Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kunnen keercn of bedwingen. Geen vuur en zwaard heeft de ketterijen kunnen uitroeijen. Het zwaard, hetwelk de Waldenzen eeuwen lang vervolgde, heeft zelfs niet hun tijdelijk aanwezen, nog minder' hunne gevoelens kunnen uitroeijen; dezelve werkten in stilte voort en bereidden door eene geheel andere magt, de magt des geestes, de naderhand verder gebragle' Hervorming voor. Zij ontstaken een vuur, hetwelk door alle tijden henen zal branden en tot de wederoprigting aller dingen niet zal ophouden reinigend voort te werken; een vuur, dat de magt, tegen hen gekeerd, hoezeer ook die gebouwd was op het fundament Christus en bestemd om hunne gevoelens ais nietig kaf te verteeren, — dat die vijandige magt zelve als stoppelen in het Godsgebouw, maar hun werk als marmersteen luisterrijk heeft doen kennen. Die brandstapels, waarop joh. huss en anderen van zijne geestesverwanten het leven lieten, konden slechts het ligchaam der martelaren dooden en verbrandden tevens de hand der dwingelandij, die ze had opgerigt. Den onsterfelijken geest der Godsmannen konden zij niet verderven ; deze bleef voortleven, deze bleef spreken, nadat zij gestorven waren, en scheen als eene Phoenix uit hunne asch herrezen en bij hunnen dood in duizenden te zijn opgestaan.

Ook niet door menschelijke wijsheid kan het worden beslist, wal goud en zilver of hooi en stroo is. Wat hebben de pogingen der Jezuïeten vermogt? Wel hebben hunne verderfelijke leerstellingen veel ' onheil geslicht, maar, in plaats van het pleit te beslechten, nog meer het verward. Zij zelve hebben hooi en stroo, — neen, giftige en dorre kruiden aangebragt op het fundament der Kerk, die, Gode lij dank, weldra zelve door het vuur werden aange-

Sluiten