is toegevoegd aan uw favorieten.

Jaarboek van de Nederlandsche Alpen-Vereeniging, 1913, 1913

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grootcn kring geschaard om een berg proviand. Daar, bij het ontpakken van mijn rugzak, werd mij het geheim opgelost waarom mij deze zoo zwaar had gedrukt. Ik was geheel en al vergeten, dat ik op verzoek van een der dames-alpinisten een plaatsje in mijn rugzak had ingeruimd voor „De Socialisten” van Quack voor het boek wel te verstaan. Dit gezelschap had mij gedurende de bestijging dubbel zwaar gedrukt, waarschijnlijk door inhoud, zoowel als volume. Maar met dat aj, zal ik wel de eenigste zijn, die het eigenaardige voorrecht had met Quack’s Socialisten den Wetterhorn te bestijgen. Wat mij betreft, had ik de stelsels van deze heeren op dat oogenblik gaarne ingeruild voor een bus perziken van het zelfde gewicht.

Van het Sattel daalden wij in Oostehjke richting af naar de Diossenhütte. Zóó snel als ik het hier neer schrijf, liep deze tocht niet van stapel. Met Kronig, den Zermatter-gids, die nimmer op den Wetterhom was geweest, vormde ik de eerste partij. Er was een spoor zichtbaar in de sneeuw, waarschijnlijk van den vorigen dag) en al pratende waren wij vroolijk en wel dit spoor gevolgd over de uitgestrekte firnvelden van den Wetterkessel tot wij ten slotte op zulke moeilijkheden stuitten, die wij slechts door middel van „abseilen” konden o verwinnen, dat Kronig tot de gevolgtrekking kwam, dat „diese Seite des Wetterhorns allerdings schwieriger war, als die andere Seite!”

Wij keken elkaar eens aan, dachten blijkbaar het zelfde, totdat ten slotte Kronig het aarzelend uitsprak: „Herr, ik geloof dat we verkeerd zijn.”

Hij had de woorden nauwelijks gesproken of we hoorden van heel ver weg een lang gerekt ~Gejauchz”... Hoog boven ons, zoo n kleine 300 M., gescheiden van ons door tallooze gletscherspleten... zagen wij een aantal zwarte poppetjes. Die poppetjes schenen heftig met de armen te bewegen.

„Ze zeggen Herr, raadde Kronig, dat we verkeerd zijn.” Toen keken wij op de kaart wel wat laat om tot de conclusie te komen, dat we inderdaad uit de goede richting waren afgedwaald.

Een zig-zag-tO'Cht met de brandende zonneschijn, tusschen de talloozen gletscher-kloven door naar boven, was de straf voor onze onachtzaamheid, bovendien een goede les, dat men