is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor wetenschappelijke pharmacie, jrg 6, 1864, 1864

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gretigheid, hoofdpijn en andere pijnen, dus ook bij buikpijn, rooken de Javanen de bladen, waarvan cigaartjes gehaakt worden; of zij laten den rook inde kamers, waarin de lijders kermen, blazen. De bladen worden ook uitwendig °p het lijdende deel gelegd. Voor 01. hyoseyami wordt ge"'oonlijk 'een koetjoeboeng of Daturasoort met oleum cocos gekookt, uitgeperst en gefiltreerd, gegeven. Uit het medegedeelde zal verstaan worden, dat de Daturasoorten door de dansmeisjes, dieven en amokmakers wel eens misbruikt borden. Dr. Big a 1 verhaalt een geval van vergiftiging te Mbntrado, waartoe de zaden van twee vruchten Datura Stra- gebezigd en in het eten vermengd waren. Dit had ®ene zeer snelle uitwerking , zoodat patiënten spoedig bewusteloos werden ; zij genazen na behandeling in het hospitaal. Inden Indischen Archipel en ook op Java gebruiken de Sanders vele narcotische planten, om de visschen te bedwelmen. Door weeking van schors en bladen van Pangium edule üeiu w. (Pangi Maleiseh , Poetjoeng Javaansch) (Pangiae B.) borden de narcotische eigenschappen der genoemde plant *an het water medegedeeld en de visschen hierdoor bedwelmd. Het zaad van Pangium edule verwekt duizeligheid en tenuwachtige aandoeningen, inzonderheid het rondom de 2aden gelegen moes en het vleesch der versche vrucht kan, volgens Blum e, doodelijk zijn. De zaden zijn op alle davaansche markten te koop. Als zij niet langen tijd in het gekookt of onder warme asch gelegd zijn, dan worden 26 voor vergiftig gehouden. Uit de groote bruine noten (*aden) wordt eene inferieure donker gekleurde lampolie geperst. Aan Teysman zijn vijf soorten van Akar toeba bekend, die allen tot het geslacht Dalbergia of daaraan verwante s°orten behooren. De toeba aneweh , toeba djenoe, toeba 8&tel, toeba kajoe, toeba lalur (Dalbergia heterophylla Wld., dalbergia purpurea Ewdt, Milletia sericea W. et A. en rostrata M q. Dalbergia heterophylla W Id. en Dal- Grgia angustifolia Hasskl.), behooren tot de Papilionaceae

319