is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1939, 01-01-1939

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AARDRIJKSKUNDIG NIEUWS

Uit het jaarverslag over 1938 van den Kolonisatie-raad in Nederlandsch Indië en eenige beschouwingen naar aanleiding daarvan. — In de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 4 en 6 Juni komen twee artikelen voor van een medewerker op Java, welke gedeeltelijk hier zijn overgenomen.

De raad is van oordeel, dat de kolonisatie van Europeanen zich zal moeten ontplooien door verbeteringen op organisatorisch terrein, terwijl verder speciale aandacht besteed dient te worden aan de landbouwbedrijfsoeconomie, aan welk probleem tot nu toe te weinig belangstelling is geschonken.

In verband met het ingewikkelde karakter dezer beide vraagstukken, welke onmogelijk oplossing op korten termijn kunnen vinden, heeft de Kolonisatie-raad het gewenscht geoordeeld, alvorens de toekomstige richtlijnen vast te leggen, eenige proefnemingen te doen uitvoeren, welke nadere gegevens zullen moeten verschaffen omtrent de aanwezige mogelijkheden voor kolonisatie.

Tegelijkertijd werd met de saneering van de bestaande kolonisaties begonnen en een eind gemaakt aan de onvoorbereide en soms weinig systematische wijze van koloniseeren, in het bijzonder op Nieuw-Guinea. De verdere uitzending daarheen is voorloopig opgeschort, evenals die naar de kolonisatie op Poeloe Laoet.

Stand van zaken op Nieuw-Guinea.

Op grond van den ongunstigen toestand, waarin de kolonisaties te Hollandia en Oransbari verkeerden en de sombere vooruitzichten voor deze, werd de Vereeniging Kolonisatie Nieuw-Guinea (V.K.N.G.) aangeraden beide op te heffen. Het bestuur heeft zich daarmede vereenigd, zoodat geen verdere subsidie zal worden uitgekeerd. De vereeniging heeft evenwel het voorbehoud gemaakt, dat de kolonisaties in de Sentani-streek (Hollandia) en Oransbari (ongeveer 55 km bezuiden Manokwari) met eigen middelen in stand gehouden zullen worden, in afwachting van betere vooruitzichten, terwijl haar rechten op de terreinen gehandhaafd zullen blijven.

Wat Hollandia betreft is de liquidatie vrijwel voltooid, slechts enkele personen zijn er nog gebleven. De kolonisatie Oransbari, die nog in een stadium van voorbereiding was, blijft gehandhaafd in de verwachting, dat het gouvernements landbouwbedrijf Ransiki en de Japansche katoenonderneming te Warem, de keuze van Oransbari achteraf nog zal rechtvaardigen.

Dit standpunt van de V.K.N.G. komt niet ongemotiveerd voor, daar de bodemgesteldheid te Oransbari niet ongunstig is, men er aaneengesloten complexen aantreft en het aanvankelijke gemis van een behoorlijke verbinding met de buitenwereld grootendeels