is toegevoegd aan uw favorieten.

Annalen van het Genootschap der Heilige Kindschheid tot het doopen en vrijkoopen van de ongeloovige kinderen in Sina en in andere afgodische landen, jrg 74, 1924, no 439-444, 1924

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MOEDER WIST HET.

Nooit had Rikus' een snoepcent. Nu, dat vond de Broeder der school heel best, want snoepcenten werden meestal versnoept, en dat is glad verkeerd! Maar eiken Zondag kreeg Rikus een cent van vader en van moeder, en.... waar bleven die centen dan toch? Dat vroegen de andere jongens zoo al eens aan Rikus, maar zij kregen er nooit antwoord op. Toen bedachten de kameraden allerlei rare verzinsels ! De een zei :

„Rikus is te gierig, om eens iets voor zijn twee centen te koopen, want snoepen mag hij niet en dat mogen wij ook niet, maar ik koop wel eens een paar mooie griffels of een fijne prent en laatst heb ik mijn twee centen aan blinde ouwe Grietje gegeven !”

Een andere kameraad vertelde :

„Rikus is een gierig jonk.... hij had laatst geen enkelen cent, om op het bordje te leggen voor de arme kindertjes met Sint Nicolaas hij snoept zeker zijn zondagsduitje heel alleen stilletjes op bah !”

Nummer drie' meende :

Rikus is een iokkettrok.... hij zegt wel, dat ie elke