is toegevoegd aan je favorieten.

De locomotief; weekblad gewijd aan de belangen van spoor- en tramwegen, jrg 35, 1917, no 37, 12-09-1917

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Verschillende Mededeelingen.

liet Goederenvervoer in Spanje. De Spaansche spoorwegen (meestal smalspoor) hebben een vervoer-capaciteit van 663.000 ton goederen, bijna 200.000 paarden, 620.000 kalveren en bijna 2.000.000 stuks ander vee, terwijl 270.000 passagiers vervoerd kunnen worden. Deze cijfers onderstellen, dat alle wagens en locomotieven tegelijk in gebruik zouden zijn. Deze getallen wiorden natuurlijk lang niet bereikt, omdat de organisatie er zeer veel te wenschen overlaat en het er dikwijls Spaansch toegaat. Tegenwoordig vertoonen de spoorwegen een sterke congestie, die nu vanwege de regeering bestreden wordt met nieuwe reglementen. Een zeer bijzondere maatregel is, dat goederen, die niet binnen vijf dagen na. aankomst afgehaald zijn, door de spoorwegautoriteiten in het openbaar verkocht worden, hetgeen op eiken vrachtbrief duidelijk aangegeven moet worden.

(Haagsche Post.)

Beperking van den treinenloop. Naar wij veme'men zal de beperking in den treinenloop, tengevolge van den kolennood, op 24 September a.s. ingaan. Het aantal treinkilometers zal met 35 a 40 pCt. verminderd worden. D e beperking is van dien aard, dat van een behoorlijk verkeer geen sprake meer zal zijn. Men verwacht dan ook, dat het puibloek zich in zijn reizen zal beperken en dat het zooveel mogelyk de reizen, die gemaakt moeten worden, vóór 24 September zal doen. Ook het goederenverkeer zal zooveel mogelijk beperkt worden.

Vergeleken bij den toestand van vóór den oorlog (October 1913) zal op verschillende trajecten na 24 September bet aantal treinen als volgt verminderd zijn:

Amsterdam—Haarlem van 112 op 50; Haarlem—Leiden van 71 op 31; Amsterdam—Hilversum van 80 op 38; Amsterdam—Zaandam van 62 op 36; Electrische spoor Den Haag—Rotterdam van 54 op 30; Amsterdam W.P.—Utrecht van 70 op 22; Rotterdam—Gouda van 60 op 20; Utrecht—Arnhem van 38 op 14.

Met name de forenzen zullen groote bezwaren van de nieuwe regeling ondervinden; het zal niet meer mogelijk zijn volledig te voldoen ,aan de belangen van hen, die voor onderwijs, werkzaamheden in fabrieken of kantoren of beursbezoek van de treinen moeten gebruik maken. Met de belangen van handelsreizigers is zooveel mogelijk rekening gehouden, door 'handhaving van de treinen, die voor en na afloop hunner werkzaamheden loopen. Ongeveer alle exprestremen Amsterdam—Rotterdam zullen uitvallen, met name die van 7,45 en 8,4? ’s morgens urt Amsterdam.

Tengevolge hiervan zullen de andere treinen dubhel belast worden. Het gaat niet aan de treinen onbeperkt te verlengen, daar rekening moet worden gehouden met de lengte der perrons.

Men zal de treinen zooveel mogelijk later doen beginnen en vroeger doen eindigen. Zoo zal de laatste reis Amsterdam—Rotterdam en omgekeerd te ongeveer 9 uur zijn; de laatste trein naar Hilversum en de Zaan zal te ruim 9 uur loopen.

Door laat te beginnen, en vroeg te eindigen, hoopt men ook de verwarming en verlichting te beperken.

Nog enkele voorbeelden: de vijf sneltreinen Amsterdam—• Groningen vice-versa worden verminderd tot twee. De mid d a g-sneltreinen van Amsterdam, Den Haag 'en Rotterdam naar Groningen, Friesland, Limburg en Zeeland vallen geheel uit.

Een deel der overblijvende sneltreinen zal over een gedeelte van het traject boemeltrein worden.

De treinen worden langer; de verwarming zal vermioedelijk geheel worden stopgezet; de verlichting zal tot een minimum worden beperkt. Het rijden met wagens met doorgangen zal eveneens zooveel mogelijk beperkt worden. 7 A n _ 1 1 1.

De Zondagsdienst zal nog iets meer worden beperkt, teneinde in de week nog zooveel mogelijk treinen te kunnen laten rijden.

De spoorwegen hebben voor deze nieuwe regeling geen gelegenheid gehad het publiek te raadplegen, daar eerst

dezer dagen bekend werd, dat voortaan slechts over een beperkte hoeveelheid kolen kan worden beschikt voor den treinenloop, i) Hbld.)

l) Aanteekening d.d. lo September: Blijkens dagbladberichten van heden zou volgens de inlichtingen der S.S. de brandstofaanvoer uit Duitschland thans geheel stop gezet zijn. (Red.)

Jaarverslagen 1916.

Stoomtramweg’-Maatschapi»y Oostoljjk-Groiiing’en. Daar de door den oorlog ontstane moeilijkheden, voornamelijk wat betreft het verkrijgen van de voor den aanleg benoodigde materialen, zich steeds meer doen gevoelen, was het onmogelijk de in uitvoering zijnde werken met den gewenschten spoed voort te zetten; door tijdig inkoopen werd stagnatie echter zooveel mogelijk voorkomen.

Openbare aanbesteding had slechts ten behoeve van twee werken plaats, terwijl de aanleg in eigen beheer der lijnen geschiedt in verband met de opgedane ervaringen en het moeilijk verkrijgen der benioodigde materialen.

Bij de gehouden openbare aanbestedingen bleek, dat de inschrijvingen enorm veel hooger waren dan in het vorig verslagjaar. Bij de aanbesteding van de draaibrug over het Termunterzijldiep waren voior den bovenbouw slechts drie inschrijvingsbiljetten ingekomen, waarbij de aannemers onder zekere voorwaarden inschreven en waarbij o.m. als voornaamste voorwaarde werd ges'teld, dat de Maatschappij het verschil tusschen den begrocutings- en den factuursprijs zou moeten betalen, hetgeen bij de steeds stijgende materiaalprijzen een overschrijding der begrooting tengevolge moest hebben.

De cindaanwijzing van de perceelen, welke voor den aanleg van de spoorweglijncn van Ter-Apel over Winschoten naar Delfzijl en Blijham naar Bellingwolde moesten onteigend worden, is vastgesteld bij Kon. Besluit d.d. 12 Januari 1916 no. 28 en opgenomen in de Staatscourant no. 18 van 22 Januari 1916, zoodat met de procedures tot het verkrijgen van de nog niet bij minnelijke schikking afgestane perceelen een aanvang kon worden gemaakt.

Echter werd met op twee na alle eigenaren een mmnehjke schikking getroffen, zoodat slechts over het verkrijgen van de gronden van deze twee eigenaren, welke gronden liggen in de gemeente Delfzijl, behoeft te worden geprocedeerd.

In verband met de buitengewone tijdsomstandig'heden werd op 16 Maart aan het personeel in vasten dienst een duurtetoeslag toegekend.

De toenmaals getroffen regeling werd op 15 September en 29 December gewijzigd, zooals nader onder „personeel" is vermeld.

De begrooring voor de lijn Ter Apel—-Delfzijl met zijtak van Blijham naar Bellingwolde werd berzien en daarbij bleek, dat thans de kosten aan de uitvoering der werken verbonden belangrijk hooger zijn, dan waarop deze aanvankelijk waren geraamd.

Terwijl bij het opmaken der oorspronkelijke begrooting mocht worden aangenomen, dat de aanlegkbsten van den spoorweg een bedrag van f 2.500.000 niet zouden overschrijden, is het thans noodig gebleken deze begrooting een millioen hooger te stellen.

Voor een deel moet dit worden toegeschreven aan een nader wenschelijk gebleken richtingswijziging nabij en in Delfzijl en aan verdere verbeteringen, welke in het plan zijn aangebracht en voorts moet, 'hetgeen nauwelijks toelichting behoeft, gewezen worden op de tijdens den bouw zoozeer veranderde tijdsomstandigheden.

Teneinde het tekort te kunnen dekken en de voltooiing der lijnen tot stand te kunnen brengen hebben wij lOns tot het Rijk, de Provincie en de betrokken Gemeenten gewend, en wel door op 23 October aan de betrokken Gemeenten te vragen haar aandeel in het Maatschappelijk kapitaal naar verhouding van de vroeger genomen aandeelen te verhoogen en in de verhoogd© obligatieleening naar verhouding van het aandeelen-kapitaal deel te nemen, met het gevolg, dat de gemeenten Bellingwolde en Winschoten op 30 October, Delfzijl, Midwolda, Vlagtwedde en Wedde op 31 October en Termunten op 7 November de gevraagde bedragen tot een totaal bedrag van f 439.000,—