is toegevoegd aan je favorieten.

Het Noorden in woord en beeld, 1949, no 26, 02-07-1949

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in de sneeuw en de modder krioelen. Nog die avond brak de sneeuwstorm los, die ons acht en veertig uur aan onze tent zou kluisteren met geen andere verstrooiing dan onze kleine batterij-radio, die we hadden meegenomen. We hoorden die nacht geen angstig geloei van de rendieren. De wolven lieten verstek gaan. We wisten toen nog niet, dat ze de wijk hadden genomen naar Noorwegen onder de druk van de vijf groepen wolvenjagers, die op een betrekkelijk klein gebied van Enontekio tot vlak onder de Noordelijke IJszee jacht op hen maakten.

De wolvenjacht was begonnen op verzoek van de Lappen, die hun rendierenkudden bedreigd zagen door aanvallen der wolven, die dit jaar ongewoon veel rendieren verscheurden. Een rendier is niet zo heel erg goedkoop in het Noorden. Een goed trekdier kost zeker 8000 Finmark, hetgeen ongeveer ƒ 160.— is. Er zijn Lappen, die vijfhonderd en meer rendieren bezitten, maar er zijn er ook met een enkel rendier en in Lapland zegt men, dat je er zeker van kunt zijn, dat een wolf precies zo'n enkel rendier, dat het bezit van een Lap uitmaakt, er uit zal kiezen. Heeft een Lap veel rendieren, dan vindt hij een paar gedode exemplaren niet zo heel erg. Hij gelooft zelfs, dat het hem geluk brengt. Maar als, zoals dit jaar, honderden rendieren ten offer vallen aan de hongerige wolven, dan herinnert de Lap in Finland zich zeer goed, dat hij Fins staatsburger is en een lieve cent aan belasting betaalt.

Daarom staken de Lappen dit jaar de koppen bij elkaar, toen overal berichten opdoken over rondzwervende wolvenkudden, die de rendierengelederen geducht dunden. En omdat de Lappen geziene burgers zijn, die een hoop belastingcenten binnen brengen, bleef hun noodkreet niet onbeantwoord.

Onmiddellijk werden jachtgroepen gevormd om de wolven te bestrijden en in Helsinki stegen vliegtuigen op om zo nodig een handje te helpen. De mannen in het noorden lachten een beetje schamper om die hulp uit het zuiden. Een wolf moet je te land bestrijden, hem doden met een kogel, zo nodig met het mes, maar van een vliegtuig uit, neen, onzinnig.

Weinig konden ze vermoeden, dat het de piloten der vliegtuigen zouden zijn, die de eer voor het doden der wolven voor zich zouden opeisen en hoe

De Lappen, die we onderweg ontmoet hadden, bleken niet zo geïnteresseerd in de wolvenjacht

De Lappen komen vol nieuwsgierigheid naar het vliegtuig kijken, waarmede men op jacht ging.

als we hadden-verwacht. Ze hadden er toch om gevraagd. Wat stak daar achter?

„Kijk," zei Jussi Syvajarvi tot mij, „er zijn vele Lappen, die denken na hun dood een wolf te zullen worden en ze vinden het niet erg leuk een der hunnen te moeten doden."

Ze hadden ook liever niet om die hulp gevraagd, maar ja, nu in twintig jaar de wolven niet zo brutaal geweest waren, moesten er toch maatregelen worden genomen, zelfs als ze vroeger Lappen geweest waren, die wolven. Maar zelf meedoen hen te vernietigen, neen, dat mocht je niet van hen verlangen. En niet alleen in Finland gingen de wolven te keer. Ook in Noorwegen hielden ze geducht huis. Er was al een overeenkomst getroffen om gezamenlijk tegen de wolven te opereren en men zou zonder formaliteiten over elkanders grenzen kunnen trekken.

Hierboven: Deze wolf kan geen kwaad meer doen. De scherpe tanden zijn machteloos geworden.

Hieronder: Na de jacht komen de sterke verhalen los bij het vuur in de kleine hut.