Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het a terme verrichten der sectio caesarea, ten einde een levend, voldragen kind met goede levenskansen te verkrijgen. Daartoe zou de vrouw zich inde allereerste dagen van Maart inde kliniek laten opnemen. Het ongunstige weer deed haar helaas! dit voornemen uitstellen. Zondag 6 Maart liep inden nacht vruchtwater af en kreeg zij pijn. De vroedvrouw werd geroepen en liet haar onmiddellijk vervoeren naar het naastbij zijnde spoorwegstation, van waar zij met den trein inden namiddag te ruim 12 uur Groningen bereikte. Ongeveer kwart voor één uur werd zij inde kliniek opgenomen. In den trein had zij vrij veel pijn gehad en was zij behalve eenig vruchtwater, meconium kwijtgeraakt. Zij werd onmiddellijk onderzocht, Geconstateerd werd een kind in eerste sohedelligging, hoofd boven den bekkeningang; harttonen links flauw en weinig frequent 100—110. Zonder verwijl werd zij gereinigd, gedesinfecteerd en genarcotiseerd en werd overgegaan tot sectio caesarea om, zoo mogelijk, het kind levend te doen geboren worden. Binnen 25 minuten na haar opname inde kliniek was ’t kind geboren, maar juist afgestorven. De operatie vond plaats op de gewone wijze: chloroform-aethernarcose, 2 ergotine-injecties, bekkenhoogligging, verticale incisie van den buikwand ongeveer even ver boven als onder den navel. Daar de uterus mediaan geplaatst was, geen eventratie, maar snelle incisie van den uterus verticaal in het midden van even boven den fundus tot 4 c.m. boven den contractiering, De placenta werd geraakt, en puilde weldra geheel inde wond uit, langs den rand gaande werden vliezen gebroken, eerst een arm, onmiddellijk daarop een voet gepakt en geëxtraheerd. Het nakomende hoofd moest met den handgreep van Mauriceau—Levret door den contractiering gehaald worden. Na de extractie van het kind lag de placenta geheel los, zoodat zij aan de navelstreng kon worden uitgehaald, de eivliezen werden met een pincet aangevat en verwijderd. De uterus contraheerde zich goed. De baarmoederwond werd gehecht met catgut (Dronke’s cumolcatgut eerst in sublimaat, later in alcohol met een weinig glycerine, gedurende ettelijke weken bewaard), b diepe en 7 oppervlakkige sero-sereuze hechtingen. Na het sluiten der baarmoederwond werden darmlissen uit het cavum Douglasii gehaald, werd de uterus gereponeerd, het omentum over den uterus gespreid en werd de buik op de gewone wijze in étages, de huid met krammen gesloten. Duur der geheele operatie 30 minuten; gebruikt werden 10 gr. chloroform, 70 gr. aether. Inden aanvang was de narcose wat onrustig, later (aether) beter.

166

Sluiten