is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1938, 01-01-1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ving is de afstand van Uccle tot het epicentrum op ± 60 km vastgesteld, van de veronderstelling uitgaande, dat de epicentra van hoofdstoot en naschok dezelfde waren, hetgeen niet het geval behoeft te zijn. In De Bilt, waar de energie der beving veel geringer was, is de epicentraal-afstand uit de hoofdbeweging op ± 200 km bepaald.

Beide waarnemingen combineerende, zou een ligging van het epicentrum op 11 km beoosten Doornik volgen. Op andere wijze werd een ligging van 10 km benoorden die plaats afgeleid. Beide methodes van bepaling van het epicentrum zijn uit voorloopige gegevens geconstrueerd, maar kloppen vrij aardig onderling, en bovendien met de ligging der meest geteisterde plaatsen. Echter moet worden opgemerkt, dat de Belgen het epicentrum bij Gent zoeken. Door de bewerking der gegevens van nog andere omringende seismografen zal het epicentrum pas nauwkeurig bepaald kunnen worden.

De oorzaak van de aardbeving, aannemende dat het epicentrum bij Doornik lag, kan volgens prof. Escher een beweging langs een vrijwel verticaal breukvlak geweest zijn, een bewegingsvlak dat te vergelijken is met de breukvlakken, die de horsten en slenken in de Kempen en in Nederland begrenzen. Dat kan dan öf een lengtebreuk zijn, die ongeveer Zuidwest-Noordwest loopt; óf een dwarsbreuk, die vermoedelijk vrijwel loodrecht op die richting staat.

Misschien zal het den Belgischen geologen mogelijk zijn uit de nauwkeurige gegevens der beschadigingen, met inachtneming van alle plaatselijke geologische gegevens, de richting van het breukvlak te bepalen.

Statistiek van de bevrachtingen en de wachttijden in de wilde binnenvaart in Nederland, 1937. — Uit deze publicatie van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt, dat de sinds 1934 geconstateerde daling van de hoeveelheid vervoerde goederen in de wilde binnenvaart in 1937 in een stijging is veranderd. 1934: 9852095 ton; 1935: 9021049 ton; 1936: 8 708 979 ton; 1937: 9886303 ton. 1937 overtreft dus 1936 met 13,5 % en het recordjaar 1934 nog met ruim 0,3 %. Het aantal tonkilometers steeg van 1184416624 in 1936 tot 1360936808 in 1937; de gemiddelde vracht per ton van ƒ 0.95 in 1936 tot ƒ 1.00 in 1937; de gemiddelde vracht in centen per tonkilometer van 0,701 in 1936 tot 0,728 in 1937; bleef echter onder den gemiddelden vrachtprijs per tonkilometer in 1935 (0,766) en in 1934 (± 0,900).

De vermeerdering in de vervrachte hoeveelheid goederen van 1936 en 1937 verdeelde zich vrij gelijkmatig over de districten van ontvangst der goederen. Alleen de districten Breda en Alkmaar vertoonden een lichten teruggang. Anders was dit bij de districten van verzending, waarbij zich enkele opvallende veranderingen voordeden. Bijna 35 % van de vermeerdering van de in totaal verK.N. A. G., LV. 53