Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

Zoo hebben wij afzonderlijk de denkbeelden van paulus omtrent sterven, opstanding en gerigt voor«esteld. Dat dezelve in een naauw verband met elkander slaan, is uil den aard der zaak zeker en ons ook in de ontwikkeling hier en daar reeds genoegzaam gebleken. Maar het is echter van het uiterst belang, om ons het een en het ander wat meer vereenigd in den geest van paulus voor te stellen, daar wij hier vooral eene moeijelijkheid ontdekken, die tot ■verschillende voorstellingen aanleiding gegeven heeft. Het is namelijk de vrrag, wanneer, naar paulus denkbeelden, deze verwachtingen der Christenen voor de loekouist zullen verwezenlijkt worden ? Aan de eene zijde is het, waar wij paulus over sterven hoorden , zeker, dat hij de zalige verandering, die zij verwachten, de heerlijke hoop, die zij te gemoet zien, aan de aflegging des aardschen levens ten naauwsle vastknoopt, zoodat het sterven zelf voor den Christen gewin is, en zij, zoodra zij ontbonden zijn, zich by Christus bevinden; ja zelfs ook dat het nieuwe leven der opstanding uit den dood zeiven ontspruit; en zoo moet dan ook het oordeel des Heeren, waarvan de zaligheid der zijnen het gevolg; is, voor een iegelijk dadelijk na den dood plaats hebben en dus bij opvolging, naarmate de verschillenden den dood ondergaan. Aan de andere zijde evenw hebben wij, bij de beschouwing van paulus denkbeelden over het gerigt, opgemerkt, dat hij hetzelve zie dikwijls voorstelt als op een bepaald tijdstip, op eenen dag des Heeren, bij zijne verschijning, in zijne toekomst, bij de voltooijing van het godsnjk, algemeen over allen gelijkelijk zullende plaats hebben; en

Sluiten