Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Pharmaceutiscli Weekblad

VOOR NEDERLAND. ONDER REDACTIE VAN R. J. OPWIJRDA, Apotheker te Nijmegen.

Het Pharmaceutisch Weekblad wordt eiken Zaturdag uitgegeven bij den Boekhandelaar D. B. CENTEN te Amsterdam. Prijs per jaargang , franco per post, f 4.50. Alle stukken, welke men in dit Blad wenscht opge-Komen te zien, gelieve men franco in te zenden aan den Redacteur, onmiddelijk of onder couvert van den Uitgever , uiterlijk vóór Woensdag te Amsterdam of vóór Donderdag te Nijmegen. Prijs der advertentiën: Van 1 tot 6 Regels fl.— , elke regel meer 15 Cts., behalve het zegelregt.

V Jaargang. j ZOIfDAC , 5 Maart 1865. \ Hf”. 4L5.

Tweede Kamer der Staten-Generaal. Inde zitting der Tweede Kamer van 38 Februarij is : I°. de behandeling van het koloniaal batig slot over 1863 aan te vangen op aanstaanden vrijdag; 2°. na afloop daarvan aan de orde te stellen de beraadslaging over de ontwerpen betreffende de geneeskundige staatsregeling. Zoover is de zaak nog nooit gekomen. Wat zal het lot (2Ün der ontwerpen ? In gespannen verwachting zien wij Ie beslissing tegemoet. üog lets over ziekenbussen. Wij zijn opmerkzaam gemaakt op een paar artikelen °ver Zieken- en Begrafenisfondsen, te vinden in het Weekblad voor Geneeskunde, die wij gaarne als aanhangsel Plaatsen op een opstel van onze hand in No. 34 van dit I*lad , ten opschrift dragende : Ziekenbussen. De zaak der Ziekenbussen heeft te zeer wortelen geacho* in het maatschappelijk leven en in het wezen van den geneeskundigen stand , dan dat niet elke beschouwing belangrijk kan geacht worden. Wij verkenen zooveel te eerder eene plaats aan het onderstaande, omdat de geilens sluiten aan de onze, in het aangehaalde opstel beleden. Het eerste artikel, dat wij bedoelen, is een adres loor de Nederl. Maatschappij tot bev. der Geneeskunst opgezonden aan den Minister van Binnenlandsche zaken, vau den volgenden inhoud : Aan Zijne Excellentie den Minister van Binnenlandsche Zaken. öe Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst heeft de aandacht Uwer Excellentie te mogen vestigen op een onder■ erp } hetwelk haars inziens die meer en meer behoeft en verdient. öe Geneeskundigen komen vaak in aanraking met de inrigtingen , die _ burgerman bij ziekte, ligchaamsgebreken , ouderdom en sterfgeval | ltl 2ijn onderhoud en dal van zijn huishouden moeten helpen voorzien. zoo verre hunne kennis aangaande den toestand dier zieken-, zie-Kengeld- en begrafenisfondsen reikt , wekt zij het verlangen naar verelering. Slechts bij uitzondering, zoo als in Amsterdam, waren de eneeskundigen bij magie de handen te dien einde ineen en met goed

gevolg voor de mindere klasse aan het werk te slaan. Maar niettemin daar en bijna overal elders zijn zij ooggetuigen moeten blijven van het vele gebrekkige, dat deze instellingen aankleeft. Nu eens gebrekkige administratie, die de verschillende afdeelingen niet gescheiden houdt; eene fout, die zoo ze inde Piegeringsstatistiek voorkomende hare opgaven weinig bruikbaar maakt, hier het duurzaam bestaan der instellingen zelve bedreigt; dan weder geheel ontoereikend bedrag van de gelden voor eens beloofde en eenmaal te verstrekken uitkeeringen bestemd ; niet zelden hooge winsten van ondernemers , onevenredig aan de diensten, die hunne tusschenkomst verschaft; soms gewaagde verbindtenissen met leveranciers van geneesmiddelen in onbepaalde hoeveelheid, wier grootere qualiteit wel eens door mindere qualiteit plagt te worden opgewogen; bijna algemeen weinig soliditeit door het bouwen op zwakke of zelfs geheel ontbrekende grondslagen, waarvan de oprigters zich niet eens bewust zijn. Mogt dit vlugtig aanroeren van het gebrekkige, zoo als het uit de dagelijksche ervaring der geneeskundigen is gegrepen , overdreven schijnen , en de misschien talrijke goede inrigtingen van dien aard te zeer inde schaduw stellen , zoo staat daar tegenover, dat de goede niet met zekerheid zijn aan te wijzen, zoolang ze niet behoorlijk zijn onderzocht. Haar bestaan zelfs gedurende eenige jaren bewijst, gelijk door deskundigen kan worden aangetoond, nog niet hare deugdelijkheid. Daartoe behoort meer een zaakkundig onderzoek harer inrigting en grondslagen. Na het aangevoerde laat zich de wensch niet onderdrukken, dat de Regering, die aan de grootere Maatschappijen van Levensverzekering in het publiek belang zekere voorwaarden bij hare oprigting stelt, dat toezigt uitbreide tot de kleinere inrigtingen van gelijken aard en op gelijke grondslagen berustende, van wier ontstaan tot heden ter rtaauwernood kennis werd genomen. Waarom zal de Regering zich hier onthouden vaneen krachtigen aanstoot tot vooruitgang in kennis en publiciteit ten dienste vaneen met kennis en kapitaal min bedeeld en inderdaad tegen misleiding weerloos publiek , terwijl zij ginds nevens die waarborgen de voorwaarde en het voorregt van onderzoek en Koninklijke goedkeuring voegt. Zoo voor gene, als zedelijk ligchaam erkende maatschappijen, de wenschelijkheid van Staatshulp betwistbaar is genoemd, voor deze, op kleiner schaal werkende, vereenigingen is het voordeel boven twijfel verheven, wanneer zij genoopt of verpligt worden tot geregelde openbaarmaking van haren toestand, en wanneer hare in passenden vorm gevraagde ervaringen betreffende ziekte en sterfte door de Regering verzameld, behoorlijk bewerkt en van harentwege wederom ten bate van het publiek, waarvan die mededeeling uitging, worden gepubliceerd. Dat zal de grondslagen dier instellingen leeren vcrbeterejj***iiara uitbreiding bevorderen, terwijl de bloei der goede , en,<ms kende, de opkomst der slechte zal belemmeren off beletten!* Op desS vruchtbaren bodem van het eigenbelang , door – linge hulp zullen, in het licht der publiciteit, \'?(^vhfepß‘amelijke volkswelvaart gezonder en ruimer zich onitr^iKk^^fcSBlëó,,sttffcttts' de Regering dat licht wat voller doet schijnen, dak jing het tot dusverre kon verschaffen. \ . "V*. ' ■ i * V"-:

Sluiten