is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Noorden in woord en beeld, 1949, no 23, 11-06-1949

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Koning Leopold met zijn gezin, gefotografeerd in de bibliotheek van het landgoed te Pregny in Zwitserland. Prinses de Réthy heeft het jongste kind, Alexander op schoot. Staande prinses Josephine Charlotte, prins Boudewijn en prins Albert.

KRIJGT BELGIE ZIJN KONING TERUG?

Op het ogenblik, dat dit artikel wordt geschreven, staan in België de algemene verkiezingen voor de deur. Zelden of nooit zal met zoveel spanning het resultaat van de stembus tegemoet worden gezien, want nog meer dan om de krachtsverhouding der partijen gaat het om het rechtstreekse gevolg daarvan: de koningskwestie.

Ons, Nederlanders, passen bescheidenheid en terughoudendheid bij het beoordelen van dit delicate, zuiver Belgische vraagstuk, maar wel hebben wij belangstelling voor de oplossing ervan en ook voor de achtergrond.

De grote vraag, die het Belgische volk thans bezig houdt, luidt: „Moet koning Leopold terugkeren op zijn troon of niet?"

De volgelingen van de grootste partij des lands — de Christelijke Volkspartij — roepen in een hartstochtelijk klinkend koor: „Ja", maar even beslist is het „neen" van hen, die de drie voornaamste overige partijen zijn toegedaan: De Socialisten, de Liberalen en de Communisten.^" De afgevaardigden van de Christelijke Volkspartij zijn bijna even sterk in het parlement vertegenwoordigd als de overige partijen samen, maar zij hopen, dat zij thans bij de verkiezingen de absolute meerderheid zullen behalen. Als dit werkelijk geschiedt, zullen zij dit niet in de eerste plaats mogen toeschrijven aan de populariteit van hun algemeen programma, maar aan hun actie voor terugkeer van de koning. Daarop vooral steunt hun verkiezingspropaganda en niemand zal ontkennen, dat zij daarmede in brede lagen van de bevolking succes hebben.

Van de andere kant moet rekening worden gehouden met een nog altijd wijd verspreide afkeer van koning Leopold. Men heeft grieven tegen hem omdat hij in 1940 tegenover de Duitsers capituleerde, maar vooral omdat hij het jaar daarop voor de tweede maal in het huwelijk trad en wel met een jongedame van burgerlijke afkomst.

De Belgen herinnerden zich nog met grote genegenheid de figuur van koningin Astrid, die als een sprookjes-prinses uit Zweden naar België was gekomen en stormenderhand alle harten had veroverd. Haar tragische dood bij een autoongeluk bracht een werkelijk nationale droefheid teweeg en met een overdreven beeldspraak maar toch niet helemaal onjuist mag men zeggen, dat het hele Belgische volk zich na haar heengaan weduwnaar voelde.

Koning Leopold, die uit liefde met Astrid was getrouwd, leek na haar dood een gebroken man. Hij, die toch reeds melancholiek van aard was, scheen de slag nooit teboven te zullen komen en het leed van koning en volk had iets weg van een klassiek drama

Vier jaren gingen voorbij, die koning Leopold in sombere teruggetrokkenheid doorbracht in zijn paleis te Laeken bij Brussel. Toen trof een nieuwe ramp het kleine, nijvere België. Voor de tweede maal in vijf-en-twintig jaar overvielen de Duitsers het land. De Belgen, met koning Leopold als opperbevelhebber aan het hoofd, verdedigden zich dapper, maar ook voor hen was de opgave te zwaar. Na weken van hardnekkige tegenstand maakte koning Leopold een einde aan de ongelijke strijd en aan het bloedvergieten door te capituleren. Naar de mening van Engelsen en Fransen hees hij te vroeg de witte vlag, maar zeker in het begin gaf de overgrote meerderheid van het volk de koning gelijk. En terwijl de Belgische regering naar Londen uitweek bleef de koning bij zijn troepen en zijn volk. Hij liet zich door de Duitsers interneren in zijn paleis; voortaan was hij in de ogen van de natie niet alleen een koning-weduwnaar maar ook een koning-gevangene.

Meer dan een jaar verliep. Diepe stilte heerste rondom het verblijf van de koning....

Toen kwam er een tijding, die in België als een felle bliksemschicht insloeg. Door heel het land luidden de kerkklokken en van de kansels werd

een brief voorgelezen van kardinaal van Roey, aartsbisschop van Mechelen. Hierin werd bekend gemaakt, dat koning Leopold in het huwelijk was getreden met mejuffrouw Liliane Baels, die voortaan de titel zou voeren van prinses de Réthy, welteverstaan zonder koninklijke waardigheid of daarmee verbonden rechten. De meeste Belgen hadden nog nooit van mejuffrouw Liliane Baels gehoord, maar nu werd natuurlijk bekend, dat zij de dochter was van een welgesteld burger uit Ostende. Dat zij beeldschoon was en jong, vrolijk en onberispelijk van levenswandel wist men weldra eveneens, maar toch bracht deze tijding een diepe schok teweeg. Vele Belgen begrepen niet hoe de koning er toe had kunnen besluiten dit huwelijk aan te gaan, terwijl in tienduizenden gezinnen van zijn land diep leed heerste over zonen en vaders, die door de vijand uit het land waren gesleept. De naar Londen uitgeweken Belgen wakkerden dit vuurtje nog aan en het herwonnen persoonlijke geluk van de koning werd overschaduwd door een stroom van smaad, die over hem werd uitgestort. Anderen echter konden ook thans de houding van hun koning billijken. Zij bleven hem onwankelbaar trouw.

Aldus, terwijl het land werd onderdrukt door de vijand en niemand openlijk een andere mening mocht uiten dan die van de overweldiger, trad reeds toen een scheiding van de geesten in. Op 6 Juni 1944, de dag van de Geallieerde landing in Normandië, meldde de Duitse kolonel Kiewitz, die belast was met de bewaking van het paleis, zich bij de koning: „Sire, de Reichsführer van de S.S., Heinrich Himmler, heeft telegrafisch bevel gegeven U onmiddellijk naar Duitsland over te brengen."

Driftig antwoordde Leopold: ,.De bevelen van jullie S.S. gaan mij niet aan. Ik ben de gevangene van de Wehrmacht en niet van de S.S. Laat generaal von Falkenhausen, de militaire gouverneur, hier komen."