is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1890, 01-01-1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onrechtmatig was, grondende die rechter zijne stelling op art. 574 B. W., hetwelk volgens hem den eigenaar het recht geeft niet om van iederen maar alleen van den onrechmatigen houder de hem toebehoorende zaak op te vorderen ;

dat die uitspraak echter is minder juist, vermits het duidelijke en niet voor tweeërlei uitlegging vatbare wetsartikel, voormeld den eigenaar het onbeperkte recht verleent om de hem toebehoorende zaak van iederen houder op te eischen, zonder dat de wet eischt dat dat bezit van den houder onrechtmatig moet zijn;

dat bijgevolg het vonnis a quo behoort te worden vernietigd en het Hoog Gerechtshof, nu appellant met zijne vordering tegen heide geinlimeerden ontvankelijk is, de zaak ten principale zal behooren te overwegen en daarin uitspraak doen;

O. ter zake,

dat op grond der hierboven bij de behandeling van het eerste niet ontvankelijkhtidsmiddel ontvouwde motieven is gebleken dat noch de le, noch de 2e geïntimeerde, welke ten principale dezelfde verdediging hebben gevoerd, ooit eenig en dus ook niet het door hen gepretendeerd zakelijk recht op het perceel in lite, hetwelk zij occupeeren, hebben gehad;

dat derhalve de door appellant als eigenaar tegen geïntimeerden als occupanten van dat perceel ingestelde vordering, als gegrond op art. 574 B. W., hem behoort te worden toegewezen;

dat eindelijk, alhoewel in het lichaam der conclusie van antwoord in appel de geintimeerden wel hebben aangeboden om, zoo het Hof zulks noodig mocht oordeelen, zekere daadzaken door getuigen en deskundigen te bewijzen, nogtans, daargelaten dat ten gevolge van 's Hofs beslissing ten principale dat bewijs oiseus zoude zijn, op het aanbod geen recht behoeft te worden gedaan, vermits daartpe ten slotte niet is geconcludeerd;

Gelet, behalve op de aangehaalde wetsbepalingen, op art. 58 B. Ev. en de artt. 1 en 8 van Staatsblad 1855 no. 79;

Eechtdoende in hooger beroep,

Ontvangt het appel;

Vernietigt het door den raad van justitie te Soerabaja op den