is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Terwijl het overigens aan een ieder vrijgelaten blijft, om de schil of buitenschors des wortels tot verbetering Van zijne meede te doen afschuren, hetgeen dan met den afval, de mul uitmaakt.

Nog zullen de mee-reders, des verkiezende , hunne meekrap mogen laten reeden op rcicin , mits zuiver en. onbelast met aarde.

4. Het zal den eigenaar vrijstaan, zijne aldus bcïeide meede als onberooJJe , twee en éen , een en éen. , en één en twee gecombineerd , of ook t(vee en een y één en één, en één en twee afgescheiden, te weten, als lijne krappen en gemeenen te verkoopen.

5. Door de Gedeputeerde Stalen der provinciën, alwaar de meekrap geteeld en bereid wordt, zal jaarlijks vóór den aanvang van den delitijd , een genoegzaam aantal van bekwame keurmeesters worden aangesteld , die, alvorens hunne werkzaamheden te aanvaarden , bij de besturen hunner respective woonplaatsen , zich onder eede zullen moeten verbinden, om dit besluit in deszelfs geheel stiptelijk na te komen en te doen nakomen, en de gereede meekrappen, ingevolge van dien, behoorlijk te zullen keuren; waarvoor aan dezelve door den reder van ieder aldus gekeurd vat zal moeten betaald worden eene door Gedeputeerde Staten te bepalen retributie. En zullen de werklieden of gewrochten , namelijk de drooger , stamper , onderman eu drijver jaarlijks , in handen van het plaat-

A 2