is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 52, 1902, no 307-312, 1902

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lijksch gebed niet te vergeten. Na de H. Mis en de opdracht aan ’t goddelijk Kind en Maria werden door alle kinderen samen een paar toepasselijke liedjes zeer goed gezongen. Toen de plechtigheid in de kerk was afgeloopen , trok de stoet tusschen eene menigte godvruchtig nieuwsgierigen, die, men kon het hun aanzien , opgetogen stonden hij t gezicht van al die vroolijke kinderen.

Vooral de Keizerin, de Witte Paters, de Zouaven, Chineesjes , Missionarissen , Herdertjes , Zwartjes , Liefdezusters , Capucijnen, de talrijke Bruidjes met vlaggen en vanen en vaantjes, St. Jan Baptista , de kinderen in nationale pakjes, het Beeld van ’t Kindje .Tesus, gedragen door de misdienaars enz. enz., trokken de aandacht. In de heste orde ging de stoet door het met vlaggen versierde dorp en daarna naar het Liefdegesticht terug, waar hij ontbonden werd. Voor dien morgen was het feest geëindigd.

Om 2 uur zouden op ’t gouden jubelfeest de kinderen getrakteerd worden ; de meisjes en bewaarschool kinderen hij de Eei w. Zusters, de jongens hoven de zes jaar hij de Eerw. Fraters. Wie toen een der bijzondere scholen bezocht had, zou daar eene ongekende bedrijvigheid gezien hebben : Zusters, Zelatricen en Fraters van den eenen kant, om chocolade, broodjes enz. op te dienen, en van den anderen kant de kinderen om het feestgerecht te verorberen. Deze laatsteu deden de tafel alle eer aan. Daarna werd onder geleide der Eerw. Zusters met de meisjes en der Eerw. Fraters met de jongens een wandeling gemaakt, waarbij de feestelingen op wat lekkers onthaald werden. Na de wandeling kwamen allen in de school terug. Hier werden ze nogmaals op suikergoed vergast, waarna allen uiterst voldaan huiswaarts keerden. Lang nog zal dit feest hij de kinderen in aangename herinnering blijven , maar ook hij de ouderen en vooral hij het Bestuur van ’t Genootschap.

« Eere, wien eere toekomt.” Door de inderdaad moederlijke zorgen van den Z.E. Heer A. J. M. van Ravenstein,