is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1939, 01-01-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de twee systemen van dunne- en beendikke touwen elkaar en worden gewonden kabels nagebootst. Een enkele maal treedt zelfs een derde generatie op en ontstaan uit de kabels trossen, die een golflengte van eenige decimeters bezitten. Tenslotte is de bewegingsmogelijkheid van het oppervlak uitgeput. In luttele minuten is op deze wijze een touwlavastroom van eenige meters lengte tot stand gekomen.

Het inwendige van den stroom is echter nog bewegelijk. Herhaaldelijk gelukt het aan dezen inhoud zijdelings een spleet te openen. De massa die dan voor den dag komt, is kouder en dus veel taaier geworden en puilt nu naar buiten, alsof een groote tube verf uitgeknepen wordt. Het oppervlak plooit niet; slechts een dikke propperige tong van enkele decimeters tot een meter lengte is het resultaat. Dezen vorm van lava noemt men „kussenlava" („Fladenlava" PI. I, 2)- Bernauer heeft kort geleden een samenvatting gegeven over lava-vormen, waar ook vele waarnemingen aan materiaal van den Vesuvius in verwerkt zijn*). Het zou ons te ver voeren zijn belangwekkende resultaten nader te beschrijven.

Wanneer men in den krater de wording van deze oppervlaktevormen van lava heeft bijgewoond, wordt een tocht in het Valle dell' Inferno eerst met recht interessant. Met een camera gewapend over de rijk gevarieerde lava-velden trekkend, heeft men in korten tijd zijn voorraad films verbruikt. Het eene voorbeeld van touw- of kussenlava is nog scherper en sprekender dan het andere en vele details, die men in den krater door dampontwikkeling of hitte (of zooals in mijn geval door wolkvorming) niet rustig heeft kunnen waarnemen, zijn nu nauwkeurig te bestudeeren. Touwlava's zijn afgebeeld op PI- I. fig- 3 en 4, PI- H fig. 2; kussenlava op PI. II, fig. 1. De nauwe verwantschap is aan de innige dooreenmenging te zien, zooals op PI. III, fig. 2, terwijl fig. 2, PI. IV een kussen laat zien dat uit de kern van een touwlavastroom is getreden.

Het merkwaardige is, dat men naast de touwlava's en aanverwante vormingen in het dal onder den Somma-wand, bovendien een geheel ander relief kan bestudeeren. Het betreft hier bijzonder fraaie stroomen van slakkenlava. Een afzonderlijke tong is in een der barranco's op de Vesuviushelling omlaag gestroomd (zie artikel Umbgrove foto 2). De verhoogde randen getuigen nog van het leegzakken en instorten van de, alleen uitwendig verstarde massa. Verder naar beneden is de oudere slakkenlava grootendeels door de jongere touwlava overdekt (PI. IV, fig. 1). Er ligt echter nog genoeg vrij om een goeden indruk te kunnen verkrijgen.

In tegenstelling met den eerst beschreven vorm, is de slakkenlava uitermate moeilijk begaanbaar. Het is of men moet waden door een losse hoop broze en scherpe sintels. Van vaste lava bemerkt men, zelfs aan de randen niets. Elders stuit men op dunne platen, die wild' dooreen gegooid liggen. Op zulke plaatsen heeft men met overgangen

1) F. Bernauer: Bewegungs- und Schwundformen von Laven. Zeitschrift i. Vulkanologie, Bd. 17, 1938, p. 237—275.