is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1814, 01-01-1814

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

s5. Niemand zal eenige nering in wild mogen drijven , dan nadat zijn patent bekoorlijk bij de opperhoutvester» zal zijn geregistreerd, op eene boete van vijf-en-twintig guldens.

20. Het is ongeoorloofd eenig grof wild te vervoeren, ts koopen of te verkoopen, ten zij hetzelve verzeld is van een Lehooxlijk certdikaat, dat het van huiten 'slands ingevoerd ol in eene geadmitteerde wildbaan gevangen is.

27* eigenaars van bestaande eendenkooi]en en duiventillen , zullen, behoudens ieders regt, daarvan registratie moeten verzoeken , welke telkens om de vijf jaren zal moeten worden vernieuwd. Voor het vervolg zullen geene eendenkooij en of duiventillen mogen worden opgerigt, zonder daartoe Ons konsent bekomen te hebben , op pene van amotie en eene boete van twintig guldens.

28. De eigenaars van geregistreerde eendenkooijen, zullen dezelve, op een afstand van 200 tot 4oo rijnlandsche roeden, uit het midden der kooi gerekend, moeten doen afpalen : wordende de juiste bepaling van dezen afstand, naar gelamr der lokale omstandigheden, aan de beslissing van de provinciale staten overgelaten.

29. Al wie het regt van zwanendrift zal willen uitoefenen, is Verpligt hetzelve telken vijfjaren te doen registreren, op eene boete van vijftig guldens.

00. Al wie de zwanenjagt zal willen uitoefenen, is gehouden daartoe eene akle te vragen.

51. Een ieder, die de zwanenjagt uitoefent, zonder daartoe de de voorschreve akte te hebben bekomen, zal voor de eerste reize verbeuren één honderd guldens, voor de tweede reize en bij verdere overtreding, telkens twee honderd guldens , in allen gevalle, met verbeurte der gevangene zwanen.

52. Een ieder de voorschreven akte bekomen hebbende, zal aan den houtvester van het distrikt, waaronder hij ressort teert, moeten opgeven het merk, waarmede de hem toebehoorende zwanen zijn geteekend; zullende dezelve anderzins voor pngemerkte worden gehouden.