Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den veel Indianen over verschillende dorpen verspreid. Met groot beleid en taai geduld ging Marquette hen ondervragen.

Het resultaat P

Vijf a zes dagen de Missouri stroomopwaarts, zoo zegden de Indianen, ligt een prairie ter breedte van 20 a 30 mijlen in NoordWestelijke richting. Steek je die over, dan bereik je een tweede rivier, die na 10 a 15 mijlen ten Zuid-Westen in een klein meer uitmondt. Daar ontspringt de diepe stroom, die kronkelt naar de Croote Zee van het Westen.

« Naar de Croote Zee van het Westen », besloot Marquette en in zijn blinkende oogen ontvlamde een nieuwe gloed. » Met Gods genade, Jol iet, eens zal mijn berken schuit me voeren naar die zee, naar de volkeren van die nieuwe wereld, die zoo lang reeds zaten in volslagen duisternis. »

De beboschte oevers.

— Sappige pruimen, eh, Miel.

— Ja, en lekker buffelvleesch met berensaus, watertandde de ruwe woudlooper.

Ze keuvelden onder elkaar over het onthaal dat ze, op een goeie tiental dagreizen van de Colf, bij de Indianen genoten, de Indianen met de lange vlossige haarslierten.

— En dat die kerels ons eerst wilden nekken.

— De calumet der lllineezen heeft ons gered, Miel. Marquette heeft ze hoogopgeheven en dadelijk lieten de Indianen hun geweren zakken. De vrede was geteekend.

Al pratend gleden ze voort tusschen de reusachtige witgevlekte berkenboomen, die de oevers beboschten.

In de verte geloei van buffels.

De 33ste breedtegraad. Dicht bij Michigamea, een dorp op den rechteroever.

De aanval.

Daar werd helsche kermis gehouden in het dorp. Huilen en tieren alsof hemel en aarde vergingen. Geen lachspelletje, o neen. Gewapend met bogen en pijlen, met knotsen en schilden kwamen de Indianen toegevlogen naar den stroom. Ze stonden paraat voor den aanval. Met lange prauwen trokken ze, de eenen stroomopwaarts

IHS

Sluiten