is toegevoegd aan je favorieten.

De locomotief; weekblad gewijd aan de belangen van spoor- en tramwegen, jrg 41, 1923, no 43, 24-10-1923

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dankte de Voorzitter van onze Vereeniging voor dit technische lesje.

Daarbuiten stond de motorwagen het gezelschap weer op te wachten, thans zonder bijwagen, waarvoor echter de autobusbrigade van de Westlandsche Stoomtram tot vervoersbijstand was opgeroepen. Men had dus nu gelegenheid kennis te maken met het allernieuwste verkeersmiddel, vroeger alleen als concurrent bekend, thans echter als wapen in dienst van de tram gesteld. De lichte, eenvoudige bussen op Fordonderstel leken zich goed aan te passen aan de Westlandsche wegen, die natuurlijk ook al niet geschikt zijn om een zwaar autoverkeer te kunnen dragen. Dat de reiziger voorshands in de railtram meer comfort vindt, dan in de uit den aard der zaak meer schokkende autobussen, is buiten twijfel.

Te Nieuw Honsel aangekomen, vonden de gasten een welkom onderkomen in eenige der vele groote druivenkassen, waarin zeker eene wandeling van enkele kilometers onder de blauwe trossen te maken zou zijn. Dapper werd weerstand geboden aan den prikkel van mond en maag om een proefje te nemen in het besef, dat de eenvoudige lunch, die de Westlandsche tram ons in Kijkduin aanbood, op dat punt zeker schadeloos zou stellen.

Hoe geheel anders was de toon der redevoeringen aan deze middagtafel, dan aan den feestdisch van den voorgaanden avond. Niet dat hier eenig gemis aan hartelijkheid of waardeering gevoeld werd, integendeel. Doch over het algemeen werd hier meer het zoeklicht geworpen op de moeilijkheden, waarin in het algemeen de tramwegen verkeeren. Reeds in zijn welkomstwoord aan de gasten, meende de ondervoorzitter van het College van Commissarissen der W. S. M., de heer G. Bosman, te moeten wijzen op den zorgelijken toestand der trambedrijven, die ook de Westlandsche tram dwong tot soberheid, óók bij gelegenheden als deze. Het deed spreker genoegen, dat dank zij de voortreffelijke zorgen van den directeur, Jhr. Röell, de deskundige gasten hebben kennis kunnen nemen van de nieuwste verweermiddelen tegen het ongebreidelde particuliere autobusverkeer. Spreker meende den huidigen toestand op verkeersgebied als een ontoelaatbaren te moeten kwalificeeren, omdat terecht van oneerlijke concurrentie mag gesproken worden van den particulieren autobus, die ’s heeren wegen en straten op kosten der overheid stukrijdt, die aan geen dienstvoorschriften, aan geen bijzondere arbeidsvoorwaarden gebonden is en waartegenover een trambedrijf geplaatst is, dat door de ontwikkeling van de wetgeving op het locale vervoer aan handen en voeten gebonden is. De toestand eischt eene spoedige verbetering en met grooten nadruk deed spreker een beroep op de Nederlandsche Vereeniging, om zich het autobusvraagstuk toch spoedig aan te trekken. Zonder een goed gefundeerd optreden tegen den thans heerschenden misstand van de zoo deskundige zijde der Nederlandsche Vereeniging, meende de spreker van de thans ingestelde Staatscommissie-Patijn niet spoedig genoeg verbetering te kunnen verwachten.

De heer Van Geuns uitte zijn waardeering voor de ontvangst der W. S. M., te grooter, nu de omstandigheden zoo weinig tot feestelijkheden nooden. De woorden van den heer Bosman hebben spreker bijzonder getroffen, waar zij uiting gaven aan de zorgen door het autobusvraagstuk veroorzaakt. Aangenaam is het hem daarom te meer, den heer Bosman te kunnen berichten, dat juist den dag te voren de Nederlandsche Vereeniging eene commissie ter bestudeering van het autobusvraagstuk heeft ingesteld. Een bijzonder woord van waardeering wijdt hij te dezer gelegenheid aan den heer Stigter, den administrateur, voor zijn voorbereidend werk.

Het Westland zelf heeft andere redenen tot bezorgdheid en ook daarvan ondervindt de tram den terugslag. De heer Barendse, de voorzitter van de Poeldijksche veilingvereeniging, gaf daarvan in een uitnemende, heldere rede een beeld. Allereerst bracht hij in herinnering welke moeilijkheden de tijden van consenten en telkens verboden uitvoeren hebben medegebracht. Daar werden bijzondere eischen aan het tramvervoer gesteld, eischen, waaraan de heer Röell op zoo’n uitnemende wijze heeft voldaan. Thans echter zijn de bedroevende omstandigheden van onze Oostelijke naburen oorzaak, dat het vroeger zoo omvangrijke direct-doorgaande groentenvervoer naar Duitschland vrijwel volledig tot stilstand is gebracht. ~Niemand Uwer,” zoo zei de spreker, ~zal wel ver-

wonderd zijn, dat ik hier den wensch uitspreek, dat weldra in dien treurigen toestand daar verandering komt! Maar gaarne voeg ik daaraan den wensch toe, dat de Westlandsche stoomtram dan weder haar groot aandeel in het vervoer, dat zij steeds zoo uitstekend verzorgde, moge terugkrijgen en daarmede een tijdperk van wederopbloei voor haar moge aanbreken.” Dit goede getuigenis van onverdachte zijde, deze vriéndelijke wensch vond natuurlijk een grooten weerklank bij de gasten. De directeur, Jhr. Ir. J. Röell voegde aan zijn dank nog verschillende technische bijzonderheden van motorbussen en motorwagens toe, waarvoor hij in de aanwezigen een zeer dankbaar gehoor vond.

En daarmede was, op een kort vervoer naar Den Haag na, de jaarlijksche bijeenkomst weer ten einde. S.

Goedereiiagenten, resp. Kolenlossers en de Invaliditeitswet.

De Raad van Arbeid te Leiden beshste, dat de Noord-Zuid-Hollandsche Tramweg Maatschappij zegels moest plakken voor haar Goederenagenten en Overladers van brandstoffen, niet behoorende tot het personeel der Maatschappij.

De N.Z.H.T.M. kwam op tegen deze beslissingen, doch werd door den betrokken Raad van Beroep in het ongeliik gesteld.

Laatstbedoelde uitspraken werden evenwel vernietigd door den Centralen Raad van Beroep te Utrecht op grond van de hieronder vermelde overwegingen.

Aangezien de overwegingen onder I niet inhouden de gronden, waarop zij steunen, is het noodig tevens de door N.Z.H.T.M. ter zake bij den Centralen Raad van Beroep ingediende Memorie af te drukken.

Misschien kunnen ook andere Tramwegondernemingen met het onderstaande haar voordeel doen, voor het geval zij in gelijke omstandigheden als de N.Z.H.T.M., blijkende uit de hiervoor bedoelde Memorie en Overwegingen, ten opzichte van hare Goederenagenten en Overladers van brandstoffen verkeeren.

Opmerking verdient, dat de feiten en omstandigheden, die m.i. het meest hebben bijgedragen tot een gunstige uitspraak, cursief zijn gedrukt.

Memorie door de N.-Z.-Holl. Tramweg Mij. bij den Centralen Raad van Beroep ingediend.

dat ondergeteekende (N.Z.H.T.M.) ontkent, dat zij de overeenkomst, die den len Februari 1914 tusschen haar en den te Veur wonenden koffiehuishouder A werd gesloten, opgevat wil zien als een overeenkomst van aanneming van werk, omdat zij deze beschouwt als een overeenkomst tot het „verrichten van enkele diensten”, bedoeld in den aanhef van artikel 1637 Burgerlijk Wetboek al mogen de bewoordingen van die overeenkomst doen denken aan een overeenkomst van aanneming van werk, waarvan sprake is in artikel 1637è van het Burgerlijk Wetboek —, doch allerminst als een ~arbeidsovereenkomst”, bedoeld in artikel 1637 a van dat Wetboek,

dat zij niet inziet, waarom de inhoud van de overeenkomst van 1 Februari 1914 zich verzet tegen de opvatting, dat zij er eene is tot het verrichten van enkele diensten, eene uitspraak, die door den rechter in eerste instantie op naar het oordeel van ondergeteekende niet afdoende wijze wordt gemotiveerd.

dat ondergeteekende evenwel ten deze van belang ontbloot acht de vraag, of de overeenkomst van 1 Februari 1914 eene overeenkomst is tot het verrichten van enkele diensten, eene overeenkomst van aanneming van werk of eene overeenkomst van lastgeving, doch dat volgens haar daarentegen uitsluitend ter zake dienende is de beantwoording van de vraag: is zij eene arbeidsovereenkomst, bedoeld in artikel 1637 a van het Burgerlijk Wetboek?

dat de rechter in eerste instantie op gronden, door hem uitvoerig ontvouwd, meent, dat deze vraag bevestigend is te beantwoorden,

dat ondergeteekende deze opvatting niet deelt en ter weerlegging van de door dien rechter ter zake ontvouwde gronden aan voert: