is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 51, 1901, no 301-306, 1901

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

des nachts , uit vrees dat de zieke soms mocht sterven zonder gedoopt te zijn.

Ten slotte wil ik nog een heel korte vertelling doen. Eens midden in den nacht, allen waren te bed en sliepen , werd er aan de deur der ziekenslaapzaal geklopt. Gelijk gij denken kunt, hadden de zieken weinig lust om open te gaan doen ; maar het kloppen hield niet op; nu ging de grootste naar de deur en riep : « Wie is daar ?” —« Ik was het antwoord. «Ja maar, ik weet niet wie gij zijf; ga heen.” « Neen , neen , laat mij hier slapen : ik zal morgen vroeg weer heengaan.”

Onderwijl kwam ik ter plaatse en ik zag een klein meisje, dat mij verzocht haar bij mij te houden. «Ik hen ziek,” zeide zij , «ik wil in uw dorp blijven.” Werkelijk was het kind erg ziek. Twee dagen later werd zij door den Pater gedoopt en daags daarna ging zij naar den hemel. Was dit niet eene echte beschikking der goddelijke Voorzienigheid , dat dit arm heidensch meisje, hetwelk wij nooit gezien hadden, zoo bij ons moest komen ?

Aan het einde van dit briefje mag ik u immers wel een baitelijk gebedje vragen voor onze Missie? Gij moogt erop rekenen, dat wederkeerig onze kinderen niet zullen vergeten voor u te bidden.

Maria v. d. Gel. Rizziar,

Fr. M. M.

APOSTOLISCH PREFECTUUR VAN TOGO.

{genomen uit: « Kleiner Hers.-Jesu-Bote, Juli 1900.”)

Duitsch Togo-land wordt bewoond door een volk van goeden aanleg, de Evhe-Negers. Over de scholen aldaar nemen wij uit mededeelingeti van verschillende Missionarissen nog het volgende over.

Leervakken zijn : Kathechismus, bijbelsche geschiedenis ,