is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1814, 01-01-1814

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ondervangen en gesecondeerd worden door de respectïve Commissarissen-Generaal in de Departementen.

27. Alle de boeten en penaliteite» , vervat bij de Wet van den 2den December 1805, in het hoofd dezer vermeld , zullen op de contraventeurs van applicatie zijn, en, tot nadere voorziening, vervolgd worden door de Officieren van Justitie, bij de correctionele Regtbaaken fungerende.

a8. Orize Commissaris-Generaal tot de zaken der Financiën wordt belast met de executie van dit Besluit, hetwelk op de gebruikelijke wijze zal worden gepubliceerd, en in het Staatsblad geïusereerd; zullende een afschrift van dien worden gezonden aan den Eersten-President van het Hoog Geregtshof der Verëenigdc Nederlanden, aan Onzen Commissaris-Generaal tot de Binnenlandsche ^aken en aan den President van het Hoog Geregtshof voor de Financiën eu Zeezaken.

Gegeven in 'sGravenhage, den 2gsten Januarij des jaars i8i4, en van Ouze Regering het eerste.

(geteekend) WILLEM.

Ter ordonnantie van Zijne Koninklijke Hoogheid.

De Algemeenc Secretaris van Staat,

(geteeLend) A. R. FaLCK.