is toegevoegd aan je favorieten.

Die constghesellen; maandblad voor de beeldende kunst-orgaan van de Nederlandsche Vereeniging van Kunsthandelaren, jrg 2, 1947, no 5, 15-05-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Aquarellist

Herman Dogman

De aquarelleerkunst is een kunst van de subtiliteit. Een goed aquarellist moet een zeer gevoelig mensch zijn, met een gevoel voor de fijnste toonwaarden. Tevens moet hij iemand zijn met geduld. met concentratie- en contemplatief vermogen.

In de olieverftechniek is veel sneller een effect te bereiken en daarom lokt deze techniek vooral tegenwoordig vele schilders meer aan. Bovendien, en dit is een opmerkelijk tijdsverschijnsel, ziet men tegenwoordig veel werk, dat den indruk maakt weinig doorwerkt te zijn, terwijl het daarnaast toch het virtuoze mist.

Bij de werkelijke aquarel, en wij bedoelen hiermede niet de met wat waterverfkleurtjes verlevendigde teekening, kan hiervan echter geen sprake zijn. Zij vordert het geheele kunnen van den

kunstenaar, die als hij een gewetensvol artist is, nèt zoolang volhoudt, totdat het resultaat naar zijn meening goed is.

Zooals ook hij de olieverfkunst, zijn er hij de aquarelleerkunst verschillende technieken. In de 19e eeuw, omstreeks den bloeitijd der Haagsche Schildersschool, beoefende men het aquarelleeren in breeden kring en Allebé, Bauer, Bosboom, Breitner, Israëls, de Marissen, Mauve, Neuhuijs, Suze Robertson, Weissenbruch, de Zwart enz., waren in dit genre min of meer begaafden en kundigen.

Deze meesters, met de voorbeelden van de Italianen en van de Engelsche aquarellisten voor oogen, kenden het métier door en door, maar maakten zoowel sterke als zwakke kunstwerken.

Voor een deel was dit een gevolg van de toege-

Herman Bogman „Stilleven