is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1890, 01-01-1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De raad van justitie, rechtsprekende in appel van overtredingzaken door den landraad berecht, mag niet art, 170 Sv., maar moet art. 307 Inl. Regl. toepassen 123

Artt. 167 en 411 Sv. — Art. 28 Staatsblad 1849 no. 25. — Overtredingen burgerlijke stand. — Geen straf bij schuldigverklaring. — Proceskosten.

Bij schuldigverklaring van eenen ambtenaar van den burgerlijken stand aan overtreding van bepalingen van het Reglement in Staatsblad 1849 no. 25, niet elders strafbaar gesteld, is de rechter niet verplicht ter zake dier overtreding straf op te leggen.

Art. 28 van genoemd Reglement bevat eene uitzondering op den algemeenen regel van art 167 Sv.

De rechter bij schuldigverklaring aan zoodanige overtreding den Lande in de kosten veroordeelende, schendt daardoor art. 411 Sv 202

Staatsblad 1880 110. 17 artt. 7 en 9. — Staatsblad 1886 110. 91.— Bediende van den pachter. — Vorderen van te veel rente.

De vraag of iemand moet worden aangemerkt als bediende van den pachter, is van feitelijken aard.

Het verbod om rente boven het bepaalde maximum te vorderen geldt ook voor den bediende en ondergeschikte van den pachter der pandhuizen 318

Vervanging rapporteur. — Artt. 192 en 194 Sv. — Art. 87 R. R. — Belang bij cassatiemiddel. — Art. 88 R. R., 26 A. B. en 167 Sv. — Art. 146 Sv.

Art. 192 en 194 al. 2 Sv. zijn niet geschonden of verkeerd toegepast, wanneer de President zich zeiven als rapporteur heeft aangewezen in de plaats van het door hem als zoodanig benoemde doch door ongesteldheid verhinderde raadslid en de rechter in dat geval het rapport van den President heeft aangenomen.

De getnige in het openbaar mededeelende wat hij krachtens art. 87 R. R. had behooren te verzwijgen, zoo kan wel deze dat artikel geschonden hebben, doch niet de rechter door die verklaring in het vonnis op te nemen.

De beklaagde, die zich tijdig in cassatie heeft kunnen voorzien van een tegen hem gewezen vonnis, heeft geen belang bij het middel, waarbij schending of verkeerde toepassing van wettelijke bepalingen is gesustineerd, op grond dat het vonnis is uitge-