Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eerste is een groot gezwel, half week, half soliede, waarvan de diagnose eerst laat tijdens de operatie mogelijk werd. Het was een gesteeld, gedeeltelijk verweekt uterus-sarcoom, dat met tal van adhaesies aan de darmen vastzat, en niet dan met achterlaten van allerlei vellen kon worden verwijderd. Daar de operatie zeer lang had geduurd, de toestand der vrouw tot spoed aanmaande en de doorsnede van den steel geen verdacht weefsel te zien gaf, besloot hij den uterus niet te exstirpeeren; hij heeft alleen den steel zoo diep mogelijk geëxcideerd. Bij onderzoek bleek de tumor een kleincellig sarcoom te zijn. Na drie jaar was de buik weder even dik. Er werd weer een cysteus gezwel gevonden, dat wel eenig verband met den uterus scheen te hebben. Bij de operatie bleek dit niet het geval te zijn. De nieuwe tumor zat wel aan alle kanten geadhaereerd, doch zonder anatomisch verband met den gezonden uterus. Blijkbaar was het gezwel door adhaesies gevoed. Door Prof. Spr o nek werd ook dit gezwel voor een sarcoom verklaard. Ook nu weder herstelde de patiënte bijzonder snel. De tweede demonstratie betreft een placenta met insertio velamentosa van de navelstreng en wel in het midden der placenta. Prof. ïreub deelt eveneens twee gevallen mede van tumor met onbekende herkomst. In het eerste geval was een ovariaalcystoom gediagnostiseerd; bij de operatie bleek, dat de tumor alleen vast zat aan het omentum: het was geen mesenteriaalcyste, geen ovariaal-, geen parovariaalcyste. Het tweede geval scheen een typisch multiloculair cystoom, dat tot aan den ribbenboog en in het kleine bekken reikte. Op de operatietafel kwam een harde tumor voor den dag, die retroperitoneaal zat. Uterus en ovaria waren normaal. Het gezwel scheen een niertumor te zijn en werd in samenhang met de linker nier verwijderd. Het gewicht was 13 Kg.. Bij nader onderzoek is evenwel gebleken, dat de nier vrij van den tumor is; het is dus geen niertumor, geen sarcoom, schijnt een fibroorn, dat retroperitoneaal tegen de onderste pool van de nier lag. De tumor moet nog nauwkeurig worden onderzocht; het resultaat daarvan zal later worden medegedeeld. Ook Prof. Nijhoff deelt een geval mede met duistere diagnose. Ook daar werd een tumor gevonden, die den geheelen buik vulde en voor een ovariaalcystoom gehouden werd. Bij de operatie bleek de tumor retroperitoneaal te zitten, er werd vet inde buurt gevonden, en ten slotte bleek, dat men te doen had met een cystenier (linkszijdigj; ook de rechternier bleek cysteus te zijn. Yervolgens wordt de vergadering gesloten.

80

Sluiten