Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PH A RIMACEUTISOII WEEK RL Al>

VOOR NEDERLAND. ONDER REDACTIE VAN R. J. OPWIJRDA, Apotheker te Nijmegen.

Dit Blad wordt eiken Zaterdag uitgegeven bij den Boekhandelaar D. B. CENTEN te Amsterdam. Prijs per Jaargang, fr an co per post, / 4.50.

Alle stukken, welke men in dit Blad wenscht opgenomen te zien, gelieve men franco in te zenden aan den Redacteur te Nijmegen vóór Woensdag.

Prijs der Advertentiën: van 1 tot 6 regels f 1.—, elke regel meer 15 ets., en 10 ets. voor een N°.

van het Blad. Brieven franco.

8e Jaargang.

ZONDAG 11 Februari 1873.

M°. 41.

mcdedecllngen. Ingezonden stukken. De Minister van Oorlog heeft ter kennis gebracht, dat op den Isten October wederom 4 jongelieden kunnen worden geplaatst bij het garnizoens-hospitaal te Amsterdam, om aldaar te worden opgeleid tot militaire apothekers hier te lande. Leeftijd de volle ouderdom van 17 jaar en niet ouder dan 30 jaar. Voor de toelating wordt gevorderd: de overlegging van de door eene Staatscommissie, belast met het afnemen der natuurkundige examens volgens art. 4 der wet van 1 Juni 1865 (Staatsblad No. 59), afgegeven verklaring, dat de adspirant voldoende bewijzen heeft geleverd van kennis der Nederlandsche, Lalijnsc/ie, Fransche en Hoogduitsche tulen en van de wis- en stelkunst, als voorbereiding tot beoefening der natuurkundige wetenschappen. In geval zich een meer dan vereischt aantal adspiran – ten mocht aanmelden, zal een vergelijkend examen worden afgenomen inde Eugelsche taal en de beginselen van de Grieksche taal, alsmede inde geschiedenis en aardrijkskunde, zullende in dat geval voor eene plaatsing in aanmerking komen zij, die de blijken hebben gegeven in die vakken de meeste kennis te bezitten. Toelage ƒ 300 ’sjaars. Na een verblijf van één jaar aan het hospitaal verbindt de student zich stilzwijgend, om, na zijne benoeming tot apotheker, het EijklOjaren in die betrekking te dienen. Cursus minstens 4 jaar. Aanvragen tot plaatsing uiterlijk 10 Juni a.s. bij den inspecteur van den geneeskundigen dienst der landmacht. Ten behoeve echter van jongelieden, die eerst na dat tijdstip de bewijzen leveren, bedoeld in het bovengenoemde art. 4, kunnen die aanvragen later doch in elk geval vóór 1 October worden ingezonden. PHARMACOPOEA NEERLANDICA, EDTTIO ALTERA. 111. 1: Hel -\-U-eken der onverplicUhaarheid. Onder de 676 geneesmiddelen, die inde nieuwe Pharmacopoea voorkomen, zijn er 360 met een -(-teeken voorzien, waarmede te kennen wordt gegeven, dat de apotheker niet verplicht is deze voorhanden te hebben, maar dat zij, zoo zij in voorraad worden gehouden, moeten beantwoorden aan de eischen inde Pharmacopoea gesteld en dat voor hunne bereiding het aldaar opgegeven voorschrift moet worden gevolgd, Eene hoogst nuttige en oordeelkundige bepaling. Inde vroegere Pharmacopoeën kwam een aantal geneesmiddelen voor, die niet in voorraad konden gehouden worden, maar ex tempore moesten worden bereid, zoodat dit lijnrecht in strijdwas met de bepaling in art. 4. Verder was het voorhanden hebben inde vereischte hoedanigheid vaneen aantal middelen, die nooit of zelden worden gebruikt, een waar //kruis” vooral voor den apotheker op eene kleine plaats. Deze bezwaren zijn nu geheel en al opgeheven, zonder dat de controle daardoor benadeeld wordt. Wij meenen, dat de woorden van art. 4 //de geneesmiddelen, welke en zooals zij inde Pharma-

oopoea zijn aangegeven” aan de bepaling geen beletsel inden weg hebben kunnen leggen, maar daarmede in overeenstemming kunnen worden gebracht, zoo ook de artt. 36 en 33. Misschien is het stelsel der onverplichtbaarheid bij sommige geneesmiddelen wel w'at vreemd toegepast, omdat zij op onderscheidene plaatsen nog veelvuldig in gebruik zijn, bijv. bij Acetas Morphini, Castoreum, Tartras kalioo-natrious, maar bij het aangenomen beginsel levert dit volstrekt geen bezwaar op. Vóór enkele geneesmiddelen was -het -(-teeken nog noodig geweest, bijv. 'bij Antidotum arsenici, hetwelk nu verplichtend gesteld wordt, om in voorraad te worden gehouden, terwijl het onderschrift luidt: //Non nisi ad dispensandutn paretur.” Wij achten het goed gezien, dat de mercabiliën, zooals de ruwe zuren enz. niet verplichtend zijn gesteld, maar het -(-teeken bad onzes inziens ook zonder schade of beter geplaatst kunnen zijn vóór Aqua Goulardi, zoo gemakr kelijk ex tempore te bereiden, vóór Oornu cervi raspa turn in plaats van vóór Cornu cervi praeparatum, vóór Emplastrum resinosum rubrum in plaats van vóór Emplastrum resinosum, vóór Extractum bardanae, Extractum calumba en Extractum scillae, vóór Eerrum hydrogenio reductum in plaats van vóór Eerrum pulveratum, vóór Semen hordei decoctioatum, vóór Herba polygalae amarae (vrij obsoleet), vóór Spiritus juniperi oompositus, vóór Tinctura colohici (omdat ook Yinum colchici als verplicht wordt opgegeven), vóór Tinctura lobeliae, vóór Unguentum elemi. —■ Het meest heeft ons verwonderd het -(-teeken te vinden vóór de collectieve namen: Emplastra, Extraota, Olea, Syrupi, Unguenta en wij hebben vergeefs naar de reden hiervan gezocht. Onzes inziens past het niet in het aangenomen stelsel, waarbij bepaald de geneesmiddelen zelven bedoeld worden. Men heeft er toch niet mede willen te kennen geven, dat er zich onder de Extracta, Emplastra enz. bevinden, welke niet verplichtend zijn ? Maar dan had de consequentie ook geeisoht, dat men het teeken aantrof vóór eiken collectieven naam, onder welken onverplichte geneesmiddelen voorkomen, bijv. Arnica, Aurantium enz. Wij wachten hier dus op eene nadere verklaring. GEMETHYLEEED GEDISTILLEERD. Bij het Departement van is inde maand Juni a. p. een rapport ontvangen van Prof. Gunning over het gebruik van gemethyleerd gedistilleerd, in verband met den daarvoor toegekenden vrijdom van accijns, alsmede over de behoefte aan en de productie van houtgeest. De hoogleeraar wijst op de hooge bcteekenis voor de nijverheid, gelegen in het koninklijk besluit van 10 October 1866, waarbij de vermenging van alcohol, voor industrieel gebruik bestemd, met houtgeest (sedert 1856 in Engeland gebruikelijk) hier te lande ingevoerd en geregeld is. Bij den daarbij verleenden vrijdom bleven echter nog eenige beperkende bepalingen en de vraag rees na een tijdsverloop van 4 jaar, of deze ook zonder gevaar voor groote misbruiken konden worden opgeheven ? De heer Gunning meent deze vraag niet dan bevestigend

Sluiten