is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1942, 01-01-1942

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den Morvan blijken directe of indirecte gevolgen van de differentieele oprijzing te zijn. De voornaamste directe werking was afdamming van de oude rivierdalen door de oprijzende horsten : hierdoor werd het water zóó hoog opgestuwd dat het over de laagste punten der oude waterscheidingen vloeide en zoodoende een nieuwe afstroomingsrichting vond. Het overtuigendste bewijs voor deze opvatting is het nauwe verband tusschen de ligging van de drooggelegde daltorso's en de breuktrappen, hetwelk geen toeval kan zijn. Verder blijkt de tegenwoordige hoogte der daltorso's in alle gevallen te liggen boven die van de overstroomde waterscheidingen — hetgeen ook geen toeval kan zijn —; het water kan dus voldoende zijn opgestuwd om de vorming van een „overlaat" mogelijk te maken. Tenslotte kan de ontoereikendheid van andere verklaringswijzen voor de meeste gevallen worden aangetoond.

(Wordt vervolgd)