is toegevoegd aan uw favorieten.

Geneeskundig tijdschrift voor Nederlandsch-Indië, 1908, 01-01-1908

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tinea albigëna.

Het kweeken van haar schimmel en de infectieproef met deze,

door

Prof. Dr. A. W. NIEUWENHUIS. (met 3 platen).

Het is nu drie jaren geleden, sedert ik in deel 44, afl. 6 van dit tijdschrift onder denzelfden titel het klinische beeld dezer huidziekte beschreèf, die aan de handpalmen en voetzolen bij inlanders en Europeanen op Java, Borneo en Lombok zoo dikwijls voorkomt. Later heb ik mij kunnen overtuigen, dat deze zelfde aandoening ook onder de inboorlingen van Sumatra en Nieuw-Guinea is te vinden, zoodat ik gerechtigd meen te zijn, om aan te nemen, dat tinea albigëna door den geheelen Nederlandsch-lndischen Archipel verbreid is. Bovendien zullen de aangrenzende streken ook wel met haar bemet zijn, daar ze zoo algemeen onder de bevolking dezer eilanden heerscht.

Door eenige Duitsche geneesheeren werd mij verder verklaard, dat dergelijke huidaandoeningen ook in Oost- en West-Afrika onder de inlandsche bevolking gevonden worden en professor A. Plehn heeft in Mense's Handbuch der Tropenkrankheiten, op plaat 1 der huidziekten, de beenen van een neger in 4 standen afgebeeld, om een ziektebeeld weer te geven, dat heel veel op een vergevorderd geval van tinea albigëna gelijkt.

Hierdoor wordt het waarschijnlijk, dat de verbreiding van tinea albigëna in de tropen over veel grooter uitgestrektheid voorkomt dan ik aanvankelijk kon vermoeden.