is toegevoegd aan je favorieten.

De delver; het vrije kunstorgaan, jrg 14, 1940-1941, no 7, 1940

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WAT IS INSPIRATIE?

WAT is eigenlijk Inspiratie? — Het woord beteekent: inblazing, ingeving, en vooronderstelde dus een inwerking van buitenaf, zoodanig dat iets verricht, tot stand gebracht, kon worden, waartoe iemand uit eigen kracht niet in staat zou zijn. Gods adem, lezen wij in de plastiek van het boek Genesis, werd Adam in de neusgaten geblazen en maakte hem tot heer der Schepping.

Niet altijd (want er waren immers ook inblazingen des Duivels), maar meestal toch werd het woord inspiratie in gunstigen zin verstaan. Zoowel naar Joodsche en Christelijke als naar oudheidensche overtuiging ging de bezielende invloed uit van bovenaardsche macht, waarvan de geïnspireerden slechts werktuigen, spreektrompetten, waren en voorzeker te goeder trouw dan ook zeiden de oud-testamentische profeten: „Aldus spreekt God, de Heer".

Later ging het begrip lijden onder slijtage. Men begon het toe te passen op allerlei aandoeningen, gestemdheden, mits die slechts ietwat stegen boven iemands gemoeds- of denkleven van allen dag. Men zeide niet meer: „m ij i s", hem i s", maar „i k b e n", „h ij is" geïnspireerd. Kortom, oppervlakkig en te veelvuldig gebruik bracht devaluatie teweeg.

Niettemin blijft voor inspiratie, het zij dan in hoogen of minder hoogen zin, drieërlei noodig: iemand die ontvangt, iemand die of iets dat de werking veroorzaakt, en iets dat ingeblazen, ingegeven wordt.

De nieuwere zielkunde zoekt den agens, de werkende oorzaak, in het onderbewuste of, wil men, het bovenbewuste van den geïnspireerde zelf. Hiermede noch met de vroegere meening strijdig is het feit dat onontwikkelde, in het gewone leven geenerlei bijzondere begaafdheid toonende menschen in ongewonen toestand, bijv. in trance, soms verbluffende praestaties leveren. En op meer algemeen toegankelijk terrein weet wel iedereen mee te spreken van momenten, voor enkelen menigvuldig, voor de meesten zeldzaam, ver boven hun gewone levensniveau. Velen hebben vlak vóór het inslapen, of ook wel in den droom, bovenaardsche muziek gehoord, landschappen gezien van hemelsche heerlijkheid, of menschengelaten, schoon als engelen van Botticelli.

Wij hoeren van lieden, die bijna verdronken waren geweest, of ook maar even buiten westen door een flinke snede in hun duim, en toen een zoo mateloos geluk hebben geproefd dat zij, weer bijgebracht, schreiden om de onherstelbare schade.