is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 59, 1909, no 349-354, 1909

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Martha. O ! dierbare gezellinnen, waren wij allen daar geweest! Wij zouden de roos van het H. Graf gezien hebben.

Louisa. Op het kasteel van Briamont was een jong meisje, dat geluk meer waardig dan wij. Luistert slechts naar het vervolg der geschiedenis, die de pelgrim verhaalde. Alle aanwezigen waren vol godsdienstige aandoening genaderd om de wonderbare bloem te zien ; maar op het oogenblik, dat de vreemdeling haar aan hun blikken wilde vertoonen, ontsnapte de verdroogde roos aan zijne bevende handen en kwam terecht op de plaats, waar het gezin van den landman zich bevond. Daar had een boerenmeisje van zestien jaren, In knielende houding het verhaal van den pelgrim in al de eenvoudigheid van hare reine ziel aangehoord. Heete tranen vloeiden over hare wangen, toen zij vernam in welke ellende Frankrijk verkeerde. Toen zij de roos naar haar toe zag komen, boog zij zich om haar op te nemen en de tranen, die nog aan hare oogleden hingen, vielen op de verflenste roos.

Een klein meisje. Goed ! de roos zal nu misschien wei gaan bloeien.

Louisa. Stil maar, en laat mij verder vertellen. Op dit gezicht slaakte de pelgrim een kreet van bewondering en alle toeschouwers maakten eerbiedig plaats voor de jeugdige boerin. De wonderbare roos, gedrenkt door den reinen dauw, die haar besproeide, bloeide weder op ! Kind, hoe is uw naam, riep de pelgrim uit. En het meisje antwoordde met bevende stem : „Jeanne d’ Are.”

Welke macht hebben toch de godsvruchtige tranen op het hart van God ! Wij zullen Hem smeeken, de onze te zegenen, gestort over het ongeluk der ongeloovige kinderen, en Hem verzoeken, om op het voorbeeld van Jeanne, ons den moed te schenken, aan Jesus en Maria vele offers te brengen, want daarin is vooral het middel gelegen, om de zielen te redden.