Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zij niet, dat hij zich met hen aan de regels van het seminarie onttrekken, maar alleen, dat hij studie en spel broederlijk met hen deelen zou. Nu, daar was Sylvain voor te vinden.

De roeping, die zich vanaf zijn prilste jeugd ontwikkelde, moest een scherpen vorm aannemen. Heimelijk echter wenschte hij noch wereldsheer noch religieus te worden. Naar verre landen te trekken was zijn eenigste ideaal. Toen .Ceneraal de Lamoricière ter verdediging van de pauselijke staten het corps der zouaven oprichtte, vroeg Sylvain in 1863 verlof om met zijn landgenooten mee naar Rome te reizen, maar de weigering van zijn oom verspatte het ideaal in één klap.

Jezuïet,

Wat nu ? Het werd tijd om een beslissing te nemen : hij werd zeventien en het eind van zijn collegejaren naderde. Zulk een ernst maakte hij met het onderzoek, dat hij er ziek van ging worden. Van den morgen tot den avond bad hij in de Meimaand tot Maria en zie — hij voelde zich tot het priesterschap geroepen, zoo plotseling, dat hij aan de echtheid er van niet durfde te twijfelen. De interessante Annalen van de Voortplanting des Celoofs hadden zijn zucht naar het verre onbekende verheven tot het verlangen een missionaris te worden, die aan oervolken het geheim van den éénen God openbaart. Aan Maria beloofde hij in een orde te treden, die haar bijzonder vereerde. Welke ? Een uitsluitende missiecongregatie? Men raadde hem dit af en stelde hem de Compagnie van Jezus voor. Weer dacht en bad hij tot hij besliste : de Compagnie.

23 September 1864 begon hij te Drongen zijn noviciaat. Zoowel de bewondering van zijn medebroeders voor zijn missiekennis als het onverwachte overlijden van Mgr. Van Heule, overste van de missie in Bengalen, en vooral het bezoek van P. De Smet, die vrijwilligers zocht voor zijn missie in het Rotsgebergte, versterkten meer en meer de hoop van Frater Grosjean, dat hij eens ver buiten Europa een onvermoeibaar apostel mocht worden.

Na zijn noviciaat en de twee eerste studiejaren vertrok hij als leeraar naar het college van Bergen. Hoeveel vreugde hij ook

Sluiten