Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rechts maar. Heel haastig liep ik door, bang als ik was, dat het laat in den nacht zou worden voor ik een onderdak zou vinden.

Heel spoedig plaatste zich nu de bergtop vóór de zon en het werd donker. Na een uur had ik nog geen huis gevonden. Mijn hart klopte van angst. Bovendien hoorde ik het geroep van uilen en toehbe’s (onheilvoorspellende na,chtvogels). Ach, ik voelde me juist als een banneling op een onbewoond eiland-

Een beelje later echter zag ik in een ravijn heel in de verte iets wat op lamplicht geleek. Een oogenblik daarna echter verdween het weer. Na geruimen tijd werd het weer zichtbaar. Toen ik het goed bekeek, zag ik duidelijk dat het lamplicht was. Ik er heen, mijn vrees was weg. Ik moest nu een zeer steile helling af, die dicht begroeid was, terwijl het pad erg kronkelde. Al kruipende kwam ik verder, telkens mij vasthoudende aan de struiken, die in de holten van den bergwand omhoog klommen. ’tWas ongeveer zeven uur ’s avonds toen ik aankwam op de plek, waar ik het licht van het lampje had. gezien. Ik vroeg om binnengelaten te worden, maar het duurde een tijd voor men mij opendeed. Eindelijk ontsloot zich de deur. Men noodigde mij uit binnen te komen en liet mij plaats nemen op de ambèn (groote zit- en ligbank in een Javaansch huis). De bewoners, zoowel de man als de vrouw, waren beiden oude menschen. Heel lang stelden zij mij geen vraag, doch zaten mij maar aan te kijken. Ten laatste vroegen ze me, waar ik van daan kwam en wat ik van plan was, daar ik toch zoo erg laat daar midden in het bosch gekomen was. Toen ik alles had uitgelegd, ging de vrouw het eten klaar maken om mij te onthalen. Na het maal praatten wij wat en noodigde men mij uit te gaan slapen, ’t Was daar verbazend koud, maar daar ik zoo moe was en afgemat was, sliep ik heerlijk, ’t Was nog vroeg in de morgenschemering toen ik opstond en afscheid nam. Omdat de menschen medelijden met me hadden, brachten ze me nog ongeveer een paal ver weg; ik bedankte ze dan ook zeer allerhartelijkst.

Dienzelfden dag om vijf uur ’s namiddags bereikte ik Soerakarta, waar ik overnachtte in de woning van het onderdistricts-

Sluiten