is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1893, 01-01-1893

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Waar de ingestelde vordering — tusschen inlanders — betreft de afgifte van een woonerf ad f 40, den eischer opkomend uit den boedel van zijn overleden vader, is die gewone rechter het Eegentsohapsgereeht 188

STRAFZAKEN".

HOOG-GE RECHTSHOF YAN NEDERLANDSCH-INDIE,

(E ebste K amek).

CASSATIE.

Erfpaclitsreclit. — Teruggave aan den grondeigenaar. —■

Titel van aankomst.—Art. 720 B. W. jeto. art. 26 Overg. Bep. en Staatsblad 1834 no. 27. — Art. 4 Staatsblad 1885 no. 131.

Afstand van erfpachtsreclit door den erfpachter ten behoeve van den grondeigenaar geldt ook voor dezen als aankomst van erfpachtsrecht.

Van dien afstand moet dus blijken door een acte verleden overeenkomstig art. 26 Ov. Bep. jcto. Staatsblad 1834 no. 27, Overschrijving van een zakelijk recht bevattende behoort die acte op het bij art. 4 der zegelordonnantie vastgestelde zegel te worden opgemaakt 44

Staatsblad 1872—170 en 1892 — 14. — Opium. — Invoer voor geneeskundig gebruik. —■ Artt. 1 en 26 van Staatsblad 1890 —149. — Opiumpacht-reglement. — Invoer van een morphine-praeparaat als geneesmiddel. — Strafbaarheid.

De ordonnantie opgenomen in Staatsblad 1872 — 170, houdende bepalingen omtrent den invoer van opium voor geneeskundig gebruik, sedert vervangen door die opgenomen in Staatsblad 1892 — 14, gold, in tegenstelling van deze laatste, alleen voor particuliere apothekers voorzien van eene akte van toelating tot uitoefening van de artsenijmengkundige praktijk.

Aan niet tot deze categorie behoorende personen b. v. chineesche apothekers was het derhalve niet verboden opium (nl. ruwe of als extract) voor geneeskundig gebruik in te voeren.

Requirant op 7 Juli 1891, mitsdien onder vigeur van het reglement op de opiumpacht Staatsblad 1890 —149, een morphine-praeparaat, tot welks bereiding 9i/ 2 kilo opium was benoodigd geweest, om te strekken tot geneesmiddel, doende invoeren maakte zich niet schuldig aan overtreding van art. 1 van laatstgenoemd Staatsblad.