is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vrijstelling van regten in §§ 4 e° 5 hier boven vermeld, zal ook aan naburige vreemde ingezetenen verleend worden , doch niet anders , dan wanneer Onze onderdanen gelijke vrijstelling genieten, bij het inkomen en uitgaan op en van de landen dier naburen.

6°. Alle uitgaande levensmiddelen, welke geleverd zullen worden aan Onze schepen van oorlog , particuliere commissie-vaar der s, of aan schepen ter commercie of ter visscherij uitgerust, ten welken behoeve insgelijks afschrijving of vermindering van impost op het binnenlandsche vertier op die specien zal worden toegestaan , op welke dezelve bij uitvoer voor negotie wordt vergund, zonder dat de laatstgemelde vrijdom zich op eenigerlei wijze zal kunnen uitstrekken tot specien, welke in de havens of op de reeden gebruikt worden , vóór dat de schepen werkelijk zijn uitgevaren.

7°. Alle koopmanschappen, behoeften, eet-en drinkwaren, die , voor rekening van het Gouvernement, naar de Oosten West-Indische bezittingen of andere etablissementen van den Staat uitgevoerd en, vandaar, binnen dit koningrijk aangebragt worden ; zullende het Departement van Publiek Onderwijs, Nationale Nijverheid en de Koloniën daarvan ten genoege doen blijken aan het Departement der In- en Uitgaande Regten en Accijusen.

8°. De goederen gaande naar, of komende van de kust van Guinea , zoo lang zulks door Ons zal worden noodig geoordeeld ; mits voor de iulading of lossing daar toe de vereischte documenten ten kantore der In- en Uitgaande Regten en Accijnsen zijn verleend, en voorbehoudens de noodige Voorzorgen tegen alle misbruik.