is toegevoegd aan je favorieten.

Noord en Zuid; taalkundig tijdschrift voor de beide Nederlanden, ten behoeve van onderwijzers, ..., jrg 22, 1899, no 2, 01-02-1899

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BLOEMLEZING UIT HET WOORDENBOEK DER NEDERLANDSCHE TAAL.

Tweede Deel. Tiende Aflevering.

Behaaglijk. Zich behaaglijk gevoelen, in de jongere taal soms voorkomende in den zin van: zich op zijn gemak gevoelen , het gevoel hebben van ergens op zijn plaats te zijn , is waarschijnlijk een navolging van het Hoogduitsch, want als afleiding van hem behagen in de thans verouderde beteekenis van : vroolijk zijn, zelfvertrouwen hebben , kan het moeilijk worden opgevat.

Behalve. Dit woord, dat ook voorkwam onder de thans verouderde vormen behalven en behalvens, is een koppeling van het voorzetsel bi in toonloozen vorm met een verbogen naamval meervoud van het substantief halve: zijde, kant. Eigenlijk : aan de zijden , ter zijde, en als adverbiale uitdrukking verbonden met een daarop volgend naamwoord of een daarmede gelijkstaanden bijzin met dat. De beteekenis van behalve is dan eigenlijk: ter zijde gelaten, ongerekend datgene, wat de bepaling uitdrukt. In het Middelnederlandsch kan er ook een voorwaarde mede aangeduid worden; maar in de latere en tegenwoordige taal heeft behalve twee beteekenissen, die van: ongerekend en die van: uitgezonderd. Oorspronkelijk is behalve, gevolgd door een naamwoord, de verbinding van een adverbiale uitdrukking met een casus absolutus , zoodat het woord , volgende op behalve, niet als een onderwerp, voorwerp of bepaling kan worden beschouwd van het gezegde van den geheelen zin, b.v.: Loosjes, Sist. van Mej. Sus. Bronkhorst, Y. 391 .• Behalve een Jcleine ramp die hein op zijn uitreis bejegende, en hem te Cork noodzaakte linnen te loopen, heeft hij alles voorspoedig getroffen.

Deze constructie is thans verouderd. Het naamwoord duidt thans altijd een persoon of een zaak aan , komende bij of behoorende tot andere, te voren of daarna genoemd. Staat de naam van die andere personen of zaken in een verbogen casus, dan is dit ook het geval met het woord, volgende op behalve, en behalve kan dan beschouwd worden als een voorzetsel; vandaar dat het in de spraakkunsten dikwijls onder deze soort van rededeelen wordt vermeld. Haar het gebruik wil, dat het woord na behalve als nominatief