in Noord-Afrika het bestaan mee gemoeid van bijna IJ millioen Fransen.

Wij moeten er dan ook op voorbereid zijn, dat Frankrijk slachtoffer wordt van een nog heviger bewustzijnsvernauwing t.a.v. Noord-Afrika dan Nederland t.a.v. Indonesië heeft doorgemaakt. Zelfs het nuchtere verstand van een Mendès-France zou in deze situatie wel eens te kort kunnen schieten. H. VAN VEEN

BENTVELD NIEUWS

„De samenwerking tussen arts en verpleegster”

weekendcursus voor artsen, hoofd- en eerste verpleegsters en voor hen, die in de sociale sector werkzaam zijn. 15-16 October 1955

Dit weekend wil een herhaling zijn van het in het voorjaar gehoudene over de samenwerking tussen arts en verpleegster. Een groot aantal mensen moesten wij toen meedelen, dat het weekend vpltekend was. Voor hen in de eerste plaats, maar ook voor anderen, die toen niet in de gelegenheid waren te komen, is dit opnieuw geprojecteerde weekend bedoeld. Het onderwerp leek ons nl. zeer belangrijk. Meerderen moeten over deze dingen meedenken, want de veranderingen die zich in de maatschappij voltrekken, worden vooral duidelijk in de kleine groeperingen, die de onderdelen van de maatschappij zijn. Wat de maatschappij of samenleving is, weerspiegelt zich overal waar een groter of kleiner aantal mensen met elkaar moet leven en werken.

Misschien is een van de meest kenmerkende facetten van die veranderingen die plaatshebben het feit, dat de hedendaagse mens het gevoel heeft gekregen, dat hij in het grote geheel maar een klein nummer is geworden, dat weliswaar ergens z’n functie heeft, maar meer als een stukje machine dan als verantwoordelijk mens. Geldt dat ook niet voor de grote ziekenhuizen? Al het spreken juist over de menselijke verhoudingen in de vele sectoren van de maatschappij is een teken dat ergens een gevoel van onbehagen is. Daarbij komt, dat de verschuivingen in de functies en verantwoordelijkheden met zich meebrengen, dat velen hun eigen plaats en functie in het geheel niet doorzien. De onderlinge verhoudingen zijn daardoor ook in een voortdurende dynamiek betrokken. Nieuwe verantwoordelijkheden komen en andere verdwijnen. Dat geeft begrijpelijke spanningen. In onze grote ziekenhuizen wordt, evenals in de bedrijven, allerlei dat vroeger vanzelfsprekend was, nu niet meer als zodanig aanvaard. Het gevoel van onzekerheid over de eigen plaats en de juiste samenwerking zal vooral in een samenleving, waar vanouds de nadruk op het helpen van de mens heeft gelegen, gevaarlijk zijn.

I ; leder weet, dat de geheel andere constellatie van de maatschappij zijn neerslag heeft op het werk van de arts en de vei-pleegster, zowel op de heel eigen verantwoordelijkheid van beiden, als ook op de wijze waarop zij samen voor het werk staan. Velen I weten dat en denken daarover. Anderen trachten ' de oude verhoudingen te laten bestaan in geheel nieuwe situaties. Talloze vragen rijzen hier. Wat is er veranderd, hoe liggen de taken, hoe verwerkstelligen we een andere wijze van samenwerken in het geheel van de moderne samenleving? Deze vragen komen aan de orde. Wij nodigen u hartelijk uit aan dit weekend deel te nemen. |

Zaterdag, 17 uur: Opening; 19.30 uur: Nieuwe vormen van samenwerking tussen arts, verpleegster en patiënt Dr. J. M. van der Valk. Zondag, 10.15 uur: De nieuwe samenwerking, gezien door de verpleegster Zr. J. C. Groneman; 14.30 uur: Problemen en mogelijke oplossingen alflaiieen geeprdc.

KORTER EMMENNIEU’WS

INDRUKKEN VAN HET WEEKEND 24 EN 25 SEPT. 1955

Socialisme en tradities

Toen we dan om half 8 in de kring zaten en gingen luisteren naar wat de heer K. Toornstra zou zeggen over: „Welke zijn de socialistische tradities”, is het anderen misschien gegaan zoals mij: het werd iets anders dan ik verwacht had. Meer in het algemeen gehouden, minder de belangrijkste tradities (welke dan gemakshalve onderscheiden werden in geestelijke en symbolische tradities) genoemd en besproken met hun achtergrond en hun inhoud. Wat niet verhinderde, dat er wel gerea-

geerd werd op het gesprokene, maar waardoor ook deze reacties een wat weinig samenhangend karakter kregen en er veel uitweidingen kwamen, die wel interessant waren, omdat ze onthulden wat de deelnemers het hoogst zat, maar die toch het eigenlijke onderwerp van de inleiding niet raakten. Dat was nu ook weer niet erg; alleen was het heel moeilijk steeds te vermijden op de inleiding van de volgende dag („In hoeverre zijn deze tradities noodzakelijk, in hoeverre een gevaar?") vooruit te lopen. Misschien was het de bedoeling van de heer Toornstra ons aan overpeinzingsstof te helpen door ons niet' alles kant en klaar op te dienen. Maar ik kreeg de indruk, dat een duidelijke bespreking van de tradities ons wat beter binnen de perken van het onderwerp gehouden zou hebben en dat we er dan misschien een algemener gesprek over hadden kunnen voeren. Vooral ook, omdat er „ouderen” en „jongeren” onder de deelnemers waren, mensen die uit ervaring de tradities kenden en ze hadden zien ontstaan en anderen, die ze kant en klaar in de socialistische beweging aantroffen en vaak niet wisten hoe ze er mee aan moesten.

De reacties na de inleiding van dr. De Jong toonden, dat er gesproken kan worden van twee verschillende houdingen t.o.v. de tradities. Zeer zeker werd dit verschil geaccentueerd door de dialoog die zich ontspon tussen de heer Toornstra en ds. Bijleveld. Zo’n absolute breuk zal er wel niet zijn tussen de twee groepen. Ik kreeg de indruk, dat opzettelijk wel eens te sterke uitdrukkingen gebruikt werden om te komen tot een eerlijke uitspraak over zijn standpunt. Wat misschien op sommigen verwarrend werkte; dat kan geen kwaad, als we maar verder over deze dingen willen doordenken en het niet laten bij deze ene ontmoeting. Zou het niet mogelijk zijn, dat diegenen, die zich ernstig willen verdiepen in deze problemen, nog eens bijeenkomen, misschien in wat kleiner kring? Ik geloof, dat de „jongeren”, die naar hun bekentenis niets begrijpen van de bewogenheid van de anderen als het gaat over bijv. een 1-Meiviering en er daarom niet aan mee kunnen doen omdat ze het een lege vertoning vinden, gelijk hebben. De ouderen, die weten van de strijd voor de emancipatie van de arbeid en die de belangeloosheid van zovelen niet willen vergeten, zullen dit betreuren, maar men kan de jongeren er geen verwijt van maken. Er zal een oplossing gevonden moeten worden, waarbij begrip getoond wordt voor eikaars gevoel. Geen opdringen van eikaars zienswijze! En ook geen compromis en verdoezelen van de tegenstellingen. We moeten geloven in de ernst van de anderen en hun standpunt rustig doorderiken. Daar is vaak geen tijd voor op zo’n korte bijeenkomst. Men krijgt dan naderhand het onbevredigende gevoel, dat het niet „af” is. Nog eens bijeenkomen? M. P.

WEEKEND VOOR JONGEREN 22—23 OCTOBER WIE IS EN WAT DOET DE AMERIKAANSE JEUGD?

Is zij ons tot voorbeeld of tot waarschuwing?

Uit de verte praten over de jeugd in Amerika, een land dat op een of andere wijze ons allen interesseert, is eigenlijk geen doen. Toch, als onze interesse betekent, dat we iets willen weten om voor ons zelf, onze jeugdbeweging en ook onze toekomst richtlijnen of waarschuwingen te krijgen, dan moeten we het dit weekend vragen. Niet alleen omdat beweerd wordt, dat wij hoe langer hoe meer „veramerikaniseren”, maar ook omdat wij vermoeden hoe wij binnenkort of nu al? te maken krijgen met problemen en toestanden, die in Amerika al langer bekend zijn.

Om dat praten over Amerika zo goed mogelijk te laten verlopen, beginnen we met een aantal filmpjes, beschikbaar gesteld door de Amerikaanse ambassade. Vragen daarover en ook andere vragen zullen dan beantwoord worden door mej. Sjoukje van Seyen en mej. Betsy Noppert, die langere tijd in Amerika zijn geweest. Als het lukt zullen bij de groepsgesprekken ook een paar Amerikaanse studenten aanwezig zijn. Ten slotte zal de heer Paul de Vries alles, wat zo ter sprake kwam, samenvatten, verduidelijken en in d a t verband zetten, dat hij heeft leren kennen tijdens zjjn verblijf in Amerika.

Wij dachten, dat op deze wijze het gesprek over de jeugd van Amerika zinvol voor ons zou zijn. Trouwens, als men als jongeren vindt, dat dit juist is, dan weet men hoe dat pas werkelijk zinvol wordt als men inderdaad komt om te kijken, te luisteren en te praten. Mogen we er op rekenen, dat velen komen om zo een stuk ~Amerika” in Kortehemmen mee te maken?

Programma: Zaterdag: Welkom tussen 16.30 en 17.30 uur. Korte films over verschillende aspecten van Amerika, 19.30 uur.

Zondag: Ochtendwijding, ds. Sj. Bjjleveld, 9 uur. Groepsgesprekken, 9.30 uur. Samenvatting en conclusies: de heer Paul de Vries, 14 uur. Sluiting, waarna broodmaaltijd, plm. 17 uur.

Leiding: Ds. Sj. Bijleveld, mej. Sj. Gorter, Piet Tent, Jurjen Veninga, Loek Zandstra.

De deelnemersprijs bedraagt naar keuze ƒ 3,50 of ƒ 4,— per persoon, bij aankomst te voldoen. Voor de Zaterdagavond neme men eigen boterhammen mee.

Het Woodbrookershuis ligt een halfuurtje lopen van Beetsterzwaag en is, behalve per fiets, per NTM-bus te bereiken van Groningen, Heerenveen en Leeuwarden; per ESA-bus van tot Drachten en per NTM-bus richting Heerenveen tot Beetsterzwaag.

Opgaven, graag per briefkaart, met vermelding van naam en voornaam, leeftijd, beroep, adres en woonplaats, te zenden vóór 15 October a.s. aan de administratie van de A.G. der Woodbrookers te Kortehemmen, post Boornbergum. Na die datum ontvangt men nadere mededelingen plus deelnemerslijst.

Deze conferentie is opgezet in samenwerking met leden van de AJC, Jonge Strfjd, Nieuwe Koers, VCJC en VJB. Mochten de kosten een onoverkomelijk bezwaar zijn, dan stelle men zich in verbinding, eventueel, met eigen jeugdorganisatie of rechtstreeks met de directie van de A.G. der Woodbrookers te Kortehemmen.

Men zende als organisatie per afdeling een of meer afgevaardigden!!!

BEZINNINGSWEEKEND VAN 15—16 OCT. 1955 OP „DEN ALERDINCK”, LAAG-ZUTHEM (O.) Het thema deze keer is „De Blijdschap” en het programma is als volgt: |

Zaterdag 15 October 4—5 uur: Aankomst. Thee. Begroeting; 5 uur: Opening; 6 uur: Broodmaaltijd; 7.30 uur: Bijbelbespreking Johannes 15. Ds. G. van Zeben. Thee; 10.00 uur; Avondsluiting. Zondag 16 October. 10 uur: Huisdienst. ,Dr. B. J. ter Haar; 11.30 uur: Samenzang (als vorm van Blijdschap: 1 uur; Warme maaltijd; 2.30 uur: „De Blijdschap in ons persoonlijk leven”. Kringgesprek 0.1. v. de heer Joh. Stempher; 4 uur; Thee; 4.30 uur; Voordracht door de heer F. W. Stempher; 6 uur: Broodmaaltvjd; 7.30 uur: Sluiting en Bidstond men indien enigszins mogelijk niet vóór de sluiting vartrekken?).

Kosten: ƒ6,25 per persoon (ƒ11,50 per echtpaar) tot en met Zondagavond, ƒ7,25 per persoon (ƒ13,50 per echtpaar) tot en met Maandagochtend.

LEESTAFELNIEU WS

S. Franke. De muizen van Jaap geïllustreerd door Lies Veenhoven, uitgave Kluitman Alkmaar 100 blz. 2e druk ƒ 1,95.

Een goed geschreven, eenvoudig harteUjk ververhaal over een 8-jarige jongen, die als verjaarsgeschenk een witte muis krijgt. Voor 7, 8 jaar. Lida. Roef de Haas uitgave A. Voorhoeve Bussum, vertaald door C. G. Voorhoeve, ƒ 2,75. Van de beroemde dierenboeken van Père Castor werd nu dit deel vertaald. De haas denkt en voelt me wel een beetje te menselijk maar het boek is zo vol aardige, fijne tekeningen en opmerkingen over het leven op het land in zomer en winter dat ik het graag aanbeveel voor jonge kinderen vanaf 6 jaar en ook voor school- en clubgebruik ; het is een genot voor een volwEissene om dit fleurige boek met de mooie gekleurde platen langzaam en telkens weer met kinderen te bekijken en te lezen. E. S. de Jong, Romke, uitgave J. N. Voorhoeve, De Haag, 128 blz., ƒ 1,90. Een eenvoudig verhaal van een 11-jarige jongen op een Friese boerderij. Opvallend „kalm” geschreven, zonder daardoor saai te zijn. Graag aanbevolen dit goede goedkope boek voor B—l2-jarige jongens. Mien Mijling. Van een vagebond en zeven kleinkinderen. De geschiedenis van een kunstenaarsgezin. Uitgave Nederlands boekhuis, Tilburg, 160 blz. band en illustraties van Dorus Arts, die ook de vier gereproduceerde olieverfdoeken schilderde. 160 blz. ƒ 3,50.

Graag vestig ik uw aandacht op deze uitgave, omdat ik het een bijzondier mooi jeugdboek vind. Een origineel gezinsverhaal: een groot r.-k. gezin van een schilder ergens in Brabant bij wie de vader op z’n oude dag komt inwonen. Grootvader brengt veel opwinding en geluk in huis. U moet het zelf lezen en voorlezen : het is gezellig, met een zuidelijke hartelijkheid, fijngevoelig en zo tussen de regels door geeft de schrijver meestal door de mond van opa nog heel wat algemene ontwikkeling. Voor 11 jaar en ouder. Gerda NefkenS. Eerst komt de droom, uitgave Kluitman Alkmaar 159 blz. ƒ 4,50. Het niet onaardige gegeven is niet „uit de verf gekomen”, zodat het een oppervlakkig, flauw verhaal werd, dat bovendien nog slecht geschreven is, deze „Roman voor meisjes”. Marie Boddaert. Sturmfels, uitgave Kluitman Alkmaar, 288 blz. ƒ 3,50. |

Van dit geliefde meisjesboek verscheen de 9e druk. De uitgave die ik in m’n jeugd las, was wel heel wat royaler dan deze! Voor 14—16-jarige meisjes graag aanbevolen dit romantische verhaal uit de 18e eeuw, waarin de trouwe opofferende zorg van een jonge vrouw zo mooi beschreven wordt.

Druk N.V. De Arbeiderspers