is toegevoegd aan je favorieten.

Het Oosten; wekelijksch orgaan der Weesinrichting te Neerbosch, 1906, no 1851, 20-06-1906

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zeker, als men alles over z'n kant laat gaan, voor alles de oogen sluit, dan handelt men wel naar den zin van velen, maar niet naar den wil van God, die een Vader

der Weezen is en dan komt de onrust

des gewetens. Doch, laat ik hiermeê eindigen, als we het oog achterwaarts slaan en op het heden kijken dan is er veel reden tot blijdschap.

Laat ik u, volgens belofte eens laten lezen in het verslag, dat wij namens het bestuur uitgebracht hebben op de laatstgehouden algemeene vergadering, en dan zult u zeggen: ja dominee, Gods oog is met verschoonend welgevallen op Neerbosch gericht, anders zou het niet zoo gezegend gaan als het gaat.

Luistert eens:

Het is een voortreffelijk werk, het werk

van een verslaggever zoo begon ik

verleden jaar mijn jaarkroniek. En die

meening ben ik nog toegedaan Maar

het is geen gemakkelijke taak. Wat zal ik U voor nieuws vertellen? Het Oosten heeft U week aan week meegedeeld wat hier gebeurde, waarmee we verrast werden, waarover we ons bedroefden.

Komt, laat ons echter beginnen in het verleden te blikken . .. wie weet, misschien krijgt het heden daardoor meer aantrekkelijkheid en wordt de feesttoon van nu nog hooger gestemd.

Wij beginnen daarom bij de kleintjes. Die zijn dit jaar verhuisd. Weer verhuisd, zullen de oude Neerbosch-vrienden wellicht denken. Ja, dat is waar, in den loop der tijden heette nu eens dit en dan dat gebouw op ons Weezendorp, het Moederhuis. Vergissen wij ons echter niet al te zeer, dan zal het daar nu wel voorgoed blijven. En wat zegt U er van ?

t~» • e. • _i ' 1 o W T

nuim en iriscn meiwaar r vv eia.

een mooie tuin en welk een heerlijke gelegenheid om straks de bewaarschool in te openen. Alles zoo dicht bij elkaar, zoo echt geschikt, inderdaad wij zijn verheugd dat in dit groote huis onze kleine kinderen zoo'n kostelijk Te huismochten vinden.

En nu we toch bezig zijn een kijkje te nemen op die plekken waar verandering kwam , voer ik u ook even meê naar het huis waar de kleintjes woonden voor ze in de ruimte kwamen. Neen, u behoeft er niet voor te blijven staan, treedt gerust binnen. En wat zegt u nu hier van? Gaf ons dit behalve een woonplaats voor den chef en den meesterknecht van onze meubelmakerij, V geen doelmatige winkels voor de huishoudelijke artikelen en het voorhanden meubilair?

Maar nu zijn we er nog niet. De nestor onder onze bazen is dit jaar ook verhuisd. Van Yperen kon wel een betere werkplaats gebruiken, en bovendien

had de stookgelegenheid in die

ouae unmiersciiuui, un=> mcci- ^

malen met groote zorg vervuld,

zoodat wij niet ongaarne onzen gedecoreerden medearbeider in dezen ter wille waren. De nieuwe timmerwinkel, met daaraan verbonden teekenschool, waar de jongens 's zomers 2 X 2 en 's winters 4X2 uren per week les krijgen in rechtlijnig of bouwkundig teekenen, ziet er goed uit en voldoet zeer. Maar

te doen dit jaar, en nog zijn we niet aan het einde van de restauratie, die veel zeer veel kosten meebrengt. Op het dak

der huizen en in den boomgaard

overal moet de hand aan gehouden worden.

Dat dit geld, veel geld zelfs kost, behoef ik eigenlijk niet te verzekeren. Wie z'n eigen huishouden in orde houdt, staat soms ver¬

een groote opvoedende kracht uitgaan, evenzeer als van een rekje met bloemen voor het huiskamerraam, of een altijd keurig onderhouden bloemenperk waarop het oog gedurig staart. En die regels gelden natuurlijk ook voor het Weezendorp. Wij zijn niet anders dan die te Hier en Daar wonen. Er zijn hier brutale knapen en meisjes, die ons het getal der zorgen wel eens

LHet nieuwe Moederhuis.

steld over de enorme uitgaven die dit vordert. En toch is het noodig. Noodig zelfs om meer dan één reden. Alles wat niet naar eisch behandeld wordt vervalt, en als men dan eindelijk — omdat het toch heusch niet langer kon wachten — aan het opknappen

noodeloos vermeerderen. Zelfs moesten we dit jaar vier jongens terugzenden naar de familie, omdat ze niet ophielden met plunderen en stelen, maar dat neemt toch niet weg onze verplichting om alles in het werk te stellen onze kinderen zoo

Neerbosch' Landschap.

gaat, kost het veel meer, dan wanneer men geregeld de zaken in orde en bijhoudt. Maar er is nog een reden, waarom men voor de noodige uitgaven, al brengen ze zorgen mee, nooit moet terugschrikken: er gaat opvoedende kracht uit van een boel die

goed mogelijk toegerust, eenmaal de wereld in te zenden. En ook daarom moet dus alles netjes in orde gehouden worden. D .,:i nf nlr KI ii wfifik ui en week

JAUIltJII Uit' Simv

uit, zijn voor een zeker type van jongens als een luidroepende uitnoodiging om

er eigenlijk maar heel weinig van, want wij krijgen zoovele goederen van kransen die voor Neerbosch naaien en breien, en van particulieren die ons nu eens de hoeden, dan weer strikken en niet zelden ook het tafelgoed zenden of voor de linnenkast zorgen. En dan ... maar u heeft de gelegenheid om dit nu eens op uw gemak na te gaan. Laat ik u even onze verschillende uitgaven opsommen :

Uitgaven.

Geneeskundige hulp en Medicamenten f 902.99®

Kleeding „ 8845.055

Voeding 2G496.995

Huisraad 919.736

Verwarming en Verlichting „ 4469.55

Onderwijs 4002.645

Belastingen 1055.265

Vrachten, Onkosten, Reiskosten etc 4165.665

Salarissen * 9941.34

Rente en Pensioenen . . „ 11665.35 Onderhoud Gebouwen en

Terreinen » 9348.975

f 81813.57

Dat is geen kleinigheid, zult u zeggen. Inderdaad, als we soms gaan rekenen wat er noodig, broodnoodig is, dan slaat 'n mensch de schrik om het hart. Het huisgezin is ook zoo ontzettend groot. En over den balk gooien we het heusch niet. Het bestuur durft u de verzekering te geven dat er op Neerbosch gerekend wordt. Dat wij den varkensslager nooit meer aan de deur krijgen, — op dit gebied in alles zelf voorzien door onze boerderij, —levert veel voordeel, te meer daar wij deze knorrende schepselen mee voeden met het afval, dat in een Stichting als deze

niet gering is. Ook de slager

van rundvleesch komt nu hoogstens maar in de vier zomermaanden bij ons over den vloer en voor de contante betaling aan het einde van iedere maand bedongen wij met succes 10°/o korting. De inmaak van eenige duizenden eieren levert vooral in de wintermaanden een niet onbelangrijk voordeel op, en door de gemetselde bakken zijn we in staat al deze zaken naar eisch te behandelen. Dat dit alles nog al werk meebrengt, behoeft niet betoogd, maar wel mag dankbaar erkend dat God in het afgeloopen jaar vele krachten heeft gegeven, zoodat Directie en medearbeidenden veel konden doen. Blijft de bede van den koninklijken harpenaar: Heer, leid mij en voer mij (Ps. 31:4) het dagelijksch gebed op Neerbosch, dan zal het nooit ontbreken aan trouw en ijver, aan toewijding en lust tot den

arbeid.

Dan, ik dwaal af. Wij hadden het over de vele uitgaven. En

ueien we hier nu meteen uitkomen, dat met een zuinig beheer begeerlijke resultaten zijn te verkrijgen, wij zouden ook niet gaarne zwijgen over de groote, de zeer groote medewerking die we dit jaar genoten. Gaarne schreef ik hier lang over, maar dit kan niet, doch er over zwijgen, doen we evenmin.

Tombola. — B\j de trekking.

Tombola. — De mannen die

door deze verandering moesten de klompenmakers weer verhuizen. Zij kregen een kleinere werkplaats en wordt onze wensch vervuld dan worden de krachten van baas Van Guilenburg vernieuwd, en brenge de Heer hem weer spoedig, na langdurige ziekte in zijn nieuwe werkplaats.

Maar ik eindig met u te spreken over deze en dergelijke verhuizingen. Laat ik er evenwel bijvoegen: Er was hier veel

't er het drukst mee hadden.

netjes wordljgehouden. Als ik eenjjas draag met twee soorten van knoopen moet ik me volstrekt niet verbazen als de handen van mijn knecht spoedig in driekleur uit z'n

mouwen komen. Als een vrouw sioiaig is, en thuis ligt alles vol, stoelen, tafel, en boven op de kasten, tien tegen een, dat daar een geslacht opgroeit dat van gezelligheid geen begrip heeft en van netheid geen idéé krijgt. Zelfs van een schoon tafellaken kan

nieuwe scherven te maken. Verweloosheid schijnt voor velen een vrijbrief te zijn om iets te bederven.

Maar dat in orde houden kost geld, zeiden wij. Voorwaar, en niet weinig ook. Want er is nog veel meer te doen dan gebouwen te restaureeren en meubelen op te knappen en aan het uitwendige, een gezellig aanzien te geven. Ik verzeker u dat het kleerenvraagstuk heel wat hoofdbrekens kost. De uitgaven daarvoor zijn niet gering. Dat ziet u niet alles. U ziet

Er zijn weldoeners van het Weezendorp, die zoo geregeld ons verblijden, dat wij er haast toe zouden komen om er op te rekenen. Daardoor zijn hun gaven ons veel waard. Nog altijd komen er giften en gaven , waarvan we de herkomst niet weten, zoodat we aan de gevers geen bedankje terugzenden. Ieder jaar komt hier b.v. een groote bezending krentenbroodjes .. . ja we raden, maar gissen doet missen. In ieder geval, ook aan de anonieme gevers en geefsters onzen hartelijken dank.