Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cod had het offer van den pater aanvaard : lang al -had hij veriangd, dat zijn lichaam in stukken zou worden gescheurd of verteerd door roofvogels.

Duizenden werden jaarlijks bekeerd door P. de Britto en na het ophouden der vervolging ontlook in Marava een bloeiend katholiek leven. Oriur, waar P. de Britto stierf, groeide tot een belangrijke bedevaartsplaats, vooral sinds hij op 21 Augustus 1853 werd zalig verklaard.

Op het Kerstfeest van 1937 b. v. was het aantal pelgrims niet te tellen; 20.000 waren er zeker. Volksmissies en novenen werden van te voren gehouden en op het feest zelf hadden de negen biechtvaders geen oogenblikje vrijen tijd, want iedereen wilde zoo schoon mogelijk den zalige vieren. De echte Indische volksdevotie toont zich op zulke dagen in al haar kinderlijk vertrouwen, vooral onder de H. Mis en onder de sacraments-processie; deze gelijkt op die van Lourdes, maar dan in een Indisch kader. Wijl de pelgrims naar hun vermogen bijdragen om met muziek, vuurwerk en verlichting aan het feest zooveel mogelijk luister bij te zetten, geeft de omgeving van de kerk met de menigte schapen en stapels kokosnoten eerder het idee van een markt dan van een gewijde plaats.

Talrijk komen er zieken, die hopen hier genezen te worden, terwijl even zooveel anderen er uitkomst vragen in hun moeilijkheden. En nog talrijker komen de vrome vereerders van den martelaar op diens feestdag, 4 Februari, want allen weten dat Indië in hem een machtigen voorspreker heeft.

Met Joannes de Britto telt de Compagnie 24 heiligen en 141 zaligen : 40 Portugeezen, 36 Franschen, 25 Engelschen, 24 Japanners, 19 Spanjaarden ,1 1 Italianen, 2 Hongaren, 2 Polen, 1 Ier, 1 Schot, 1 uit Paraguay, 1 uit Korea en ten slotte den Vlaming Jan Berchmans en den Nederlander Petrus Canisius. Onder deze 161 Jezuïeten zijn 144 martelaren. Buiten Jan de Britto zijn ook de zaligen Rod. Aquaviva en zijn vier gezellen in Indië gemarteld.

Sluiten