Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ponnade” te laten vervallen en eenvoudig van „buikvlies-verband” te spreken, of „buikholte-verband” of „peritoneaal verband”. Ook ten opzichte van bovengenoemden maatregel bestaat er geen eenstemmigheid onder de Nederlandsche gynaecologen. Slechts weinigen verdedigen de blijvende tamponnade door de opengelaten buikwond; de meesten draineeren zelden en dan door de scheede. Deze verschillen inde drainage-techniek hangen waarschijnlijk samen met een andere technische vraag, nl. of men zich bij de therapie der adnex-ontstekingen inden regel op operatief of nietoperatief standpunt plaatst, en verder of men dan aan den vaginalen of den abdominalen weg de voorkeur geeft. Op deze vraag, die thans niet aan de orde is, ga ik hier niet in. Alleen wil ik dit opmerken, dat in Holland een klein aantal gynaecologen aan de ontstoken adnexa zoo min mogelijk opereert, maar, als zij het doen, dan per laparotomiam. Tot deze partij behoort o. a. schrijver dezes. Daarentegen heeft eender collega’s zich in dezen zin geuit, dat hij niet alleen dergelijke patiënten uit beginsel langs vaginalen weg opereert, maar zelfs tot de vaginale coeliotomie overgaat, zoodra hij gedurende de laparotomie een etterhaard ontmoet. Tusschen deze beide uitersten vindt men alle mogelijke overgangen. Al naar gelang van het standpunt, waarop men zich ten opzichte daarvan plaatst, zal de een vaker dan de andere met etteringsprocessen tijdens de laparotomie in aanraking komen en dus ook vaker behoefte gevoelen zijn tamponnade-techniek te ontwikkelen. Nochtans zijn allen het daarover eens, dat de tamponnade met gaas, dat door de buikwond naar buiten wordt geleid, ofschoon levensreddend in sommige gevallen toch in het algemeen moet worden vermeden; in plaats hiervan brenge men het liever door het achterste gewelf inde scheede. Uitspoelen van de buikholte, om besmettelijke stoffen te verwijderen, wordt natuurlijk niet gedaan door die operateurs, die als regel het intraperitoneale operatie-veld met gaas afstoppen; maar ook die Nederlandsche gynaecologen, die dit afstoppen verwerpen, beschouwen het gevaar, dat aan het uitspoelen verbonden is, als veel grooter dan het problematieke nut. Terwijl het dus bij de laparotomie in oorspronkelijk aseptische gevallen reeds duidelijk is geworden, dat onze zoogenaamde aseptiek of antiseptiek slechts voor een deel bestaat iu een rechtstreekschen strijd tegen mikroben, en voor een ander deel inde verfijning van onze operatie-techniek, te midden van slechts gedunde vijandelijke scharen bij de laparotomie in „onreine” gevallen, dus te midden van dichte vijandelijke scharen, heeft de operatietechniek het hoofdaan-

155

Sluiten