Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar verhouding meer tangverlossingen voorkomen bij voorhoofdsliggingen dan bij aangezichtsliggingen en bij deze weder meer dan bij kruinliggingen en bij de laatste wederom meer dan bij achterhoofdsliggingen, kan uit het volgende blijken. Yan het totale aantal kinderen lagen 7977 in achterhoofdsligging en moesten 420 door middel van de tang geboren worden, d.i. 5,3 %; 167 in kruinligging en moesten 22 door middel van de tang geboren worden, d.i. ruim 12%; 58 in aangezichtsligging en moesten 13 door middel van de tang geboren worden, d.i. 22,5%; 35 in voorhoofdsligging en moesten 10 door middel van de tang geboren worden, d.i. 28,5 %. Morbiditeit en mortaliteit der moeders. Wat de moeders betreft, waren er 275, wier kraambed zonder stoornis afliep, d.i. ongeveer 58 %. 184 of 40 % hadden temperatuursverhooging in het kraambed, hetgeen niet te verwonderen is, als wij bedenken, dat de zoogenaamde buitengewone gevallen dikwijls inde kliniek komen, nadat de vrouwen thuis reeds eenige malen zijn onderzocht of nadat zelfs al enkele keeren de tang thuis is aangelegd zonder resultaat. Yan die 184 stierven er 5; als doodsoorzaak vinden wij: 1 maal embolie der arteria pulmonalis, 2 malen eclampsie, 1 maal sepsis; de dood volgde 16 dagen na de operatie; in het sectieverslag vinden wij: endocarditis ulcerosa, groote infeotiemilt, pleuritis adbaesiva, peritonitis, tezamen symptomen eener algemeene sepsis. Aan de geslachtsdeelen werd alleen gevonden subinvolutio uteri en inden fundus uteri een klein stukje placenta, doch makroskopisch nergens verschijnselen van infectie. De oorzaak der sepsis is dan ook niet vastgesteld kunnen worden. Inde longen werden enkele oude' tuberculeuze haarden gevonden (H. M. 528, jaar 1907). Ter objectieve beoordeeling is het sectieverslag in zijn geheel overgenomen. 1 maal infectie; de dood volgde 9 dagen na de tangverlossing aan infectie van de geslachtsdeelen, die echter de indicatie voor het aanleggen van de tang had geleverd (temperatuursverhooging vóór de operatie zonder verdere licbaams- en orgaanafwijkingen) (H. M. 414, jaar 1906). Er bezweken verder nog 7 vrouwen, van wie: 4 aan eclampsie, 1 tengevolge van decompensatio cordis,

40

Sluiten