is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 48, 1898, no 283-288, 1898

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AZIË.

Brief van eene Zuster Franciscanes van Maria, uit de missie van Nagpore. (Voor-Indië.)

Een bezoek aan de slachtoffers van den hongersnood.

bezoeken dezer ongelukkigen gaat steeds met moei- van allen aard gepaard, doch wij aarzelen niet die het hoofd te bieden, want wij vinden alsdan overvloedig gelegenheid om goed te doen.

Talrijke kinderen lijden en sterven in ellendige hutten, die zoo klein zijn, dat de ouders maar nauwelijks een plaatsje kunnen vinden om hunne vermoeide ledematen op den vochtigen grond uit te strekken. Niets kan ons van die bezoeken terughouden : noch de regens, die de rivieren tot woeste stroomen doen zwellen; noch de onbegaanbaar geworden wegen; noch zelfs de vrees voor een plotseling opkomend on weder, dat ons den terugkeer naar onze woning zou kunnen beletten.

Gisteren vertrokken twee Zusters om het kamp van Paoengave te gaan bezoeken, achter Paldi gelegen. Deze zoete vertroosting viel ten deel aan Zuster Xaveria van Maria Onbevlekt en Zuster Joséphine van Jesus. De dag ging niet zonder eenige merkwaardige gebeurtenissen voorbij.

Te Paldi aangekomen bezoeken onze Zusters eenige zieken, dienen enkele doopsels toe en haasten zich, zeggende, dat zij nog verder moeten.

Waar wilt gij heengaan, Ama’s ? Naar Paoengave.

O, Ama’s, begeeft u niet op weg, het is onmogelijk die plaats te bereiken. De beide rivieren zijn merkelijk gewassen