is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1941, 01-01-1941

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

breken helaas ook betrouwbare plaatselijke beschrijvingen en critische onderzoekingen aangaande de straatnamen 5). Belangrijke oude steden zooals Maastricht, Dordrecht, Amersfoort of Zwolle, e.a. zijn in dit opzicht nog in gebreke. Ik heb mij bij mijn studies mogen verheugen in een groote vrijheid bij het bestudeeren van de plaatselijke archieven en de welwillende medewerking van de betrokken archivarissen, maar desondanks blijft er nog veel onzekerheid, waarvan ik mij trouwens wel bewust ben.

Een verdere moeilijkheid bestaat in het feit dat men, om de ontwikkeling der steden in feite te begrijpen, haar oorspronkelijke functie in de samenleving moet kennen, terwijl toch juist de functie der oudste kern van een stad eerst langs den weg van een ontleding van den plattegrond kan worden benaderd. De geograaf zal zich daarbij zoo spoedig mogelijk willen vrijmaken van allen zuiver historischen en juridischen ballast, waarmede het vraagstuk van het ontstaan der steden is bezwaard. De kwesties der oudste privileges, der stadsrechten, der eerste vermelding als „civitas" kunnen in dit verband gerust buiten beschouwing blijven. Nergens is een stad uit het niets ontstaan, en zeer zeldzaam zijn in Nederland de voorbeelden waar vorstelijke wilsuiting den aanleg van een stad heeft uitgelokt (zooals in het bekende voorbeeld van 's-Hertogenbosch). De verleening van stadsrechten veronderstelt nagenoeg overal het vóórbestaan van een nederzetting van een zeer bepaald karakter, waar neringdoenden zich hadden gevestigd en waar voor de plattelandsche omgeving een markt als middelpunt van den handel was ontstaan. Slechts bij wijze van uitzondering weten wij iets over den toestand der steden vóór de verleening der stadsrechten. Het beste voorbeeld in dit opzicht lijkt mij Deventer te zijn. Maar ook in andere gevallen weten wij dat aan de verleening van stadsrechten al een stadium van „oppidum" was voorafgegaan, onafscheidbaar van het begrip van een zekere versterking, al was dit in de vroege tijden meestal beslist nog

c) Behalve de, in dit Tijdschrift 2/LII, 193S, pag. 646 aanteek. aangehaalde straatnamenboeken voor Amsterdam, Rotterdam, 's-Gravenhage, Haarlem, Leiden, Delft en Utrecht zijn nog voor de volgende steden onderzoekingen omtrent de straatnamen verschenen:

Nijmegen: Schevichaven, H. D. J. van, Oud-Nymegen s straten, pleinen, open

ruimten en wandelplaatsen. 1896. , .

•s-Hertogenbosch: van Sasse van Ysselt, A. F. O., De voorname huizen en gebouwen van 's-Hertogenbosch. 3 deelen. 1910. ,

Mosmans, J. & A. G. J„ Oude namen van huizen en straten te s-Hertogen-

Zutfen-1Gimberg, J., 7Zutphensche straatnamen. Geldersche Volksalmanak 1904,

Deventer: Houck, M. E„ Gids van Deventer en omstreken. 3e dr igoi. Groningen: Feith, J. A, Wandelingen door het oude Groningen II—IV. De straten en hare namen. Groningsche Volksalmanak 1891, pag. 187 e.v., 1892, pag. 41 e.v., 1893, pag. 203 e.v..

Leeuwarden: W. (d.i. Waringa, N. J.), Tusschen Fl.e en Lauwers CCXUICCLXVIII: Leeuwarden no. 41—67: Naamlijst van straten, wateren, gebouwen, landerijen enz.. Verschenen in de Leeuwarder Courant van 12 September 1936 tot 25 September 1937-